The Wicker Man

Vrouwen zijn eng. En regisseur Neil LaBute toont ze in hun fascinerende engheid in The Wicker Man, die al in de Nederlandse bioscopen draait, voor zijn première in de VS en op het Filmfestival Venetië volgende week. Deze The Wicker Man is een remake van een van de laatste Hammer horrorfilms uit 1973 waarin Christopher – Dracula – Lee de stamoudste speelt van een op een Schots eiland verstopte sekte. Door de jaren heen heeft The Wicker Man onder liefhebbers van het genre een cultstatus verworven, onder meer doordat de film stiekem een musical is. Geen heidens ritueel zo wreed of er hoort wel een liedje bij. LaBute had maar één ingreep in het origineel nodig: hij verving de barbaarse samenleving van Lee en co. door een fluisterzacht beschaafd matriarchaat onder leiding van bijenkoningin Sister Summersisle (Ellen Burstyn), een directe erfgename van de Pilgrim Fathers. In Amerika wordt het nog steeds als een eer beschouwd om van deze religieuze separatisten af te stammen, die in de 17de eeuw Engeland verlieten na een ruzie met de Anglicaanse Kerk. Maar met één pennestreek zegt LaBute zo ook: Amerika is in wezen gesticht door een stelletje religieuze extremisten. Nicolas Cage is de politieman die op hun afgelegen eiland op zoek gaat naar een verdwenen meisje en stukje bij beetje de mores van deze primitief-geciviliseerde gemeenschap ontrafelt. Zo kan ons niet ontgaan dat er iets grondig mis is op Summersisle, dat zijn naam nog deelt met de originele film, maar waarin we nu opeens het woord ‘sis’ (zus) verscholen zien zitten tussen ‘summer’ (zomer) en ‘isle’ (eiland). Het is letterlijk een eiland vol ‘bloemetjes’ en ‘bijtjes’ waar, om dat zo te houden, archaïsche vruchtbaarheidsrituelen worden uitgevoerd. Maar alles wat we daarover te weten komen zien we door de ogen van politieman Nicolas Cage, die één en al alpha-mannetje is.

Regie: Neil LaBute. Met: Nicolas Cage, Ellen Burstyn, Kate Beahan, Frances Conroy, Molly Parker. In: 32 bioscopen.