‘In de VVD van Teeven heb ik niets meer te zoeken’

Veel kandidaat-Kamerleden voor de VVD trekken zich terug omdat ze te laag staan.

Docters van Leeuwen haakt af omdat crime fighter Fred Teeven een hogere plek heeft.

Arthur Docters van Leeuwen heeft eigenlijk al de mooiste baan van de wereld. „Ik ga daarom niet op de bank zitten en ‘o, wat erg’ roepen”, zegt hij. „Ik blijf gewoon voorzitter van de mooie organisatie waar ik nu werk. Maar mijn politieke ambities zijn wel even verdwenen.”

Docters van Leeuwen is sinds gisteren geen kandidaat-Kamerlid meer namens de VVD. Hij blijft waar hij nu zit, de Autoriteit Financiële Markten. Docters is boos op het bestuur van de partij en voelt zich gepasseerd, zegt hij. „Het hoofdbestuur van de VVD had eleganter met mij om kunnen gaan. Ik ben volstrekt verrast.”

Docters van Leeuwen werd eerder dit jaar door partijleider Mark Rutte gevraagd zich te kandideren voor een plek in de Tweede Kamer. Docters, die jarenlang lid was geweest van D66, was al een tijdje aan de VVD verbonden. Zo schreef hij vorig jaar mee aan het Liberaal Manifest, waarin de liberalen hun visie op de toekomst hadden vastgelegd.

Maandagavond werd Arthur Docters van Leeuwen door partijvoorzitter Jan van Zanen gebeld. Docters zou op de tiende plaats komen van de concept-kandidatenlijst, was na een vergadering met de selectiecommissie gebleken. De leden mogen de komende maand de definitieve lijst vaststellen. Boven hem staan twee nieuwkomers: op plaats vier staat Brigitte van der Burg en op vijf Fred Teeven.

En om die laatste naam gaat het Docters van Leeuwen. „Ik vind het niet erg om achter mevrouw Van der Burg te staan, ik ken haar nauwelijks.” Hij kent Fred Teeven, een bekende officier van justitie, nog goed. Ze werkten samen toen hij zelf voorzitter van het college van procureurs-generaal was, in de jaren negentig. „Ik hoorde in hetzelfde gesprek met Van Zanen dat Teeven boven mij op de lijst zou komen. Dat verbaasde me. Tot die tijd had ik alleen een keer gehoord dat het hoofdbestuur gesproken had met Teeven, niet dat hij zo hoog op de lijst zou komen.”

Docters wil, voor de zekerheid, nog even zeggen dat hij „op zich niets tegen Fred Teeven heeft”. „De vijfde plek is prachtig voor hem. Ik feliciteer hem daar van harte mee.” Teeven, zegt Docters, „is iemand die we bij het openbaar ministerie een ‘procestijger’ noemden. Hij is goed in het voeren van processen tegen criminelen. Maar met de politicus-Teeven heb ik grote moeite.”

Teeven was in 2002 fractievoorzitter van Leefbaar Nederland, dat korte tijd twee zetels in de Tweede Kamer had. Na de verkiezingen van januari 2003 verdween de partij, waarvan Pim Fortuyn nog leider is geweest, weer uit de politiek. Docters: „De agenda van Teeven op strafrechtelijk gebied is niet de mijne. Om een onderdeel te noemen: Teeven vindt dat adequaat straffen boven alles gaat. Ik vind dat je met alleen het toepassen van het strafrecht de wereld niet verbetert. Ik ben voor veel meer preventie dan alleen repressie.”

Dat Teeven bóven Docters op de kandidatenlijst terechtkwam, beschouwt Docters als een „politiek signaal” van het hoofdbestuur. „De ideeën van Teeven zijn belangrijker dan de ideeën van Docters. Dat kan, maar dan heb ik niets meer in de partij te zoeken.” Teeven en hij zouden, zo verwachtte Docters, allebei het woord willen voeren over de portefeuilles justitie en handhaving.

Dinsdag belde Docters Van Zanen en Rutte op. Hij deed afstand van zijn plek. „Ik zei: als ik het geweten had, had ik het niet gedaan. Ik verwijt Mark Rutte niets. Het hoofdbestuur is verantwoordelijk, maar ik denk dat zij zeggen: ‘Het was voor ons al moeilijk genoeg om iedereen een goede plek te geven’.” Het hoofdbestuur heeft in een korte verklaring laten weten het vertrek van Docters te betreuren, want hij stond „niet voor niets” zo hoog op de lijst.

Voor Docters was dat niet het belangrijkste. Wel dat Teeven boven hem staat. „In de strijd om het lijsttrekkerschap tussen Mark Rutte en Rita Verdonk heeft iedereen kunnen zien hoe belangrijk een minimaal verschil op de kandidatenlijst kan zijn voor de koers van de partij. Een rangorde bepaalt de partijlijn. Zo is het nu eenmaal. Het was hij of ik, en ze hebben voor hem gekozen.”