Wereldpremière op de bank

Kamer- of popmuziek in een huiskamer vol publiek. Voor muziekliefhebbers is het de enige manier om echt te kunnen genieten. Want met publiek op een meter afstand is het anders musiceren en luisteren dan in een concertzaal.

Musici bereiden zich voor op een huisconcert bij Marja Bon aan de Amsterdamse Herengracht foto Roger Creemers Nederland, Amsterdam, 13-10-2006 Huiskamer concert aan de Herengracht 390. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Cremers, Roger

Klassieke muziek

Violiste Diet Tilanus stemt haar viool. Pianiste Abigail Richards verplaatst haar kruk. Op de lessenaar staan vioolsonates van Beethoven, Julius Röntgen en César Franck. Een meter verderop zitten zo’n veertig mensen op klapstoeltjes, krukjes en een tweezitsbank. Tilanus zet de viool onder haar kin en zoekt oogcontact met Richards. In het publiek staken de gesprekken. Een korte aanzet en dan vullen de klanken van Beethovens Sonate in A-groot de concertzaal van de familie Ter Horst in Amsterdam. De concertzaal is normaal gesproken huiskamer: hoge ramen, boeken, een bankstel. Maar een paar keer per jaar nodigen pianiste Madeline ter Horst en haar man Michiel bevriende musici uit om concerten te geven in hun huis.

Bij de voordeur verwelkomt Michiel ter Horst zijn gasten. Een lange gang voert naar het achterhuis. In de ruime woonkeuken staan koffie, thee en vlierbessensap. In de tuin zitten de gasten te praten. Nette mensen, veelal van middelbare leeftijd. Het concert is boven, waar vroeger kooplieden hun klanten ontvingen. De bijna vierkante kamer met uitzicht op de tuin is ideaal voor concerten.

Kamermuziek is populair: bijna elke concertzaal heeft wel een kamermuziekserie. Maar volgens ervaringsdeskundigen gaat er niets boven kamermuziek in ‘huiskamersetting’: met een kop thee op de bank ‘live’ luisteren naar muziek.

Zij die gemiddeld eens per maand hun huis openstellen voor liefhebbers en musici doen het voor de muziek. Het publiek bestaat uit vrienden en kennissen – reclame wordt er niet gemaakt en ook op internet zijn er geen concertagenda’s te vinden. Je moet er toevallig inrollen.

Hans en Annelies Dammers organiseren al tien jaar huisconcerten in Goedereede, in samenwerking met de stichting Kunst in de Kamer. Die stichting werd opgericht in de Tweede Wereldoorlog, toen musici en kunstenaars lid moesten worden van de Kulturkammer. Velen weigerden. Om toch te kunnen optreden werd voor hen de stichting Kunst in de Kamer opgericht. Die is nog springlevend en heeft tientallen ‘kringen’ in het hele land.

Aan de Amsterdamse Herengracht staat het huis van pianiste Marja Bon. Jarenlang speelde ze in het Schönberg Ensemble. In 1993 richtte ze met andere musici het ensemble Wendingen op. In haar huis heeft zij een prachtig ‘Musieksaeltje’ waar ze concerten organiseert. Vanaf het moment dat ze er als jonge pianostudente kwam wonen, is er muziek gemaakt. Bon: „Dit was een saai kantoor, de versieringen zaten achter gipsplaten. De behangschilderingen vond mijn grootmoeder terug op zolder. Met hulp van Monumentenzorg zijn ze teruggeplaatst.”

Het waren roemruchte en muzikale jaren. Tot diep in de nacht speelden Bon en haar vrienden kamermuziek. „In de aangrenzende panden zaten alleen maar kantoren.”

Bij de familie Ter Horst nemen Diet Tilanus en Abby Richards het applaus in ontvangst. De gastheer en gastvrouw nodigen de luisteraars uit voor een glas wijn in de tuin. Waarom ze deze concerten organiseren? „Omdat het geweldig is in ons eigen huis zulke prachtige muziek te horen. Als Diet belt met de vraag of ze bij ons een concert mag geven, zeggen wij geen nee!” zegt Madeline ter Horst.

Hun huis openstellen

voor muziekliefhebbers en muzikanten. Ze doen het voor de musici. Omdat ze zelf muziekliefhebber zijn. Omdat het leuker is dan naar een officiële concertzaal gaan. Of omdat het toch zonde is zo’n mooie ruimte niet te delen. Zoals een cellist het omschrijft: „Andere mensen geven een feest als ze iets te vieren hebben. Wij nodigen mensen uit en maken muziek.”

