Een ruimteschip mag best vierkant zijn

Bas Zoontjes, ‘Façade’, 2006
Bas Zoontjes, ‘Façade’, 2006 Zoontjes, Bas

Stel je voor: een nachtmerrielandschap waarin alles wit is en elke stap een stroperige afdruk achterlaat. Je loopt rondjes in kleine kraters, of misschien heb je die kraters er wel zelf ingelopen. Bij Mirta Demare zijn ze te zien, driedimensionale landschapjes die de vorm en grootte hebben van een ingepakt boek. Ze zijn gemaakt door Mark Kramer (1973).

Het spiegelgladde oppervlak wordt bevolkt door plastic miniatuurmensjes, helemaal wit, die rondjes lopen, alsof ze in een tredmolen zitten. Of ze zijn langzaam weggezakt, bij elke stap een stukje verder in de plastic lagen. Dat ze hebben gelopen, zie je aan hele kleine voetspoortjes. Verder beweegt er niets. Alles is bevroren. In Kramers witte droomwereld drommen mensen samen, of dwalen ze rond op zoek naar.. ja naar wat eigenlijk? De beelden ademen de sfeer van een surreële droomwereld waarin alles mogelijk lijkt, maar de realiteit vervormd is.

De poppetjes bevolken normaliter maquettes en modelspoorbanen. Het zijn verschillende types, heren en dames, een man met een tulband. Ze doen allemaal gedateerd aan. Het is net alsof ze in de jaren vijftig uit de magisch-realistische schilderijen van Carel Willink zijn gestapt, compleet met koffers in de hand en zo’n keurige gleufhoed op het hoofd.

In zijn kamervullende installatie Territory zette Kramer weer die mensjes neer, maar dan op een zwart hellend vlak. Ze zitten allemaal op de rand van een gat, en in plaats van een hoofd hebben ze een wolkje van piepschuim boven zich uitsteken, op een ijzerdraadje. Dit werk is raadselachtiger, donker, maar niet zwartgallig. Het is minder eenduidig dan de witte landschappen, maar dat maakt de uitdaging om achter een betekenis te komen alleen maar groter.

De kunstenaar gebruikt geen moeilijke symboliek, het is al vrij snel duidelijk waar hij heen wil. Hij laat twijfels en vragen acteren door zijn spelertjes, op een klein speelveld. In een witsteriele omgeving doen ze hun ding, alsof je naar een proefopstelling van het leven zit te kijken. Kramers piepkleine mensjes staan symbool voor de gehele mensheid, die vastzit in zijn bestaan, als in een tredmolen. Af en toe laat de kunstenaar een van de poppetjes een individu zijn, dat zich voorzichtig staat af te vragen of het een andere weg moet inslaan, zo het podiumpje af.

Mark Kramer, Territory. T/m 30 sept in Mirta Demare, Bergsingel 176B Rotterdam. Inl: www.mirtademare-art.nl, 010-2810266

Een stuk bizarder is

de droomwereld die we bij Cokkie Snoei aantreffen. Hier presenteert Bas Zoontjens zijn fantasierijke schilderijen vol vreemde hemellichamen aan verre einders. Hij schildert bouwsels die als resten van ruimteschepen in de lucht hangen boven lege landschappen met in de verte wat kale pieken van een lang geleden geërodeerd gebergte, een sciencefictionwereld. Zoontjens’ ruimteschepen zijn niet altijd als zodanig te herkennen. Het zijn open, abstracte structuren. Vierkante geraamtes, maar ja, wie zegt dat een ruimteschip per se rond moet zijn? Waren de ruimteschepen van het agressieve buitenaardse volk de Borg uit de tv-serie Startrek Voyager ook niet vierkant?

Op het doek Syzygy drijft zo’n structuur door de lucht. Rasters en grids in allerlei kleuren zetten je op het verkeerde been: ze spelen een spelletje met de ruimtelijkheid. Eromheen drijven ronde ballen, planeten vermoedelijk, die een vrolijke noot toevoegen. Zo erg bedreigend moet dat vermoedelijke spaceship niet geweest zijn, hoewel het natuurlijk verdacht blijft dat het geheel er zo vervallen uitziet, alsof de natuur zich eeuwen geleden al over het ding heeft ontfermd, en het stukje bij beetje afbreekt.

Die natuur speelt ook een hoofdrol in het schilderij Twin Galaxy Cave. Weer een droomwereld, met in de verte een maan omringd door andere hemellichamen. Een grillige rotsformatie druipt in het water dat eronderdoor loopt. Het is de perfecte setting voor een film met Flash Gordon, de stripheld die in de jaren dertig het universum redde. Zoontjens schildert suspense, gevoelens van gevaar en avontuur, in een ontheemde wereld. Grote doeken zijn het, met enorm veel details en informatie. Maar er hangt ook bescheidener werk, net wat kleiner, met slechts een detail van een gebouw, donker, aangevreten. Ook weer alsof er zo even iets vernietigends heeft plaatsgehad. Juist doordat deze doeken zo klein zijn en minder barok gevuld met allerlei parafernalia van buitenaardse oorsprong, zijn ze sterk en geconcentreerd. Dat wordt nog interessant.

Bas Zoontjens, Hello from the enemy airship. T/m 1 okt in Galerie Cokkie Snoei, Mauritsweg 55 Rotterdam. Inl: www.cokkiesnoei.com, 010-4129274