Onderzoek tegen Watts gestaakt

De Amerikaanse beurstoezichthouder SEC onderneemt geen verdere stappen tegen voormalig topman Philip Watts van het Brits-Nederlandse olieconcern Shell. Dat heeft de advocaat van Watts vandaag laten weten. Daarmee lijkt ook het laatste onderzoek naar Watts ten einde gekomen. Afgelopen november besloot de Britse toezichthouder, de FSA, al de zaak tegen Watts te sluiten.

Philip Watts moest in maart 2004 aftreden als topman van Shell nadat eerder dat jaar aan het licht was gekomen dat het bedrijf zijn olie- en gasreserves veel te rooskleurig had voorgesteld. De reserves werden in het daaropvolgende jaar met 30 procent naar beneden bijgesteld. Het schandaal zorgde ervoor dat drie bestuursleden moesten aftreden, onder wie Watts. Ook de duale bedrijfsstructuur van Shell werd, onder druk van de aandeelhouders, na honderd jaar aangepast.

Zowel de Amerikaanse SEC als de Britse evenknie, de FSA, startten vervolgens een onderzoek naar de waardering van de reserves bij Shell. In augustus 2004 trof de oliemaatschappij met beide instanties een schikking van in totaal 150 miljoen dollar (117 miljoen euro). Een jaar geleden maakte de Amerikaanse justitie bekend Shell niet te zullen vervolgen voor het onjuist rapporteren van de olie- en gasreserves.

In antwoord op het onderzoek van de SEC en de FSA heeft Watts altijd volgehouden dat hij correct heeft geopereerd in de zaak van de reserves.

Hoewel de FSA en nu ook de SEC hebben laten weten geen verdere stappen tegen Watts te ondernemen, is de oliemaatschappij tot op heden achtervolgd gebleven door de zaak over de reserves. Dat bleek een maand geleden nog, toen het bedrijf zijn halfjaarcijfers presenteerde.

Shell meldde dat zijn winst met bijna een kwart was gestegen naar 12,4 miljard dollar (9,7 miljard euro), maar de aandacht ging vooral uit naar de productie. Die bleek opnieuw te zijn gedaald. In het tweede kwartaal was de productie met 8 procent afgenomen tot 3,25 miljoen vaten olie-equivalent per dag.