Ja, dat zou Osama wel willen

De Amerikaanse inval in Irak was verkeerd. Maar Irak overhaast verlaten zou nog erger zijn. De enige die er garen bij spint, zijn de jihad en Al-Qaeda, betoogt Peter Bergen.

Het Franse gezegde ‘Dit is erger dan een misdaad, het is een blunder’ – vaak toegeschreven aan Talleyrand – is heel toepasselijk als omschrijving van de Amerikaanse inval in Irak. Maar als de VS zich nu opeens volledig uit dat land zouden terugtrekken, zoals door een groeiend koor van critici wordt geëist, zou een blunder ontaarden in een regelrechte ramp.

Wie het waarom wil begrijpen, moet naar de geschiedenis kijken. Over de discussie over Irak hangt dikwijls de schaduw van Vietnam. Maar een betere parallel is wat er na de sovjet-inval in Afghanistan gebeurde. In de jaren tachtig pompte Washington miljarden dollars in het Afghaanse verzet. Maar rond de tijd dat Moskou zich in 1989 terugtrok, sloten de VS hun ambassade in Kabul en hielden zich grotendeels afzijdig van de burgeroorlog die volgde en de opkomst van de Talibaan en Al-Qaeda. We mogen in Irak diezelfde fout niet nog eens maken.

Een algehele terugtrekking uit Irak zou de jihad in de kaart spelen. Zoals de rechterhand van Osama bin Laden, Ayman al-Zawahri, kort na 11 september 2001 duidelijk maakte in zijn boek Ridders onder de banier van de profeet, is het belangrijkste strategische doel van Al-Qaeda om in de moslimwereld de macht te grijpen. „De strijd tegen de vijanden van de islam en het voeren van een jihad tegen hen vereist een moslimgezag, gevestigd op moslimgrondgebied”, schreef hij.

En er is geen vruchtbaarder bodem daarvoor dan de gebieden in Midden- en West-Irak met een sunnitische meerderheid. Abu Musab al-Zarqawi – de meest gevreesde rebellenleider in Irak – deed Bin Laden een uitnodiging toen hij zijn groepering ‘Al-Qaeda in Irak’ noemde. Toen Zarqawi dit jaar werd gedood, zwoer ook zijn opvolger, Abu Hamza al-Muhajer, trouw aan de Al-Qaeda-leider.

Nog een problematische kant aan een algehele Amerikaanse terugtrekking is dat deze precies zou passen in de voornaamste stelling van Osama bin Laden over de Amerikaanse buitenlandse politiek. Volgens hem is Amerika een papieren tijger die zich geen body bags kan veroorloven; ter onderstreping hiervan verwijst hij naar de terugtrekking van de Amerikaanse troepen uit Libanon in 1984 door president Reagan en naar het besluit van president Bill Clinton zo’n tien jaar later om zijn troepen uit Somalië weg te halen. Een terugtrekking uit Irak zou deze analyse van de Amerikaanse zwakte alleen maar bevestigen.

Zawahri stuurde Zarqawi in 2005 zelfs een brief – onderschept door het Amerikaanse leger – waarin hij hem opriep zich gereed te houden voor eenzelfde Amerikaanse terugtrekking als dertig jaar geleden uit Vietnam. „De tijd na de instorting van de Amerikaanse macht in Vietnam – en hun vlucht met achterlating van hun agenten – is het bestuderen waard”, schreef Zawahri. „Daarom moeten we nu al klaar zijn om te beginnen, voordat we worden ingehaald door de gebeurtenissen en voordat we worden verrast door de complotten van de Amerikanen en de Verenigde Naties en hun plannen om het vacuüm achter zich op te vullen.”

Ja, het lijdt weinig twijfel of het Amerikaanse geknoei bij de bezetting van Irak is de kritieke factor geweest die het Iraakse verzet heeft aangewakkerd. Maar als de VS nu hun handen van het land aftrekken, dan krijgen de Al-Qaeda-leiders wat ze willen. Daarmee is niet gezegd dat maar gewoon op dezelfde voet moet worden doorgegaan. Amerika moet de pretentie laten varen dat het van Irak een werkende democratie kan maken en de burgeroorlog kan beëindigen. In plaats daarvan moeten we ons richten op een minimalistische definitie van onze belangen in Irak: te voorkomen dat er een militante sunnitische ministaat opkomt waarin Al-Qaeda de kans krijgt zich te hergroeperen.

Hoewel de terugtrekking van een aanzienlijk aantal Amerikaanse militairen uit Irak de opstandigheid waarschijnlijk al zal temperen, zal er nog jarenlang een troepenmacht in Irak moeten blijven om ‘Al-Qaeda in Irak’ te vernietigen. Dit is uitvoerbaar door de Amerikaanse aanwezigheid minder zichtbaar te maken, door de troepen terug te trekken naar bases in Midden- en West-Irak en door de jacht op militanten aan speciale troepen over te laten. We zouden anders geen lessen trekken uit de geschiedenis, lessen die Al-Qaeda zeker niet vergeten is.

Peter Bergen is verbonden aan de New America Foundation. Hij is schrijver van ‘The Osama bin Laden I Know: An Oral History of Al Qaeda’s Leader’.

    • Peter Bergen