‘Leiden moet trots zijn op basketballers’

BS Leiden wil in de Vijf Meihal oude tijden laten herleven. In 1978 werd de basketbalclub kampioen. Over vijf jaar moet een nieuwe generatie die pres-tatie evenaren.

Kleine kleedkamers, de veelkleurige belijning op de speelvloer, ontbrekende ontvangstruimtes en een wel heel nauwe ingang maken de Vijf Meihal in Leiden eigenlijk ongeschikt voor eredivisiebasketbal. Maar met dispensatie van de Nederlandse Basketbalbond (NBB) maakt een roemruchte club dit seizoen zijn rentree op het hoogste niveau. Leiden won, verrassend genoeg, drie thuiswedstrijden in acht dagen.

Ton Kallenberg (77) is één van de toeschouwers bij de wedstrijd tegen Rotterdam Basketbal. Hij richtte op 23 september 1958 Bona Stars op, de schoolbasketbalclub van het Bonaventura Lyceum. De gepensioneerd gymnastiekleraar woont nog altijd schuin tegenover de Vijf Meihal en maakte het eerste eredivisieavontuur van Leiden mee, van 1967 tot en met 1986, toen de club door sponsorproblemen van het hoogste podium verdween. Met Parker als geldschieter beleefde de club zijn vijf gloriejaren. „Een fantastische periode. Leiden speelde toen al met zeven Amerikanen”, vertelt Kallenberg. „Voor die tijd was Parker een grote hoofdsponsor, waardoor we de strijd aankonden met de topclubs van Nederland.”

Leiden werd bekend door de volle en snikhete Vijf Meihal, het landskampioenschap in 1978 en de rivaliteit met Nashua uit Den Bosch, die door fans ook wel buiten de lijnen werd uitgevochten. De club vestigde in 1979 een Nederlands record van bijna elfduizend toeschouwers bij een basketbalwedstrijd, toen Leiden en Den Bosch elkaar troffen in de Groenoordhallen.

De ‘Parker-jaren’ maakten een onuitwisbare indruk op Tjeerd Scheffer, die met vier andere toenmalige vaste bezoekers het initiatief nam eredivisiebasketbal in Leiden na twintig jaar nieuw leven in te blazen. Een gemankeerde sporthal was niet het enige probleem van de begin dit jaar opgerichte topsportstichting. Toen het vijftal in februari de ambities bekendmaakte was er geen hoofdsponsor, geen coach en geen team.

„Maar het begint bij visie”, zegt Scheffer, voormalig directeur van de VVV in Leiden, na afloop. „Als je de steden zelf niet meerekent, is de driehoek Rotterdam-Amsterdam-Utrecht karig bedeeld met topsport. Met ADO Den Haag, FC Haarlem en een paar hockeyclubs houdt het op. Leiden zat hier op te wachten, het is een publiekstrekker die de stad niet had. Het is goede promotie en sponsors in de omgeving zaten echt te wachten op topsport. Qua begroting zijn we nu al een middenmotor in de eredivisie. De club is weer toe aan professioneel basketbal.”

De doelstelling is binnen vijf jaar kampioen van Nederland te zijn, stelt Scheffer onomwonden. „In het eerste seizoen willen we slechts overleven in de eredivisie, het tweede en derde jaar willen we in de middenmoot eindigen en in het vierde seizoen willen we al meedoen om de landstitel.”

De stichting stelt bovendien eisen aan de manier waarop dat gebeurt. „We willen een ploeg die hard werkt en die bestaat uit spelers die zijn geselecteerd op teamgevoel”, zegt Scheffer. „Voor het seizoen heeft de ploeg een stadswandeling gemaakt en hebben we een teampresentatie gehad in de drukke Haarlemmerstraat. Leiden moet trots zijn op zijn basketbalploeg.”

Intussen heeft BS Leiden een eredivisieteam, een promotiedivisieteam en een juniorenteam, gesponsord door verzekeraar Zorg en Zekerheid. De hoofdmacht bestaat uit tien Nederlanders en drie Amerikanen. De jonge ploeg van coach Ivo Boom wint tegen Rotterdam verrassend de derde van drie thuiswedstrijden (84-74). De seizoensopening, een uitwedstrijd, ging wel verloren.

„Die zes punten hebben we in the pocket”, concludeert Boom (31) afgelopen donderdag. „Op alle lijstjes werden wij onderaan gezet, dus dan is dit een prachtig begin. Natuurlijk krijgen we mindere periodes, maar vandaag blijven we lang bij de halve finalist van vorig jaar, die we in de slotfase zelfs verslaan.”

Boom (31), de een na jongste eredivisiecoach met vooral ervaring bij talentteams, noemt het fanatieke thuispubliek als oorzaak voor het verloop van de slotfase, waarin Leiden afstand nam van Rotterdam. De fans worden opgezweept door de wilde armgebaren van de Amerikaanse center Shelton Colwell en dagen in woord en gebaar de Rotterdamse ploeg en de scheidsrechters uit.

„Niemand moet hier prettig op bezoek komen voor twee gemakkelijke punten”, zegt Boom. „Het klinkt een beetje zwaar, maar teams moeten met respect de zaal betreden. Wat dat betreft proberen we inderdaad de ‘Parker-jaren’ te laten herleven. We moeten niet vergeten dat de clubgeschiedenis essentieel is en dat wij daarom hier staan, maar dit team moet ook vooral aan zijn eigen basketbaltijd bij Leiden denken.”