Wansmaak voor gevorderden

Dana Linssen legt uit hoe je van hele slechte en bizarre cultfilms toch kunt genieten – zelfs als daar liters nepbloed in verspild worden

WANSMAKELIJK: volop aliens en schaarsgeklede dames op de ‘Nacht’

Nacht van de wansmaak(Dutch Filmworks)Extra’s: Films:

Toen deze zomer de Maarten ’t Hart-verfilming Het woeden der gehele wereld uitkwam, kostte het de recensenten geen enkele moeite om de film linea recta door te verwijzen naar ‘De nacht van de wansmaak’, het rondreizende cultfilmcircus met fragmenten en trailers uit een alternatieve filmgeschiedenis van louter dieptepunten. Dat het inmiddels voor de doorsnee filmliefhebber geen probleem meer is wansmaak te herkennen, zegt wel iets over het salonfähig worden van het begrip. En daarmee over de inwisselbaarheid van hedendaagse opvattingen over ‘smaak’ en ‘wansmaak’. Een beetje jammer is het wel. Want als slechte smaak plotseling voor goede smaak wordt aangezien, dan blijft er weinig meer over om je tegen (en mee!) af te zetten. Hoe lang duurt het, kortom, voordat er als derde deel in een reeks dvd’s waarin nu De nacht van de wansmaak 2: More of the Very Best verscheen, een collage opduikt van films die ‘zelfs te slecht voor De nacht van de wansmaak’ waren?

Enfin, dat is verder bloederig voer voor cultuurpessimisten, want zodra gastheren Jan Verheyen (alias Max Rockatansky) en Jan Doense (oftewel Mr. Horror) aan het woord komen in hun korte introducties op brokjes film die je bizarste fantasieën te boven gaan, geef je je gewonnen. Je geniet van sukkelachtige sciencefiction (man in gevecht met enge knutsel-aliens: „No, I am a human being from the Planet Earth’’), moordlustige menseneters (Emanuelle and the Last Cannibal: „Slaagt er moeiteloos in noch opwindend noch spannend te zijn’’, een ware aanbeveling in het jargon van de wansmaak-o-fiel) en zelfs („als je maar diep genoeg dregt in de riolen van de filmgeschiedenis’’) concentratiekampfilms. Voor een film als Ilsa, de wolfin van de SS gingen halverwege de jaren zeventig in Nederland en Vlaanderen zo’n 600.000 mensen naar de bioscoop.

Natuurlijk, voor wansmaak hebben we nu rotten.com en al z’n navolgers en de homevideo’s op youtube.com, die Bananasplit bleekjes doen uitslaan. Maar een verschil is er wel met het moderne leedvermaak en griezelgedoe. De meeste filmmakers uit de anti-canon van Verheyen en Doense wisten dondersgoed dat ze geen hoogstaande filmkunst aan het maken waren. Maar ze hadden het handwerk perfect in de vingers. Met circa tweehonderd andere porno-, horror- en andere genrejuweeltjes op hun naam, wisten ze echt wel waar de camera moest staan en hoe je met één liter nepbloed een hele cast en een paar figurerende crewleden erbij kon besmeuren.

Wat ging er dan mis in deze films? Is het de voorliefde van de ene regisseur voor een hysterische clavecimbelsoundtrack? Van de andere voor seks met exotische dieren? Van een derde voor zaklantaarnbelichting en dialogen die dan nog eens uitleggen wat we in het donker niet kunnen zien? Van weer een ander voor doorgedraaide plots over loslopende handen? Al deze films hebben één ding gemeen en dat is dat ze geen remmingen kennen. Een beetje wansmaakfilm verspilt niet alleen bloed, maar ook andere lichaamsvloeistoffen, offert niet alleen een monster en een onschuldige maagd op, maar ook de halve wereldbevolking en dat alles met het motto: ‘It’s an unbelievably terrifying experience but you must see all this for yourself.’

Dat kan, want ‘De nacht van de wansmaak’ toert weer door het land.

‘De nacht van de wansmaak: The final chapter’ toert vanaf 29 oktober door de Nederlandse filmtheaters. Voor meer informatie zie: www.denachtvandewansmaak.nl en www.filmevents.nl
    • Dana Linssen