Voetbalbond bepaalt: twaalf uur is twaalf uur

De transfertermijn voor beroeps- voetballers loopt om exact middernacht af. Voetbalclubs en supporters houden tot vanavond laat hun adem in, omdat een bepalende middenvelder zomaar ineens vertrokken kan zijn.

Bij de KNVB in Zeist gaat vanavond een dik pak papier in de fax. Ninon Kok, juriste bij de voetbalbond, controleert de interne klok van het apparaat nog eens, want die speelt een cruciale rol. Om 00.00 uur sluit de transfertermijn voor het betaald voetbal in Nederland – en in de andere landen in de tijdzone. Wie om kwart over twaalf nog met een controlerende middenvelder komt aanzetten is te laat. „De tijd op de KNVB-fax is doorslaggevend”, zegt Kok. „Twaalf uur is twaalf uur.”

Maar de bond voorziet geen problemen. „Clubs die op het laatste moment nog een transfer verwachten nemen al eerder contact op om er zeker van te zijn dat wij aanwezig zijn”, zegt Kok. Zij voorspelt nog zo’n tien transfers. „Het kan heel hectisch zijn, maar het heeft ook wel wat om zo’n avond te werken.”

Bij binnenlandse transfers moet een club voor 00.00 uur een overschrijvingsformulier hebben gefaxt naar de KNVB. Maar als Feyenoord nog een buitenlandse spits wil kopen moet de club de beoogde transfer voor 20.00 uur aanmelden bij de KNVB. Dan heeft ‘Zeist’ nog vier uur om bij de buitenlandse zusterbond te vragen om een ‘internationaal transfercertificaat’, waarmee die bond aangeeft dat aan alle verplichtingen is voldaan. Dan kan de KNVB de speler inschrijven.

Voor veel clubs is de laatste dag van de internationale transfer window inderdaad hectisch, maar lang niet altijd leuk. Sommige clubs raken vlak voor sluitingstijd een sleutelspeler kwijt – zoals FC Groningen gisteren overkwam met Danny Buijs – en hebben geen tijd meer een geschikte vervanger te vinden. De beste voetballers hebben al onderdak. Dan is het wachten op de volgende internationale stoelendans, van 1 tot 31 januari.

In haar streven naar een evenwichtiger competitieverloop en een stabielere arbeidsmarkt stelde de wereldvoetbalbond FIFA in 2002 twee transfertermijnen per jaar in: een lange tussen de competities, een korte halverwege het seizoen. Zo werd voorkomen dat de Chelsea’s van deze wereld plotseling gingen winkelen door blessures, een onverwachte thuisnederlaag – of gewoon om het publiek een plezier te doen. In Nederland hadden de topclubs dezelfde macht: de kleintjes konden alleen maar toekijken hoe de ruit op hun middenveld half oktober in gruzelementen viel.

Maar er bestaat kritiek op de transfertermijnen, vooral omdat door de levendige handel in de laatste dagen de tijd ontbreekt om een plotseling vertrokken speler te vervangen. Alleen rijke clubs kunnen zich daartegen verzekeren door van tevoren vervangers aan te trekken, met het risico dat zij overbodig zijn.

Anderen wijzen erop dat de competitie al begonnen is terwijl er nog volop wordt gehandeld. „Eigenlijk zou het beter zijn als er geen transfers meer zouden plaatsvinden na het begin van het seizoen in Nederland”, zegt sportrechtadvocaat Frans de Weger, voormalig KNVB-jurist voor transfers en overschrijvingen. Hij verwijst naar de gaten die Kuijt en Vennegoor of Hesselink achterlieten, zoals Ibrahimovic deed in 2004. Ajax moest Europa in met Sonck en Anastasiou omdat te weinig tijd restte om nog een adequate vervanger te vinden.

De Weger begrijpt wel dat de FIFA kiest voor één datum: „Uniformiteit. Maar het is moeilijk uit te leggen aan een seizoenkaarthouder als de beste speler na drie wedstrijden weg is en de club reageert met een paniekaankoop.” Vorig seizoen raakte PSV te elfder ure Bouma en Lee kwijt, waarna de club op de laatste avond rond tien uur nog de papieren voor de Engelsman Ball naar Zeist faxte.

Het toestaan van transfers na de seizoensopening kan nog andere bijwerkingen hebben. Boulahrouz stapte over van HSV naar Chelsea, en kreeg prompt het verwijt dat hij een blessure had gesimuleerd voor de voorrondewedstrijd voor de Champions League van HSV tegen Osasuna. Doordat hij afhaakte tijdens de warming-up kan hij nu voor Chelsea Champions League spelen. Boulahrouz ontkent de aantijgingen.

Ook de winterse transferperiode, ooit bedoeld voor clubs met veel blessures, roept discussie op. Heerenveen verloor vorig jaar halverwege de competitie twee spitsen, Samaras en Huntelaar, de laatste nog wel aan concurrent Ajax. De Weger: „Zo’n transfer geeft op zijn minst een vreemd gevoel. Clubs als Chelsea zouden de hele voorhoede van de concurrent kunnen kopen, ook een vorm van competitievervalsing.” Andersom kan het ook: Portsmouth ontliep degradatie uit de Premier League nadat de club in januari een heel nieuw elftal had aangetrokken.

Spelersvakbond FIFPro stelde toen dat de markt door de wintertransfers „volledig op hol” was geslagen. Volgens Tijs Tummers van FIFPro zijn de pogingen om de arbeidsmarkt voor voetballers te stabiliseren mislukt. Hij pleit voor herinvoering van transfers door het hele jaar. „Een club die vlak voor het verstrijken van de termijn wordt leeggeroofd, wordt uitgelokt om ondoordachte aankopen te doen”, vindt Tummers. „Het legioen eist van Feyenoord dat er binnen drie dagen een grote naam wordt gepresenteerd. Daardoor krijg je een overspannen en onnatuurlijke markt. Iedereen weet dat die club snel moet handelen. Dat beïnvloedt de vraagprijs. Clubs als PSV en Feyenoord zouden langer naar een geschikte vervanger moeten kunnen zoeken.” Wellicht ook de clubs die vandaag de dupe worden van last-minute-aankopen van PSV en Feyenoord.