De pijn van Pijnacker

Het is onbevredigend dat een rapport van de rijksrecherche concludeert dat het harde politieoptreden bij een Oranjefeest in de groeigemeente Pijnacker in het algemeen gerechtvaardigd was, terwijl honderden burgers bij die gelegenheid dat niet zo hebben ervaren. Onder hen zijn veel gewonden gevallen door wapenstokken en beten van politiehonden. De burgemeester van Pijnacker, Buddenberg, had al zijn excuses gemaakt voor het optreden van de politie in de nacht van 7 op 8 mei. Als reactie op de conclusies van de rijksrecherche stelt de gemeente Pijnacker in een persbericht ook dat het politieoptreden wel degelijk uit de hand is gelopen. Dat is de onverwerkte pijn van Pijnacker.

De rijksrecherche erkent wel dat bij een ‘vijftal situaties’ de politie misschien haar boekje te buiten is gegaan. Die incidenten worden verder onderzocht en de verdachten worden mogelijk vervolgd. Agenten die zich hebben misdragen, waardoor mensen buiten hun schuld gewond raakten, moeten zeker worden bestraft, maar ook de leiding dient ter verantwoording te worden geroepen voor de verdenkingen van wangedrag van ondergeschikten. De burgemeester van Pijnacker werd die avond niet betrokken bij de beslissingen om mensen in blauwe overall van het parate peloton in te zetten en dat had wel gemoeten. Dat overleg komt niet vanzelf tot stand, doordat niet de burgemeester van Pijnacker, maar zijn collega van Den Haag de korpschef is.

Uit eerdere rapportage van het adviesbureau B&A in opdracht van de gemeente bleek dat het gemeentebestuur zich niet had voorbereid op de 2.500 mensen die op het Oranjefeest afkwamen. Van de dorpse kleinschaligheid van vroeger is geen sprake meer. Een aanleiding tot de escalatie was onnodig: een ambulance die terechtkwam bij een ingang waar een grote mensenmenigte naar buiten werd gedirigeerd. Er waren misverstanden tussen de beveiligingsdienst en degene die de leiding had over de politie. Daarbij werd ook geslagen op mensen die ver van het brandpunt verwijderd waren.

De rijksrecherche en het openbaar ministerie moeten hun onderzoek voortzetten, maar het eindoordeel over de gerechtvaardigdheid van het politieoptreden in Pijnacker is politiek. Vaststaat dat het gemeentebestuur van Pijnacker door een slechte voorbereiding medeverantwoordelijkheid draagt voor de escalatie van op zichzelf gebruikelijke ruzies en onrust bij een feest. Maar ook de leiding van het politiekorps Haaglanden heeft fouten gemaakt door de burgemeester niet in kennis te stellen van extra politie-inzet voor een rel in zijn gemeente. Helaas is de politieke verantwoordelijkheid voor de Nederlandse politieregio niet helder geregeld.

Zeker nu de politie harder mag optreden bij ordeverstoringen, moet er een politiek mechanisme zijn om te snelle escalatie van politieacties met lokale kennis van zaken te kunnen corrigeren – preventief en als controle achteraf. Nu dit niet is gebeurd, kan het korps Haaglanden zich niet verschuilen achter de conclusies van het rijksrechercherapport.