Het is bijzonder om in een huiskamer te spelen, vinden veel musici. „In het begin is het best eng. In een grote concertzaal sta je meestal op een podium en word je op een speciale manier belicht. In een huiskamer zit het publiek soms maar een meter van je af. Ze kunnen álles zien. Maar als je eenmaal door die eerste minuten heen bent, dan kun je heel vrij spelen”, zegt violiste Sanne Hunfeld, die zowel met haar Trio Suleika als met pianist Maarten den Hengst regelmatig ‘kleine’ concerten geeft. Ook de entourage is bijzonder, vindt Hunfeld. „Het is bijzonder maar ook vreemd om bij mensen thuis te spelen. Je staat midden in het privéleven van mensen die je helemaal niet kent.”

Ook Marja Bon zoekt in haar muziekzaaltje intimiteit en communicatie. „Ik ben op zoek naar het kleine, het contactrijke. Tussen musici onderling, maar ook met het publiek. Ik heb ook sterk de behoefte om het conventionele te verlaten.” Het conventionele: dat is het podium van de grote concertzaal. Waar veel afstand is tot het publiek en je niet achteraf kunt napraten. Gemakkelijk is de intimiteit die Bon zoekt niet altijd. „Hoe dichterbij, hoe meer er ‘in de keuken’ wordt gekeken. Vaak is een grote zaal met een hoog podium en honderden mensen in de zaal makkelijker om in te spelen, vanwege de afstand”, zegt ze.

Intimiteit, communicatie, uitwisseling. Dat is wat de musici zoeken en vinden in de huisconcerten. Tilanus: „Wat muziek soms zo hemels maakt, is een bepaalde spanningsboog die als het ware om jou en je publiek heen zit.” Ze denkt even na. „Soms wil je per se iets aan iemand overdragen als je speelt. Dat kan één persoon zijn of een hele zaal. In een kleine setting gaat dat makkelijker. Een groot deel kun je trouwens niet forceren. Het ligt eraan hoe je je zelf voelt, maar ook aan de gemoedstoestand van het publiek.”

Kamermuziek zoals

het bedoeld is, in een mooie kamer met de musici vlak voor je neus. Het is puur genieten. „Prachtig”, verzucht een heer na het eerste deel van Beethoven. De muziek heeft iedereen in de ban. De uitvoering is perfect. „De bezoekers van dit soort concerten zijn vaak geoefende luisteraars of zelf goede musici” , zegt Sanne Hunfeld. „Hun commentaar achteraf is vaak zeer nuttig.”

Maar de omstandigheden zijn volgens haar niet altijd even ideaal. „Dan ligt er bijvoorbeeld hoogpolig tapijt. Daarvan wordt een violist niet blij. Of de vleugel is niet goed gestemd. Of er wordt gevraagd of we ook met een gewone piano kunnen spelen. Maar dat doen we niet. Dat gaat ten koste van de kwaliteit.” Ook moeten musici zich soms inhouden: een kleine ruimte kan nu eenmaal minder decibellen hebben dan een grote.

Er zijn zelfs huiskamers die gespecialiseerd zijn in een bepaald repertoire. Bij Juul en Frans Muller zijn regelmatig barokmusici te gast. Zelf geven ze over de hele wereld lezingen over hun eigen specialisme: zeventiende-eeuwse opera.

Sinds 1984 organiseren ze huisconcerten. Inmiddels staat de teller op honderdvijftig. Maar er zijn ook een paar wereldpremières gespeeld. Bariton Max van Egmond zong er diverse programma’s en in hun ‘zaal’ werden ook concerten van de Vereniging Vrienden van het Lied georganiseerd. Ze kunnen maximaal tachtig luisteraars kwijt. Groten uit de barokwereld kwamen er over de vloer. Mezzosopraan Barbara Hollinshead en countertenor Mark Crayton bijvoorbeeld.

Ook de huiskamer van de Hans en Annelies Dammers in Goedereede doet qua programmering niet onder voor een concertzaal. Jaarlijks geeft het Schönberg Kwartet een concert in hun huiskamer en het komend seizoen zijn onder meer sopraan Lenneke Ruiten en pianiste Marietta Petkova te gast. „We hebben een wachtlijst. Er kunnen maximaal vijftig mensen in onze zaal, maar een veelvoud daarvan wil komen”, vertelt Hans Dammers. Hij begrijpt wel waarom huisconcerten zo populair zijn. „Je zit bovenop de musici en ziet alles. Het is onmogelijk om aan de muziek te ontsnappen. In een grote concertzaal dwalen je gedachten nog wel eens af. Bij een huisconcert is dat onmogelijk.”

    • Henriëtte Ellerbroek