De schaatsbaan

Er waren eens een jongen en een meisje. De jongen heette Tom en het meisje heette Kim. Ze woonden in een heel mooi huis. Vader en moeder kwamen één keer per dag thuis. Maar op een dag kwamen ze niet.

Tom belde de politie; ze gaven geen antwoord. Toen keken ze op de computer, er stond: ga naar de ijsbaan! Dat deden ze. Op de ijsbaan zei een microfoon „Ga naar het ijs.” Op het ijs stonden vader, moeder en de rest van de stad.

Op dat moment begon het ijs te trillen en kwam er een monster uit het ijs. Kim en Tom schrokken. Ze renden hard weg. Maar het monster had hen al te pakken. Toen kwam de zon op. Het monster begon te smelten en Kim en Tom vielen.

Toen zei een luidspreker; „Ga op het ijs staan.” Kim en Tom gingen op het ijs, ze hoorden krak, het ijs brak, ze vielen in het water. „Stomme luidspreker”, zei Tom. Ze klommen uit het water, ze waren kletsnat.

Kim en Tom gingen naar huis. Ze hoorden boven iets. Ze gingen naar boven en zagen een man. Kim en Tom vroegen: „Wie bent u?”

„Ik heb iedereen in ijs veranderd”, zei de man. De man had een heel groot geweer bij zich. Hij had geschoten, maar er kwam niet zo veel uit. Kim en Tom stonden maar een klein beetje in ijs. De zon kwam op en het ijs begon te smelten.

De boef dacht: ,,Ik moet me ergens verstoppen, zodat ik het weer kan laten vriezen. Ik moet met het vliegtuig naar IJsland.” De boef kon het vliegveld al zien. Hij sprong in het vliegtuig. Hij startte de motor. Kim en Tom waren ook in het vliegtuig gesprongen.

Ze kwamen in de bergen terecht. Het vliegtuig ging landen. Er was allemaal sneeuw. Het was er heel erg koud. „Kijk”, zei Tom, „een kast met winterjassen.” Ze pakten allebei een winterjas. De jassen hingen tot hun knieën. Ze volgden de boef. Er zat een deur in de berg. De man liep in de deur. Kim en Tom volgden hem. Toen kwamen ze in een donkere grot. Tom leunde tegen een rotsblok. Er ging een hele grote deur open. Ze gingen naar binnen. Er stonden allemaal computers. Er zaten mensen achter. Ze hebben allemaal rode ogen. Het lijkt wel of ze verslaafd zijn!

Kim en Tom zijn de boef kwijt geraakt. De slaafjes van de boef stonden bij de deur. Allemaal langs elkaar. Kim en Tom waren toen gepakt. Ze zaten allebei in een donkere gevangenis.

Verhaal van Lodewijk Heemskerk, 8 jaar, uit Breda