‘De pedaalprullie staat nog open’ en andere pareltjes

Mijn jeugd bracht ik door in de kelder van mijn ouderlijk huis, luisterend naar het bandje Hallo, wij zijn Theo en Thea van de jarentachtig-jeugdhelden Theo en Thea. Dat is niet zielig, want ik werd er gelukkig van. Bovendien zat ik niet in mijn eentje in die kelder: mijn broer, zus en een vriendinnetje genaamd Janey zaten er ook min of meer permanent.

Zoals dat gaat met alle dingen die van enorme waarde voor mij zijn, raakte ik het bandje kwijt, net zoals het bandje van een oud antwoordapparaat waarop mijn overleden oma iets had ingesproken (tijdens haar leven) – over een pak koekjes of een verjaardag waarschijnlijk, maar voor mij van groot belang. Belangrijke dingen stop ik bij verhuizingen altijd per ongeluk in een vuilniszak, terwijl ik lelijke, groen uitgeslagen dingen, zoals Noorse muntjes, jarenlang meezeul.

Dit vertelde ik aan degene op wie ik verliefd ben, want hij is ook Theo en Thea-fan. (Reden tot liefde.) Ik klaagde daarbij dat ik nooit een cd had kunnen vinden van Hallo, wij zijn Theo en Thea. Ook niet op internet. Een grof schandaal.

Een tijdje later kwam hij met die cd aan. Hij beweegt zich soepeler over internet dan ik, en kende een site – www.fonos.nl, spoedt u erheen – waar je oude Nederlandse platen op cd kunt laten zetten. En daar had hij hem voor me besteld. (Reden tot liefde.)

Aangezien ik tegenwoordig vaak urenlang met mijn hoofd onder een handdoek boven een pan kamillethee hang, heb ik de cd alweer vaak beluisterd. Ik merkte dat ik hem nog woord voor woord kon meespreken. ‘Meid, wat ruikt het hier góddelijk. Ben je aan het kokkerellen? O nee, ik zie het al, de pedaalprullie staat nog open’ en andere pareltjes. Een groot deel van mijn geheugen blijkt gewijd te zijn aan Hallo, wij zijn Theo en Thea. Wat ik niet bezwaarlijk vind. Theo en Thea hebben meer invloed op mijn leven gehad dan al mijn leraren, kinderkampleiders en Mahatma Ghandi bij elkaar.

Nu ben ik steeds op fonos, zoekend naar platen van Kinderkabaret Potvoordrie en De Bereboot. Niet dat ik die zo hard nodig heb als Hallo, wij zijn Theo en Thea, maar het kijken naar de knullige hoezen maakt me blij. Bijna net zo blij als ik was in de vochtige kelder.