Daglichtgevoel in het souterrain

Geen lamp die er tegenop kan: levend licht. Een van oorsprong Amerikaans en door Italianen verbeterd buizensysteem brengt het volle daglicht zelfs naar de kelder.

Op het terras van De Baak, managementcentrum van VNO/NCW aan de boulevard van Noordwijk aan Zee, staat sinds kort een koepel. Hij is gemaakt van slagvast acrylaat, een sterke kunststof die uitstekend licht doorlaat. Een ondergrondse pijp geleidt dat licht via een bocht van 90 graden naar een vergaderzaal in het souterrain. Aldus treedt in deze ruimte daglicht binnen.

Het systeem dat hier is toegepast heet Solarspot. De fabricage vindt plaats in Cocquio Trevisago, een dorpje niet ver boven Milaan, terwijl in Nederland de distributie voor rekening komt van Atlas Acomfa in Noordwijkerhout. Dat bedrijf (30 werknemers) doet vooral in plastic verpakkingsmateriaal en lichtdoorlatende golf- en profielplaten, maar directeur Aad de Klerk mag ook graag daglicht verkopen. „Ik ben daar erg enthousiast over”, zegt hij in zijn kantoor, waar Solarspots op diverse plaatsen zijn toegepast. „Je maakt er mensen blij mee.”

Het systeem bestaat uit drie onderdelen: koepel, buis en plafonnière. De koepel vangt het daglicht op. Direct onder de koepel zit een kunststof plaatje met een oppervlak van kleine prisma’s. Die zorgen ervoor dat zonlicht efficiënt de pijp ingeleid wordt en zo min mogelijk tegen de wanden kaatst.

Het geheim van Solarspot zit hem in de folie waarmee de binnenwand van de pijp is bekleed. Die is ontwikkeld door het Amerikaanse 3M, het bedrijf achter de zelfklevende Post-it-papiertjes. De folie bestaat uit een stapeling van 128 laagjes van afwisselend twee soorten kunststof, in totaal 0,05 millimeter dik. Door de laagdiktes van beide componenten precies te kiezen, wordt bereikt dat lichtstralen in het zichtbare gebied enorm goed reflecteren: inmiddels is de techniek zo geavanceerd dat 99,5 procent netjes terugkaatst. Tegelijk wordt niet-zichtbaar licht, met name infrarood, praktisch volledig geabsorbeerd.

„Die fantastische reflectie heeft tot gevolg dat we buizen tot wel 25 meter lang kunnen gebruiken”, zegt De Klerk, „met bochten en al. Zo kun je daglicht transporteren naar plekken waar het van zichzelf nooit komen kan. Aan het eind van de lichtpijp zit een soort plafonnière die het licht gelijkmatig over de ruimte verdeelt. Mensen houden van daglicht. Als er een wolk voorbij de zon trekt en de Solarspot varieert mee, geeft dat een gevoel van contact met de buitenwereld. Daglicht is levend licht, het doet je goed en het is gratis.”

Het blokkeren van infraroodstraling was een belangrijke reden voor Oomens Lederwaren in Zwolle om in het dak van zijn opslaghal 49 Solarspots te monteren. Waar de temperatuur in bedrijfshallen met simpele lichtkoepels (of daken met lichtstraten) ’s zomers bij overvloedige zonneschijn al snel flink oploopt – voor lederwaren weinig aantrekkelijk – is bij toepassing van Solarspots van warmte-instraling geen sprake. En ook niet van warmte-uitstraling in de wintermaanden.

Door de laagdiktes van de folie aan te passen is het ook mogelijk juist infraroodstraling te reflecteren. In Wageningen loopt onderzoek naar toepassing van een dergelijk gemodificeerde folie in kassen. Door de 3M-folie in een paraboolvorm op te hangen en de in-fraroodstraling naar een zonnecel in het brandpunt te dirigeren, valt elektriciteit op te wekken. Gewoon daglicht, nodig voor de planten in de kas, gaat ongehinderd door de folie heen. De Klerk: „De kunst is de 3M-patenten te omzeilen. Die folie is erg duur.”

Graag zou De Klerk zien dat Solarspot in de bouwwereld meer bekendheid kreeg. „Voor bepaalde situaties is het echt een oplossing. De moeilijkheid is dat het lastig is uit te leggen, je moet het zien. Gelukkig heeft de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde tegenwoordig een daglichtcommissie. Die gaat aanbevelingen voor good practice opstellen.”

De Klerk hoopt dat een deze zomer verschenen rapport van de internationale verlichtingscommissie CIE, die meerdere daglichtsystemen heeft bekeken en wetenschappelijk onderbouwd, tot gro-tere acceptatie zal leiden. „Certificerende instanties kunnen hun voordeel doen met het CIE-rapport en het zou mooi zijn als Solarspot een plaatsje krijgt in het Bouwbesluit.”

De Klerk hoopt dat het rapport ook de aandacht zal trekken van architecten. ,,Er zijn er genoeg die met daglicht willen werken maar niet van Solarspot afweten. Ook is de omissie in het Bouwbesluit voor een aantal een hindernis om Solarspot toe te passen. Dat is jammer want een lamp kan nooit op tegen het daglichtgevoel.”

Zie www.atlasacomfa.com