Het gedonder over schaatsreclames moet nu over zijn

Een open dag, voor de bond een nieuw contract met de hoofdsponsor en voor de profschaatsers een eigen sectie bij de vakbond voor topsporters, NL Sporter – harmonie in schaatsland.

De Nederlandse schaatsers werden gisteren in ijsstadion Thialf belaagd door tientallen jonge handtekeningenjagers. Voor het eerst hielden de Nederlandse schaatsbond (KNSB) en de commerciële ploegen een open dag voor aanvang van het seizoen en toonden aan dat de onderlinge verstandhouding is verbeterd. Vooraf ging het nog even over „gedonder over haarbanden en reclame op de boarding”.

Ongeveer vierduizend bezoekers, voornamelijk kinderen en hun ouders, waren afgekomen op het aanbod de nationale schaatstop in Heerenveen van dichtbij te zien. Bij clubs in het betaald voetbal is een open dag al jaren traditie, en met de komst van sponsorploegen moeten ook schaatsers eraan geloven: een voorstelronde, een open training en een handtekeningensessie.

Voordat de fans Thialf betraden, werd bekend dat de KNSB, hoofdsponsor Aegon en de commerciële ploegen bij de NK afstanden in Assen een samenwerkingsovereenkomst voor vier jaar ondertekenen. Tot de Olympische Spelen van 2010 in Vancouver wordt jaarlijks ruim twaalf miljoen euro in de nationale schaatssport gepompt, waarvan de helft wordt opgebracht door Aegon. Het leeuwendeel daarvan is bestemd voor het langebaanschaatsen.

Ruim een week voor het schaatsseizoen is nog geen contract ondertekend, en dus schudden de drie partijen elkaar gisteren enigszins onwennig de hand in Thialf. De open dag was het eerste resultaat van de moeizame onderhandelingen over bijvoorbeeld merklogo’s op de schaatspakken. „Het gedonder over reclame en andere ongein moet nu wel over zijn”, vond directievoorzitter Johan van der Werf van Aegon. „Voor de komende vier jaar is dat geregeld.”

In het vervolg zijn ook schaatsers betrokken bij de onderhandelingen. De rijders, die eerder in het olympische jaar geen kans zagen tot een akkoord te komen, hebben een eigen sectie bij NL Sporter opgericht. De sportersvakbond draagt zorg voor bijvoorbeeld pensioenen, verzekeringen en prijzengelden van de schaatsers.

„De sporters willen betrokken worden bij dingen die juist hen aangaan”, zei bestuurslid Jochem Verberne van de NL Sporter, een voormalig olympisch roeier die als woordvoerder van de schaatsers optreedt. „We willen geen bommetje gooien of ruzie zoeken, maar constructief meedenken.”

Want het laatste stapje moet nog worden gezet, beseft Mark Tuitert, lid van de rijdersraad van de schaatssectie en de Europees kampioen allround (2004). „Zoiets is nooit weg, ook al is voor schaatsers veel geregeld in Nederland. We hebben niks te klagen, maar je kunt hier beter mee beginnen als het goed gaat. Sponsors komen en gaan en wij willen in de toekomst invloed kunnen uitoefenen.”

Vooralsnog gaan zesentwintig schaatsers gebruikmaken van de diensten van de vakbond, waar NL Sporter een minimum aantal aanmeldingen van 25 als voorwaarde stelde. Verberne: „De aangemelde rijders behoren tot de topdertig van Nederland. Nu willen we ook de schaatsers tussen plaats dertig en zeventig benaderen. Je moet geen onderscheid maken tussen ploegen of niveau.”

In de afgelopen jaren werden de belangen van schaatsers meer dan eens verdedigd door sportmarketeer Patrick Wouters, die in 1995 met Rintje Ritsma de eerste commerciële schaatsploeg (Sanex) in Nederland opzette. „Vanuit mijn functie als manager bij TVM weet ik wat schaatsers wilden. Ik juich dit plan zeker toe”, zei hij. „Binnen de nieuwe overeenkomst van de KNSB is een prijzenpot voor de schaatsers opgenomen van één miljoen euro. Dat is gereserveerd voor de atleten. In zulke gevallen komt een vakbond van pas.”

Met prijzengelden hielden de vakantievierende kinderen zich niet bezig. Ireen Wüst en Sven Kramer waren het meest in trek voor high fives van achter de reclameborden, maar ook oud-schaatsers Annamarie Thomas en Bart Veldkamp bleken populair. Shorttrack heeft echter een inhaalslag te maken bij de schooljeugd: „Mam, wat doen ze op die andere ijsbaan?”

    • Michiel Dekker