Welkom in Berlijnse bunkers: een ondergronds verzetje

Sinds een paar jaar zijn de gangen die Hitler 65 jaar geleden onder Berlijn liet aanleggen te bezoeken. Mark Schenkel ging kijken. Is hij een ‘Bunkerküsser?’

BERLINER UNTERWELTEN: Zo zien de op last van Hitler gebouwde bunkergangen onder Berlijn er uit; ze zijn ontsloten door vrijwilligers, die ook adviseerden bij de Hitlerfilm Der Untergang
BERLINER UNTERWELTEN: Zo zien de op last van Hitler gebouwde bunkergangen onder Berlijn er uit; ze zijn ontsloten door vrijwilligers, die ook adviseerden bij de Hitlerfilm Der Untergang

Het gietijzeren toegangshek valt knarsend dicht en sluit het heden buiten – we zijn in Berlijn, oorlogsjaar '45. Een bunker, opgetrokken uit metersdikke muren van gewapend beton. Vlechtwerk van verwrongen staal. Dichtgemetselde vensters. Alles onaangetast, in weerwil van het verloop van zestig jaren. Het licht is schaars, de lucht koel. Scheefgezakte pilaren getuigen van de mislukte poging van de Britten om direct na de oorlog de boel op te blazen. Het zwakke schijnsel van een bouwlamp begeleidt een twintigtal bezoekers bij hun afdaling langs steile wenteltrappen. Gemompel echoot door de kale gangen, voetstappen tikken op ijzeren rasters. Beneden wachten de schuilkelders.

Welkom bij Berliner Unterwelten. Sinds 1999 neemt deze vrijwilligersorganisatie nieuwsgierigen mee door het onderaardse Berlijn uit de Tweede Wereldoorlog en de Koude Oorlog. Tegen een vergoeding tonen de hobby-historici aan bezoekers het labyrint van atoombunkers, schuilkelders en metrostations dat decennialang onaangeroerd onder Berlijn heeft gelegen. De vereniging gebruikt de opbrengsten voor het renoveren en openstellen van historische locaties – zoals de schuillocatie die vandaag op het programma staat.

gigantische bunkers

Op persoonlijk bevel van Adolf Hitler werd Berlijn aan het begin van de Tweede Wereldoorlog voorzien van gigantische bunkers. De schuilplaatsen, met op het dak grote luchtafweerbatterijen, moesten de inwoners van de Reichshauptstadt beschermen tegen de geallieerde bommen. De bescherming ten spijt eisten de Britse en Amerikaanse luchtaanvallen op Berlijn tussen de 11.000 en 50.000 levens – onaangevochten getallen zijn er niet. Anderhalf miljoen Berlijners raakten dakloos.

Naarmate de oorlog vorderde en steeds meer Berlijners hun huis verloren, ging het leven zich meer en meer afspelen in de bunkers. Weken-, soms maandenlang verbleven vrouwen met hun kinderen ondergronds. Gewonde militairen kregen er verzorging. Kort voor het einde van de oorlog raakten de bunkers overbevolkt: tienduizenden Berlijners zochten er toevlucht voor de aanstormende Russen. Zo bood de bunker die vandaag op het programma staat in april '45 onderdak aan 50.000 mensen – de bouwplannen gingen uit van maximaal 15.000 mensen.

De geallieerde bommencampagne heeft het werk van Berliner Unterwelten ironisch genoeg geen windeieren gelegd. Toen de vere vrijniging in de jaren negentig de renovatie van de decennialang verwaarloosde locaties ter hand nam, stuitte zij nog op felle kritiek. Het stadsbestuur van Berlijn verdacht de vrijwilligersclub van rechtse sympathieën. Het blootleggen van oorlogsbunkers zou bedevaartsoorden creëren voor neo-nazi’s. „We werden versleten voor ‘Bunkerküsser’ ’’, zegt Unterwelten-voorzitter Dietmar Arnold, „en voor ‘Betonromantiker’ ’’. Drie jaar geleden kantelden de verhoudingen echter „honderdtachtig graden’’, aldus Arnold. „De relatie met het stadbestuur is nu zeer goed.’’

bombenkrieg

Berliner Unterwelten profiteerde van het debat dat eind 2002 in Duitsland losbarstte over de vraag, of de geallieerden met hun bombardementen op de Duitse burgerbevolking eigenlijk niet enorme misdaden hadden begaan. Aanleiding voor dit debat was Der Brand, een polemisch boek van de Duitse historicus Jörg Friedrich. Diens werk leest als een langgerekte aanklacht tegen de geallieerden. Met hun Bombenkrieg hebben de Britten en Amerikanen opzettelijk meer dan 600.000 Duitse burgers de dood in gejaagd, stelt Friedrich. Hoewel hij is bekritiseerd omdat zijn nadruk op de geallieerde daderrol bedoeld leek ter relativering van de Duitse oorlogsschuld, heeft zijn werk bijgedragen aan het besef dat de Duitsers meer waren dan alléén maar dader.

