De gouden kooi van te veel openheid

Redacteur NRC Handelsblad

Kamervoorzitter Weisglas veinsde donderdagvond verstrooidheid toen hem in het tv-programma Pauw & Witteman commentaar werd gevraagd op het nieuwste penisproza van de Vlaamse seksauteur Goedele Liekens. De openhartigheid aan ’s lands praattafel werd hem even te veel, terwijl de ex-Miss België nog wat verder speelde met haar doorsneemetende boekenlegger.

‘Moet kunnen’ bloeit onverminderd in Nederland. De Gouden Kooi, de nieuwste aflevering in het reality-oeuvre van het De Mol-imperium, is onlangs van start gegaan met smartelijke beelden van een ‘ontaarde moeder’ die bereid was haar kleine kinderen bij haar vriend achter te laten terwijl zij zich een jaar of langer afzondert in de Villa Prots die zij hoopt te winnen.

Niets werkt zo goed bij inslaapproblemen als een half uurtje kijken naar het leven dat zich daar in Eemnes voor de camera’s afspeelt. Daar kan geen pilletje tegenop. Via internet kan de huiskamervoyeur door allerlei camera’s tegelijk zien dat er niets, maar dan ook niets te beleven valt in al die hanghoeken en zitkuilen. Maar in een vrij land mag je er naar kijken en jezelf zo te kijk zetten.

Voor de PvdA-Kamerleden Van Dam en Dijsselbloem was het aanleiding in de pen te klimmen en televisiemakers op te roepen „na intensief debat met de kijkers” een gedragscode op te stellen (Trouw, 11 oktober). Zij doelden niet alleen op kinderverwaarlozing maar ook op vormen van zelfvernedering waar dit soort programma’s toe aanzetten. „Een gedragscode zou een halt kunnen toeroepen aan de geleidelijke afbraak van de menselijke waardigheid op de Nederlandse televisie.”

Men hoeft geen liefhebber van gedragscodes te zijn om te erkennen dat het onsmakelijke programma’s zijn. Alsof het huis van de buren op één meter afstand is gebouwd, met een geheel glazen zijwand, ook bij badkamer en wc. Toch is het een logische ontwikkeling. Het meest persoonlijke is publiek geworden. Modern. Nederlanders hebben van oudsher graag de gordijnen open. Dat betekent: wij hebben niks te verbergen, maar ook: kijk ons eens gezellig, origineel, smaakvol of deugdzaam zijn.

In de 21ste eeuw heeft die hang naar openheid inmiddels dogmatische en rituele vormen aangenomen. Naïeve mensen trekken ’s avonds op de televisie hun gordijnen open, en soms hun broek uit. Meer gewiekste lieden zien een gouden handel in massaal gedeelde gewoonheid. Steeds vaker moeten we als consumenten van al die openheid onderscheid maken tussen authentieke en gespeelde/gecommercialiseerde openheid.

Voor het openbaar bestuur is openheid een standaardaanspraak geworden. De Wet openbaarheid van bestuur was een vrucht van de jaren ’60 revolutie toen de sigarenrokende politici uit hun achterkamertjes werden gesleurd. Dat heeft soms meer inzicht in tot dan verborgen processen opgeleverd, maar ook gezorgd voor nieuwe verdedigings-linies, zoals pseudo-openheid (het weblog van de wethouder) en over-openheid (een stroom persberichten waarin belangrijke zaken ondersneeuwen).

Bestuurders van beursgenoteerde bedrijven zuchten onder de verplichting ieder kwartaal hun tussentijdse cijfers naar buiten te moeten brengen. Het moet wel goed nieuws zijn, anders duikt de koers. Met hulp van een legioen voorlichters proberen zij het nieuws zo veel mogelijk naar hun hand te zetten, maar kortetermijnbeleid en spin zijn onvermijdelijk. Ook overheidsbestuurders hebben een steeds actiever apparaat dat zich met beeldvorming bezig houdt.

In Bussum werd dinsdag het tiende congres ‘Succesvol Persbeleid’ gehouden. Het stond terecht in het teken van de geloofwaardigheid, want dat is de gouden pasmunt bij alle openheids-transacties. Geloofwaardigheid is een probleem voor een minister-president die de honoreringsexplosie in het bedrijfsleven eerst ‘exhibitionistische zelfverrijking’ noemt en er later als commissaris zijn goedkeuring aan geeft. Zijn opvolger is niet automatisch geloofwaardiger door die topinkomens transparanter te maken zonder de opjagende werking daarvan te erkennen. Geloofwaardigheid staat evengoed op het spel voor het fastfoodbedrijf dat bij het publiek hamert op het belang van een gezonde levensstijl.

Persbeleid. Het woord is een vakterm van specialisten in het kneden van de pers. Ook in de pr-branche speelt de openheid een rol, maar met toegeknepen ogen. De openheid-als-verplichting wordt zo veel mogelijk gekanaliseerd als behartiging van het belang van de eigen organisatie of leider. Journalisten ervaren het dagelijks in hun contacten met de instanties waar zij over berichten: woordvoerders stellen steeds verdergaande voorwaarden aan contact, eisen inzage vooraf, willen meepraten over koppen en presentatie. De journalistiek kan haar geloofwaardigheid alleen bewaren als zij vrijwel foutloos weet te berichten zonder toe te geven aan die pogingen tot manipulatie.

Het gevecht wordt harder en voor de burger ondoorzichtiger, maar openheid, wie kan er hardop tegen zijn? De Waalse vice-premier Michel Daerden zal er tijdelijk niet vóór zijn. Het beschonken tv-commentaar dat hij tijdens de recente verkiezingsavond gaf op de overwinning van zijn socialisten is de laatste dagen al door meer dan 200.000 mensen bekeken via de video website YouTube (http://standaard.typepad.com/kreten_en_gefluister/). Politici wonen in een glazen kooi waarvan het goudgehalte later moet blijken.

In het november-nummer van De Gids geeft de Amsterdamse politicoloog Jos de Beus een knappe schets van de opkomst en het doorschieten van wat hij noemt ‘de transparantiebeweging’, die uit is op „maximalisatie en verabsolutering van de openbaarheid”. De Beus gaat tegen de mode in en maakt aannemelijk dat zich in politiek en journalistiek een zelfbenoemde transparantie-brigade heeft opgesteld die van politici het vrijwel onmogelijke eist.

Een monsterverbond tussen ‘wantrouwen’ en ‘de eis van permanente echtheid’ eist van openbaar bestuurders dat zij al hun gerechten op het dorpsplein bereiden en er als mens nog begrijpelijk en begrijpend bij staan ook. „Transparantie maakt het politieke handwerk backstage onmogelijk en verlegt alle politieke energie naar presentatie en actie frontstage. In de Nederlandse context is het dan afgelopen met de consensusvorming”, schrijft De Beus. Het uiteindelijke resultaat van de transparantiebeweging is in zijn ogen ‘politieke immobiliteit en blokkering van de staat’.

Mij heeft hij tot nader order overtuigd. Bestuurders die geheim houden wat zij nastreven verdienen journalistieke en parlementaire speurzin. Maar de vormeloze hang naar openheid, altijd en overal, waarbij De Gouden Kooi via Pauw&Van Dorp doorlekt naar de politiek, vertroebelt de democratie. Een gezond openbaar leven is gestileerd, een soort democratisch kabuki dat gaat over ideeën en symbolen.

opklaringen@nrc.nl

    • Marc Chavannes