Wallonië ziet zwart van de vuile handen

Wallonië is al jaren in de ban van corruptie onder politici.

Maar de ontgoocheling is groot nu ook de ‘schoon’ gewaande burgemeester van Charleroi verdacht blijkt.

„Nu kan niets ons nog verbazen”, zei het Waalse socialistische parlementslid Ingrid Colicis gisteren in dagblad De Morgen naar aanleiding van de jongste corruptieschandalen in Charleroi.

Vrijdagavond werd in de grootste stad van Wallonië burgemeester Jacques van Gompel aangehouden. Een dag later diende hij vanuit de cel zijn ontslag in. ‘Van Gompel, ook hij?’, was in eerste instantie de ongelovige reactie van diverse Waalse politici.

Uitgerekend Van Gompel was in mei aangewezen als de man die voorgoed schoon schip diende te maken. De ruim 200.000 inwoners tellende industriestad wordt al jaren geteisterd door smoezelige affaires.

„Laten we wachten tot we een precieze kijk op de zaak hebben”, zei minister-president en partijleider van de Waalse socialisten Elio di Rupo zaterdag. Maar maandag was dat voorbehoud verdwenen. „Het bureau van de Socialistische Partij (PS) is duidelijk misbruikt”, luidde zijn oordeel.

Dat was nadat de procureur des konings, Christian De Valkeneer, op een persconferentie uitvoerig verslag had gedaan van de bevindingen die hadden geleid tot de aanhouding van burgemeester Van Gompel.

Het bestuur van Charleroi had zich bezondigd aan „een totale vervalsing van het spel van de vrije concurrentie”, aldus de aanklager. Door gemeentelijke opdrachten op te delen in kleine projecten konden openbare aanbestedingen, die boven een bepaalde aanneemsom noodzakelijk zijn, worden vermeden. Hierdoor was het mogelijk opdrachten door te spelen aan bevriende ondernemers.

Ook de overige bevindingen passen allemaal in de categorie ‘klein gekrabbel’: een cv-ketel op kosten van de stad voor de topman van een huisvestingsmaatschappij, facturen voor niet geleverde diensten, enzovoort.

Niet dat Van Gompel dit allemaal zelf had gedaan, maar hij had het wel toegelaten. Want voor de gerechtelijke onderzoekers is het zonneklaar dat de burgemeester van het gesjoemel afwist en er stilzwijgend mee heeft ingestemd door begrotingswijzigingen goed te keuren waarmee de illegale handelingen onder een andere noemer in de boeken kwamen.

Nieuw is het allemaal niet. In Wallonië en dus ook in Charleroi doen al jarenlang verhalen de ronde over uit de hand gelopen ‘dienstbetoon’. Het is in de lokale politiek heel normaal dat kiezers politici benaderen met persoonlijke problemen. De ombudsmanfunctie van gekozenen is groot. De lijn tussen hulp en bevoordeling in ruil voor politieke steun is dun.

Politieke benoemingen zijn schering en inslag. Omdat er ook nog sprake is van één dominante partij – in Wallonië de PS – ligt corruptie op de loer. Niet voor niets wordt over Charleroi gesproken als ‘le pays noir’ van de socialisten.

De jongste ontwikkelingen zijn een gevoelige nederlaag voor Elio Di Rupo, de man die sommigen zagen als de toekomstige premier van België. Vorig jaar greep Di Rupo hard in toen hij als partijvoorzitter de Waalse minister-president Jean-Claude Van Cauwenberghe de laan uitstuurde. Diens advocatenkantoor bleek een in opspraak geraakt huisvestingsbureau te hebben verdedigd.

Het was een gedurfde zet van Di Rupo, die zelf minister-president werd, want de invloedrijke Van Cauwenberghe had in Wallonië een enorme machtsbasis opgebouwd. Dat is de voorbije maanden wel gebleken, want ondanks de zuiveringsactie van Di Rupo trekt ‘Van Cau’ achter de schermen nog altijd aan de touwtjes. En dat kan hij doen, omdat velen in Wallonië schatplichtig aan hem zijn.

Het aantal vuile handen is zó groot, dat er bij een echte zuiveringsactie nauwelijks iemand overblijft, wordt gezegd. Dat hebben de ‘vernieuwers’, zoals het parlementslid Colicis, ondervonden. Ze noemde de PS in Charleroi „verrot” en „aangetast door huiszwam”. Op de lijst voor de raadsverkiezingen kreeg Colicis een 13de plaats toebedeeld. Ver onder die van de zoon van Van Cauwenberghe.