Veel minder armen bij andere meetmethode

Het Sociaal en Cultureel Planbureau heeft een experimentele methode ontwikkeld om armoede in Nederland te meten. Volgens deze criteria zijn er een ongeveer miljoen armen minder dan nu wordt berekend.

Het SCP benadrukt dat het gaat om een verkenning van een mogelijke nieuwe armoedegrens. Maar als deze de oude grenzen in de toekomst zou vervangen, kan dat gevolgen hebben voor het armoedebeleid van de overheid. De linkse oppositiepartijen gebruiken de armoedecijfers van het SCP regelmatig om kritiek te uiten op het inkomensbeleid ten aanzien van minima.

Het experimentele criterium dat het SCP heeft ontwikkeld, is (naar Amerikaans voorbeeld) gebaseerd op het minimale budget dat huishoudens nodig hebben voor wonen, voedsel en kleding. De huidige twee armoedegrenzen die het SCP gebruikt, zijn afgeleid van het niveau van uitkeringen en inkomens. Deze laten zien of mensen armer zijn dan gemiddeld, niet of ze genoeg geld hebben om van te leven.

Volgens de definitie die SCP-onderzoeker Arjan Soede heeft ontwikkeld, was het minimale jaarinkomen dat een alleenstaande in 2000 nodig had om van te leven, het zogenoemde low-cost budget, 8.000 euro. Soede heeft berekend dat 3,6 procent van de bevolking (zo’n 570.000 mensen), minder te besteden had, en volgens deze definitie dus arm was. Het is een tamelijk strenge definitie van armoede, zegt Soede. Daarom heeft hij ook een iets ruimere variant ontwikkeld. In dat zogenoemde modest but adequate budget is ook rekening gehouden met abonnementen en recreatie. Voor een alleenstaande lag de grens in 2000 op 9.100 euro per jaar. In deze variant was 6,4 procent van de bevolking arm, ofwel meer dan 1 miljoen mensen.

Beide armoedepercentages liggen onder dat van de zogenoemde lage-inkomensgrens (9,8 procent in 2000, ruim 1,5 miljoen mensen) die het SCP nu hanteert in zijn om de paar jaar verschijnende Armoedemonitor. Deze is gebaseerd op het bijstandsniveau van 1979 en wordt jaarlijks aangepast aan de inflatie. Het SCP gaat de alternatieve definities nog verder ontwikkelen.