Hypotheekdebat wordt politiek potje sudoku

Ook zo’n moeite met de discussie over de hypotheekrenteaftrek? Geen nood: de deelnemers zelf lijken soms ook wat in de war.

Scheidend voorzitter Herman Wijffels van de Sociaal-Economische Raad (SER) wist het eind vorig jaar nog zeker: de hypotheekrenteaftrek in Nederland zou in de eerstvolgende vijf tot tien jaar worden afgeschaft. Deze week kwam diezelfde SER, onder de nieuwe voorzitter Alexander Rinnooy Kan, met het advies de hypotheekrente in ieder geval de komende regeerperiode van vier jaar met rust te laten.

Het is lang niet de enige inconsistentie in wat al het Nationale Hypotheekdebat mag gaan heten. PvdA-leider Wouter Bos gaf in mei de aftrap door de aftrek aan te kaarten en de grootste politieke rivalen VVD en CDA waren er snel bij om de aftrek onaantastbaar te verklaren. Zij het dat er bij de christen-democraten ook verdeeldheid is: de CDJA-jongeren in de partij staan niet afwijzend tegenover afschaffing.

De tegenstelling die lijkt te bestaan tussen de lagere inkomensgroepen, die via de aftrek een subsidie zouden geven aan de hogere inkomensgroepen die meer af te trekken hebben, is helemaal niet zo duidelijk. Uitgerekend de vakbond FNV sprak zich in de SER uit tegen de afschaffing van de aftrek.

De meeste economen willen van de aftrek af. Met de hypotheekrente is jaarlijks zo’n 26 miljard euro gemoeid, waarvan 11 miljard via de aftrek als ‘subsidie’ voor woningbezitters aan te merken is. Dat rondpompen van geld is economen een doorn in het oog.

De Europese Commissie drong begin dit jaar nog aan op een belastingsysteem in Nederland dat ‘neutraal’ is voor de huizenmarkt. De Raad van economisch adviseurs, een gezelschap economen dat de Tweede Kamer adviseert, wil in dertig jaar van de aftrek af. De Nederlandsche Bank is, bij monde van president Nout Wellink, voor afschaffing, zij het uiteraard met mate. Het Centraal Planbureau is sinds jaar en dag kritisch, en onderdirecteur Casper van Ewijk schreef onlangs met twee collega’s in het economenblad ESB dat afschaffing een positief effect heeft op de economie van 0,4 procent van het bruto binnenlands product, en een werkgelegenheidseffect van 100.000 manjaren. Ook hoge ambtenaren in de invloedrijke Studiegroep begrotingsruimte gaan uit van een positief effect, zij het minder groot. Over de wenselijkheid van de afschaffing zelf zwijgen zij.

Economisch mag de afschaffing rationeel zijn, er is verdeeldheid over de maatschappelijke gevolgen. Drie economen van pensioenfonds ABP berekenden onlangs in het blad ESB dat de aftrek juist gunstiger is voor de lage inkomens dan voor de hoge, omdat mensen met een inkomen onder modaal 40 procent van hun inkomen kwijt zijn aan hun woonlasten, tegen maar 15 procent voor drie keer modaal. Dat spoort weer met een enquête door de Vereniging Eigen Huis waaruit bleek dat er bij inkomens beneden modaal veel meer weerstand is tegen afschaffing dan bij inkomens boven modaal.

Dat is opmerkelijk. Wellink van De Nederlandsche Bank waarschuwde als reactie op de plannen van Bos dat met het afschaffen van de aftrek geen nivelleringspolitiek mag worden bedreven. Maar als lagere inkomens inderdaad meer baat hebben bij de hypotheekrenteaftrek dan de hogere, zou dan een afschaffing van de aftrek juist de inkomensverschillen vergroten? In dat geval heeft de FNV weer gelijk met haar weerstand tegen het afschaffen van de aftrek.

Het potje politiek sudoku is daarmee nog niet ten einde. Minister Dekker (Volkshuisvesting, VVD) kan zwaaien met het rapport ‘Visie op de Woningmarkt’ van haar ministerie, waarin wordt geconcludeerd dat afschaffing niet bijdraagt tot de gewenste doorstroming op de woningmarkt.

Daartegenover staat een recent advies aan oud-minister van Economische Zaken Brinkhorst (D66) dat de overheid zich zo weinig mogelijk met de woningmarkt moet bemoeien. Het advies was geschreven door economen van de Stichting Economisch Onderzoek, onder wie Coen Teulings, een oud-lid van de eerdergenoemde Raad van economisch adviseurs van de Tweede Kamer. Oud-lid, want Teulings is inmiddels de nieuwe directeur van het Centraal Planbureau. En dat CPB is verklaard voorstander van de afschaffing van de aftrek.