Fijne muziek van de achterste rijen

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Vladimir Jurowksi. Gehoord: 5/10 Concertgebouw Amsterdam. Herh.: 6/10. Radio 4: 8/10 14.15 uur.

Hinderlijk, altijd die zeker tien minuten durende pauze om de vleugel op het podium te krijgen en het orkest daar weer omheen te laten plaatsnemen. Het Koninklijk Concertgebouworkest bedacht iets aardigs: speel ondertussen een kort nieuw stuk.

En zo klonk tijdens het getakel en gesjouw de wereldpremière van No reason to panic , gecomponeerd in opdracht van het orkest door de jonge Mayke Nas, die behalve in Nederland ook daar buiten furore maakt.

In de bezetting ontbraken de violisten, die even van het podium moesten, maar met de achterste rijen van het orkest (blazers, bassen en slagwerkers) kon er leuk muziek worden gemaakt onder leiding van Vladimir Jurowski, wiens Amsterdamse debuut een nieuw stapje was in een toch al zeer indrukwekkende carrière: volgend jaar is hij de chef-dirigent van het London Philharmonic Orchestra.

Het energieke stuk van Mas paste perfect na het post-Mahleriaanse Evening Songs van Mark-Anthony Turnage en leek even op Stravinsky, van wie Jurowski later nog op uiterst fijnzinnige wijze delen uit de balletmuziek Le baiser de la fée liet spelen.

De vleugel kwam naar boven voor het Derde pianoconcert van Prokofjev met Nikolai Lugansky als solist. Vooraf zei Jurowski tegen het publiek dat hij de nadruk wilde leggen op de tedere kanten van het virtuoze stuk. De met veel verve spelende Lugansky deed dat ook, maar werd nogal eens overstemd. Maar in het energieke slot straalde hij boven alles uit.

    • Kasper Jansen