‘Jackass’ en de bananenschil

Het succes van Jackass komt voort uit het gluurdersoog van ‘candid camera’.

Maar Johnny Knoxville en zijn vrienden laten tenminste zichzelf in elkaar slaan.

Het begon allemaal met een bananenschil. Iemand legde hem neer. Iemand anders gleed er over uit. En een derde moest er om lachen. Leedvermaak voor drie personen. Oftewel in de woorden van de Amerikaanse komiek Mel Brooks: „Tragedie is als ik me in m’n vinger snijd. Komedie is als jij in een kuil valt en dood gaat.”

Toen kregen we eind jaren tachtig Banana Split van Ralph Inbar. Wat een heerlijke nieuwe wereld ging er open toen de (video)camera erbij kon zijn! Met de hele wereld als getuige.

De eerste rondreizende cameramannen van Lumière en Pathé deden eigenlijk niets anders: in alle uithoeken van de wereld op zoek gaan naar exotische gebruiken en vreemde rituelen. Begin jaren zestig bereikte dit zijn hoogtepunt in de Mondo Cane ‘shockumentaries’, compilatiefilms vol al dan niet echte moorden en ongelukken, bizarre gewoontes en bloedstollende ogenblikken.

Van bananenschil naar ‘happy slapping’ is maar één snelle uitglijder, maar dan moeten we onderweg eerst nog even struikelen over MTV-idolen en hits als Johnny Knoxville, Jackass en Dirty Sanchez. Zij brachten het bananenschilgenre van don’t try this at home naar please try this at home.

In die sprong, ergens tussen de jaren tachtig en de jaren negentig, verloor de de ‘candid camera’ z’n gluurdersoog. Iemand moet op een dag bedacht hebben dat je dat schattig schommelende baby’tje best een piepklein duwtje kon geven. Dat het dan zo leuk huilend in het gras zou tuimelen dat je er de tv mee kon halen en er misschien zelfs een premie voor kon opstrijken.

Net als de documentaire zelf (want dat is wat de rondreizende reporters van Pathé en Lumière maakten) verloor de home movie in de jaren negentig z’n interesse in de aangetroffen werkelijkheid ten faveure van een geënsceneerde wereld.

Dus dat was ook het moment dat Johnny Knoxville (Philip John Clapp, 1971) bedacht dat je net zo goed zelf met je ski’s van een trap kon afdalen, in plaats van te wachten tot iemand anders dat per ongeluk deed en jij net je camera bij de hand had om het vast te leggen.

De stuntserie Jackass werd een culthit, waarom zelfs kantoormannetjes moesten lachen. Knoxville, Steve-O, Chris Pontius en Jason – Wee Man – Acuña lieten zichzelf tenminste nog moedwillig in elkaar slaan, door een krokodil bijten, met wriemelende maden overgieten en filmen. Dat kun je van de met een mobiele telefoon gefilmde en tegen hun zin via internet bespotte slachtoffers van de moderne ‘happy slapping’ niet zeggen.

Laat staan van de naakte zonnebaadster ergens in Den Haag, die gister op www.youtube.com met behulp van Google Earth wordt betrapt.

Kom meer te weten over Jackass Number Two op www.jackassmovie.com of pluk: sms code 41131 naar 7585

    • Dana Linssen