Tsunami woedt nog na in Zweden

De Zweedse staatssecretaris Lars Danielsson is afgetreden naar aanleiding van een kritisch rapport van de Zweedse ombudsman over de handelwijze van de regering na de tsunami op 26 december 2004.

Ombudsman Nils-Olof Berggren beticht hem ervan zijn onderzoek te hebben tegengewerkt. Danielsson had als staatssecretaris geen concrete portefeuille. Zijn staatssecretariaat maakte deel uit van het kantoor van premier Göran Persson.

Op het moment van de tsunami waren zo’n 20.000 Zweden in het rampgebied, vooral in Thailand, voor een vakantie. Onder de ruim 200.000 doden door de vloedgolf, bevonden zich meer dan 500 Zweden.

Eind vorig jaar concludeerde een onderzoekscommissie dat de regering de toestand ernstig heeft onderschat en dat premier Persson daar „uiteindelijk verantwoordelijk” voor was. De premier weigerde om zich het eerste etmaal na de tsunami met de ramp in te laten en minister van Buitenlandse Zaken Laila Freivalds – eerder dit jaar afgetreden naar aanleiding van een andere zaak – zat op de avond van de tsunami in de schouwburg en zei later dat ze op haar vrije dagen het nieuws nu eenmaal niet volgde.

Volgens ombudsman Berggren kan Danielsson onvoldoende uitleggen wat hij heeft gedaan om de vele Zweedse getroffenen te helpen en heeft hij zijn handelwijze positiever voorgesteld dan gerechtvaardigd is. Danielsson zou op 26 december twee keer met de staatssecretaris van Buitenlandse Zaken hebben gebeld. Maar die ontkent dat. „Ik kan niet zeggen dat Danielsson liegt, maar ik verdenk hem ervan dat hij onjuiste informatie gaf”, aldus Berggren.

Het vertrek van Danielsson komt voor de sociaal-democratische regering uiterst ongelegen. Op 17 september zijn er parlementsverkiezingen en de sociaal-democraten staan er niet zo gunstig voor. Danielsson gold als de rechterhand van Persson en volgens de oppositie werpt het rapport dan ook een nieuw licht op het functioneren van de premier. Volgens Persson zal het rapport de sociaal-democratische verkiezingscampagne echter niet hinderen. „In tegendeel, ik denk dat de meeste mensen begrijpen dat de zaak nu achter ons ligt”, aldus de premier. (AP)