„Ik heb bij de opnames van Der Untergang, de film over de laatste dagen van Hitler in de Führerbunker, geadviseerd over het decor’’, illustreert Arnold de huidige salonfähigkeit van zijn organisatie. Berliner Unterwelten werd bovendien door de stad Berlijn betrokken bij het besluit om de locatie van de voormalige Hitler-bunker te markeren in het Berlijnse straatbeeld. De vereniging stelde een tekst samen voor op het informatiepaneel. In juni is het geplaatst.

De toegenomen acceptatie blijkt ook uit de bezoekersaantallen: 60.000 in 2005. „Zes jaar geleden waren het er nog 3.000’’, zegt Arnold. Deze zomer was zelfs bondspresident Horst Köhler te gast onder de grond.

afweerbatterijen

Terug naar de luchtbunker. Eenmaal buiten valt op hoe sterk de bunker, die op een heuvel staat, is opgeknapt. De hoektorens, waar destijds de afweerbatterijen stonden, zijn keurig herbestraat. Als uitkijkpost bieden zij nu een weidse blik op Berlijn. De lokale alpinistenclub maakt dankbaar gebruik van de gegroefde buitenmuren van het bijna vijftig meter hoge betonblok. Ouders met kinderen picknicken aan houten tafels tussen het groen.

Vijfhonderd meter verderop. Opnieuw verzamelen zich zo’n twintig man, nu midden op straat. Geklets en gelach. Plots zwaait een metalen deur open. In een mum van tijd dalen de bezoekers de trappen af, tot acht meter onder de grond. Met een doffe dreun valt de stalen deur achter hen dicht – TL-buizen verlichten een kale ruimte met witte wanden. Wat van buiten nog een transformatorhuisje leek, blijkt in werkelijkheid de ingang tot een atoombunker.

Drieduizend inwoners van West-Berlijn moesten hier decennialang een veilig heenkomen kunnen vinden. Een vitrine met Notvorrat voedsel herinnert aan de permanente dreiging die tijdens de Koude Oorlog uitging van de luttele kilometers verderop gestationeerde kernkoppen van het Warschaupact. Margarine, sardientjes en ananas in blikjes met jaren-zestig-motief liggen op een glazen plaat.

Een tekening toont het bouwjaar van de bunker: 1941. Dat het schuilcomplex na de oorlog meteen dienst kon doen in het volgende conflict, bezorgt de bezoeker dat gevoel van opwinding dat zo kenmerkend is voor Berlijn: het besef dat op één plek meerdere lagen uit het verleden samenkomen, Derde Rijk èn Koude Oorlog.

ondergrondse deling

De excursie werpt ook licht op een onbekend, maar spannend aspect van de Duits-Duitse geschiedenis: de ondergrondse deling. Zwart-witfoto’s tonen beelden van rioolbuizen, waterleidingen en onderhoudstunnels die worden dichtgemetseld, nadat het DDR-regime in 1961 had besloten tot de bouw van de antifaschistischer Schutzwall. Een ondergrondse Berlijnse Muur kortom, om iedere vlucht naar de democratie te beletten. Na de val van de bovengrondse Muur in 1989 werden de beide stadshelften ook onder de grond weer met elkaar verbonden.

De gids vertelt over het verschijnsel van de Geisterbahnhöfe, oftewel ‘spook-stations’. Sommige metrostations in het voormalige Oost-Berlijn werden tijdens de deling niet aangedaan door metro’s die tijdens hun tocht van en naar een westers station over Oost-Berlijns grondgebied reden. De wagens moesten doorrijden, om te voorkomen dat Oost-Berlijners op de metro sprongen en ontsnapten. West-Berlijners wierpen in het voorbijgaan snoepgoed uit het raampje, of verboden literatuur. Voor de gelukkige Oost-Berlijnse vinder. In 1990, toen de stations voor het eerst in dertig jaar opengingen, troffen de medewerkers van Unterwelten talloze verpakkingen en tijdschriften aan.

Opeens bevinden de bezoekers van vanmiddag zich weer in het heden. Op een metrohalte, zoals er zo veel zijn in Berlijn. Betonnen vloeren, grauwe muren. Van de buitenkant blijkt uit niets dat achter een van de muren een bunker schuilgaat. Rap verdwijnen de bezoekers door een smalle deur naar binnen. Onder kunstmatig licht wachten slaapzalen vol metalen veldbedden met wit dekzeil als matras. Hier moesten duizenden West-Berlijners overleven bij een communistische atoomaanval. Er is zelfs een operatiekamer, volledig intact.

Na een korte preek van de gids – „besef dat we blij mogen zijn dat de Koude Oorlog nooit warm is geworden’’ – verdwijnen de bezoekers door de smalle deur weer naar het metrostation. Voorbijgangers vragen zich zichtbaar af waar zij zo opeens vandaan komen.

Een rondleiding van Berliner Unterwelten duurt circa 90 minuten. De prijs varieert van 7 euro tot 9 euro. Voor excursiedata en verdere informatie kijk op www.berliner-unterwelten.de