In het weekend op slot

In 2030 moeten er vijftig wolkenkrabbers de lucht in steken. Maar het lukt niet erg. De Zuidas van Amsterdam is te veel een speeltje van planologen en bankiers.

De Zuidas ’s avonds. Foto NRC Handelsblad, Maurice Boyer Zuidas Amsterdam in de vroege avond Foto NRC H'Blad Maurice Boyer 061011 Boyer, Maurice

Het is een mooi gezicht als je ’s avonds over de Amsterdamse ringweg A10 rijdt en de Zuidas voor je ziet opdoemen. Links en rechts grote kantoren. Veel glas. Veel verlichting. Hoogbouw. Daartussen enorme hijskranen. Tussen de rijstroken trams en metro’s. Nog een paar kantoren. Maar dan ben je er alweer voorbij.

De komende jaren zal dit kantorengebied steeds langgerekter worden. Tot het gebied in 2030 af is en er zo’n vijftig wolkenkrabbers de lucht in moeten steken. Maar de Zuidas moet dan meer zijn dan een kantoorgebied. Een levendig stedelijk centrum, waar wonen en werken gecombineerd worden, zegt de gemeente. Een nieuw stukje Amsterdam, met veel jonge mensen, levendige winkelstraten en mooie hotels, zegt projectmanager Douglas Grobbe van ABN Amro. Vlakbij de oude binnenstad en onder de rook van Schiphol. Dat is de Zuidas. Maar hoe maak je van een gebied waar kantoren domineren een levendig, nieuw centrum?

Als je tussen de kantoren staat op het Zuidplein hoor je het verkeer aan alle kanten voorbijrazen. Het is er winderig. Over het plein lopen veel mannen in pak. Krijtstreepjes, ruitjes, effen. De stropdassen zijn fel gekleurd: groen, paars, roze, rood. Rond het middaguur stromen de eetgelegenheden vol. Bij de noodles bar zitten lange rijen mensen met eetstokjes te worstelen.

Er zijn ook een paar winkels. Een boekwinkel, een bloemenzaak en een stomerij. In de kledingwinkel Suitsyou2 is het leeg. Opheffingsuitverkoop, staat op de etalage. We zitten er nog tot het einde van de maand, zegt verkoopster Juanita Djamani. Waarom ze weggaan? „Het is hier veel te rustig. Van de mensen die hier werken, kunnen wij niet bestaan.” Anderhalf jaar geleden namen ze het over van een andere kledingzaak die er om dezelfde reden mee ophield. Djamani wijst om haar heen. Daar is al een winkel weggegaan. Die supermarkt is ermee opgehouden.

Marjo van Kleeff heeft het ook geprobeerd met haar winkel Art Angels. Twee jaar heeft ze er gezeten. Art Angels verzorgt interieurinrichtingen van winkels en particulieren. Er kwamen volgens haar genoeg particulieren die enthousiast waren. Vaak zakenmensen die in hun lunchpauze kwamen kijken. Maar iets aanschaffen, deden ze vervolgens niet. Op een gegeven moment vroeg Van Kleeff aan verschillende mensen wat het probleem as. Dat was vrij simpel. Als ze iets gevonden hadden, wilden ze de daadwerkelijke aanschaf met hun partner doen. Dat moest dan in het weekend gebeuren. Maar dan wilden ze niet naar de Zuidas. Waarom niet? Van Kleeff: „Die mensen willen in hun vrije tijd niet terug naar hun werkomgeving.”

Volgens planoloog Stan Majoor van de Universiteit van Amsterdam, die promoveert op de Zuidas, is het moeilijk om op de Zuidas verschillende functies te combineren. „Het moet een toplocatie voor kantoren zijn, maar ook een stedelijke plek.” Daar is op dit moment nog zeker geen sprake van, zegt Majoor. „De gemiddelde Amsterdammer komt daar echt niet.” Het is lastig, stelt hij vast. Mensen willen in een gebied wonen als er voldoende voorzieningen in de buurt zijn. Maar ondernemers willen vaak pas ergens beginnen als er genoeg consumenten aanwezig zijn.

De gemeente moet winkels financieel steunen, oppert Van Kleeff. „Help ze de eerste jaren door.” En als er dan uiteindelijk bewoners zijn, dan kunnen winkels zich wel redden, denkt zij.

Winkels financieel ondersteunen is geen optie, zegt een woordvoerder van het gemeentelijke projectbureau Zuidas. Maar hij erkent dat het voor winkeliers erg moeilijk is om op de Zuidas te beginnen. Ook de gemeente heeft verscheidene alweer zien vertrekken. „Het is nu nog echt kantoorgebied, maar als er straks mensen komen wonen, wordt het anders.”

Deze maand worden de eerste woningen opgeleverd. Eurocenter heet de toren waarin 81 appartementen zitten. De huurprijzen beginnen bij 1.500 euro en kunnen oplopen tot 3.000 euro per maand. De inschrijving is een maand geleden begonnen. Zeven ‘opties’ heeft de makelaar tot nu toe ontvangen. Van de buitenkant lijkt het appartementencomplex sprekend op een kantoorgebouw. Dat is modern. Volgens een medewerkster van Jacobus Recourt, makelaar en beheerder van Eurocenter zijn de appartementen „niet zomaar voor iedereen”. Zij noemt tweeverdieners zonder kinderen, expats of gepensioneerden; kortom mensen die er „een jaar of drie” blijven wonen en dan weer op zoek gaan naar een nieuwe plek.

Een „gemengde woningvoorraad” is heel belangrijk voor de levendigheid, zegt planoloog Majoor. De huidige planning is dat van alle woningen op de Zuidas 15 procent sociale huurwoningen zal zijn. Maar vallen opbrengsten tegen, dan zullen die het eerste sneuvelen, vreest hij. „Daar wordt niets aan verdiend.”

Parijs, Londen, Lille en Frankfurt, met dat soort steden moet Amsterdam concurreren, zegt Douglas Grobbe, projectmanager Zuidas van ABN Amro. Hij is ervan overtuigd dat de Zuidas een stedelijk gebied kan worden. Maar dan moet je er volgens hem anders naar kijken. „Het heeft geen zin als bedrijven uit Amsterdam Zuidoost of Utrecht zich hier vestigen. Daar schiet Nederland niets mee op. De Zuidas moet hoofdkantoren van Amerikaanse, Japanse en Chinese bedrijven trekken.” En met die kantoren komen volgens hem ook de mensen die op de Zuidas gaan wonen. „Amsterdammers kunnen hier ook wonen, maar je moet het vooral hebben van nieuwe mensen: immigranten en expats.” Als die er zijn, komen de faciliteiten vanzelf.

Het project leeft nog weinig, stelt planoloog Majoor vast. De marketing is cruciaal, zegt Grobbe. „De Zuidas is nog niet op de kaart gezet”, zegt hij. Het is nu nog te veel een project van planologen en bankiers, zegt Majoor. Onlangs bezocht hij op een zaterdag met een groep buitenlandse studenten de Zuidas. Hij wilde ze graag het Amsterdamse World Trade Center van binnen laten zien. Dat ging niet door. In het weekend is het WTC op slot.

    • Tom Kreling