‘De bevolking moest worden weerspiegeld’

De PvdA in de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord ging na protesten op zoek naar een extra allochtone bestuurder. Het werd Gülami Yesildal. „Ik heb zelf gesolliciteerd.”

Gülami Yesildal (Foto: Dirk-Jan Visser / Schiedam: 19-10-2006): Gulami Yesildal, nieuw lid in de deelgemeenteraad Feijenoord voor de PvdA. Visser, Dirk-Jan

Bruggen bouwen. Gülami Yesildal zegt het zes keer in een uur. Dat is wat hij gaat doen, als lid van het dagelijks bestuur van de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord. Bruggen bouwen tussen bevolkingsgroepen. „Ik ben een Nederlander én een Turk, ik kan me in beide groepen verplaatsen.” En nee, hij is geen ‘excuusallochtoon’. „Vreemd is dat toch, als een Turk een hoge positie bereikt heet-ie opeens een excuusallochtoon.”

Feijenoord kan wel wat bruggen gebruiken. Eind april brak er een politieke crisis uit in de deelgemeente. Een deel van de PvdA-fractie, met 14 van de 25 zetels oppermachtig in de deelgemeenteraad, stemde tegen de drie nieuwe PvdA-bestuurders. Twee weken eerder was de fractie unaniem akkoord gegaan met het drietal, onder wie twee autochtonen van buiten Feijenoord. De bestuursvoorzitter, een vrouw van Surinaamse komaf, komt wel uit de wijk.

De Rotterdamse PvdA stond te kijk. Peter van Heemst, voorzitter van de stedelijke PvdA-fractie, sprak van „gebrek aan fatsoen” en „de PvdA op z’n slechtst”. Een Turkse opstand, zo luidde de verklaring in het geruchtencircuit. Turkse raadsleden – de fractie heeft er zeven – zouden zich gepasseerd voelen. Zij hadden de PvdA aan 49,5 procent van de stemmen geholpen bij de raadsverkiezingen. In Feijenoord is 55 procent van de ruim 70.000 bewoners van niet-Westerse komaf; 19,2 procent is Turks.

Na intern onderzoek kwam de PvdA in Feijenoord met een oplossing. Aan het dagelijks bestuur wordt een vierde lid toegevoegd. Het bestuur is namelijk „niet divers genoeg van samenstelling”. ‘De vierde db’er’, zoals de ontbrekende persoon ging heten, is nu gevonden.

Gülami Yesildal (32) stopte acht jaar geleden met zijn studies antropologie en politicologie aan de Universiteit Leiden om regiobestuurder van de FNV te worden. Hij kwam als vijfjarige uit Turkije naar Feijenoord, groeide op in Hoogvliet en woont nu in Crooswijk, aan de andere kant van de Maas, de noordzijde van de stad.

U stond vast niet te springen, toen u voor deze functie werd gevraagd.

„Ik heb zelf gesolliciteerd. Ik las de berichten over de crisis, heb er goed over nagedacht en me toen aangemeld. Ik ben uit tien kandidaten gekozen. Het is mijn eerste politieke functie, ik zal me moeten bewijzen. En als allochtoon moet ik nu eenmaal dubbel zo hard lopen om me te bewijzen.”

Als u niet Turks was geweest, was u niet gekozen.

„Dat is niet per se waar. De enige eis die vooraf was gesteld, was dat de bevolking in het bestuur moest worden weerspiegeld.”

Daarmee was een autochtone kandidaat uitgesloten.

„Dat klopt, maar kwaliteit is nog steeds belangrijker dan etniciteit. Die twee kunnen heel goed samengaan. Ik was tot voor kort de enige allochtone regiobestuurder bij de FNV, ik weet wat het is om in een blanke organisatie met vooroordelen te werken. Ik spreek ABN en heb ruimte bestuurlijke ervaring, maar omdat ik zwarte krulletjes heb en een afwijkende naam, kleeft aan mij het etiket van ‘achterstand’. Ik zie het als mijn taak om te bewijzen dat dat onterecht is. Ik kan een katalysator zijn in de beeldvorming over allochtonen in de politiek.”

Toont dit incident niet juist het falen van het PvdA-beleid inzake allochtone politici? Fractievoorzitter Van Heemst zegt dat hij niet weet welk raadslid allochtoon is, maar afkomst blijkt een cruciale factor.

„Verschillen tussen bevolkingsgroepen moet je niet ontkennen, maar erkennen. Dan kun je de problemen beter aanpakken. Ik snap dat kiezers begrepen willen worden, ze willen een herkenningspunt hebben. Dat kan ik bieden, zowel voor Nederlanders als voor Turken. Die dubbele culturele bagage, dat is mijn meerwaarde.”