Nobelprijs Chemie voor DNA-onderzoek

De Nobelprijs voor Chemie is vanmorgen toegekend aan de Amerikaanse bioloog Roger Kornberg, verbonden aan de Universiteit van Stanford. Kornberg krijgt de prijs, omdat hij in detail heeft laten zien hoe genetische informatie wordt vertaald in eiwitten die een organisme nodig heeft om te kunnen leven. Inzicht in dit proces is van belang voor medici en biologen.

Hoe bacteriën DNA omzetten in eiwitten was al langer bekend. Kornberg bracht voor het eerst in kaart hoe het werkt in ingewikkelder organismen die bestaan uit een of meerdere cellen met een kern (eukaryoten). Kornberg bestudeerde gistcellen, die net als dieren en planten behoren tot de eukaryoten.

Kornberg slaagde er in 2001 als eerste in om in beeld te brengen hoe informatie die in de celkern ligt opgeslagen in DNA wordt omgezet in een boodschappermolecuul (boodschapper-RNA). Dit proces heet transcriptie. Het boodschapper-RNA brengt de genetische informatie vervolgens naar een ribosoom: een fabriekje waar op grond van informatie in het boodschapper-RNA de eiwitten worden samengesteld die het lichaam nodig heeft.

Transcriptie speelt een fundamentele rol in biomedische processen. Zo werkt het gif van de vliegenzwam doordat het transcriptie stopt, maar het proces speelt ook een rol bij kanker, hartkwalen en ontstekingen.

Lang is gedacht dat complexe organismen hun genen op dezelfde manier omzetten in eiwitten als bacteriën doen. Kornberg heeft aangetoond dat dit niet zo is. Hij heeft laten zien hoeveel men over ingewikkelde organismen kan leren door om het laboratorium eencellige gisten te bestuderen.

Kornberg was in 1959 als 12-jarige al eens bij een Nobelprijsceremonie. De Nobelprijs voor de Geneeskunde werd toen uitgereikt aan zijn vader Arthur Kronenberg, voor onderzoek informatieoverdracht tussen DNA-moleculen.