Loodzware ernst in plausibele dystopie

Children of Men. Regie: Alfonso Cuaron. Met: Clive Owen, Clare-Hope Ashitey, Julianne Moore . In: 30 bioscopen.

De toekomst lijkt steeds meer op het heden. Was het vroeger in sciencefictionfilms gebruik om een hele andere wereld te veronderstellen, nu lijkt die wereld verdacht veel op de onze. Geen revoluties meer maar evolutie. In Children of Men drinkt men in Londen nog steeds koffie uit kartonnen bekers en rijdt men auto. De toekomst is dan ook maar tot 2027 gevorderd. Ook de problemen zijn dezelfde als nu, alleen een flink stuk erger. Vluchtelingen komen nu helemaal het land niet meer in, en als ze dat toch gelukt is en ze gepakt worden, dan worden ze opgesloten in kooien. Engeland functioneert nog als staat, maar het is wel een dictatuur geworden.

Het gekste van Children of Men is dat het bijzondere idee van de film weinig invloed heeft op deze dystopie, op het straatbeeld noch op de politiek. In 2027 is de mensheid onvruchtbaar geworden. Er zijn al achttien jaar geen kinderen meer geboren. Maar zonder dit verschrikkelijke feit is deze dystopie al heel aannemelijk.

De infertiliteit zet wel de plot in gang en biedt veel ruimte voor katholieke symboliek. Regisseur Alfonso Cuarón kijkt niet op een onsje kitsch meer of minder. Hij maakte eerder onder meer Y tu mama también. De zonnige kant van die film ontbreekt hier. Alleen Michael Caine zorgt als overjarige hippie die marihuana verbouwt bij zijn schuilplaats op het platteland voor een komische noot.

Verder houdt Children of Men, het bij de loodzware ernst die in dit soort sciencefiction gebruikelijk is. De actiescènes die zich afspelen in een belegerd vluchtelingenkamp zijn op zo’n manier uit de hand opgenomen dat het wel Beiroet of Sarajevo lijkt. Cameraman Emmanuel Lubezki schoot veel scènes in één take en filmt Engeland in zo’n grijs licht dat een geboorte inderdaad een wonder lijkt.