Vrijen graag, maar dan wel zonder condoom

Van de jongeren gebruikt ruim de helft in een nieuwe relatie binnen drie maanden geen condoom meer.

Ze schatten de risico’s die ze lopen verkeerd in.

Onveilig vrijen is als door rood licht rijden. Iedereen weet dat je beter kunt wachten. En wat de gevolgen kunnen zijn als je dat niet doet: zelf een been en een arm breken en een medeweggebruiker een whiplash bezorgen. Of erger. En toch rijden veel mensen door rood. Vaak zelfs. Ze denken: ‘Ach, ik kijk toch goed uit, er komt niets aan.’

Nederlandse jongeren weten dat het gevaarlijk is zonder condoom te vrijen. Ze weten dat ze seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s) of het aidsvirus (hiv) kunnen oplopen. En dat ze daarmee vervolgens anderen weer kunnen besmetten. De meeste jongeren weten wat voor soa’s er zijn en welke gevolgen ze hebben. Dat je van chlamydia niets hoeft te merken, bijvoorbeeld.

En toch neemt het aantal hiv- en soa-besmettingen in Nederland weer toe. Twee jaar geleden meldde het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) nog dat de toename van soa’s was gestopt en het aantal hiv-besmettingen zelfs afnam. Dit voorjaar becijferde het RIVM dat het aantal hiv-besmettingen in 2005 met 22 procent steeg ten opzichte van 2004. In Nederland hebben nu naar schatting ruim 18.000 mensen hiv.

Het aantal chlamydia-besmettingen steeg met 15 procent, vooral bij hetero’s onder 25 jaar. Expertisecentrum Soa Aids Nederland schat dat jaarlijks 60.000 mensen met chlamydia besmet raken. Meer mensen laten zich testen en de testen worden beter, maar ook als hiermee rekening wordt gehouden, hebben steeds meer mensen deze geslachtsziekte of hiv.

Hoe komt dat? De Rutgers Nisso Groep (voorheen Rutgersstichting) ging in opdracht van Soa Aids Nederland op zoek naar mogelijke verklaringen. Deze maand werden de resultaten van het onderzoek gepubliceerd. Ruim de helft van de Nederlandse jongeren gebruikt in een nieuwe relatie binnen drie maanden geen condooms meer. En slechts drie op de tien jongeren laten eerst testen of ze een soa hebben of hiv, voordat ze onbeschermd met hun nieuwe liefde naar bed gaan. Of iemand hiv heeft opgelopen, is pas drie maanden na de besmetting in het bloed te zien. Ook soa’s kennen een incubatietijd, bij een aantal geslachtsziektes tot drie maanden.

Als jongeren tijdens hun vakantie met een onbekende naar bed gaan, doet 28 procent niets om zich tegen een soa te beschermen, blijkt uit hetzelfde onderzoek. Van de jongeren met ‘losse partners’, die in 2005 meerdere, kortdurende seksuele relaties hadden, gebruikt 47 procent altijd een condoom. Terwijl in 1998 nog tweederde van deze jongeren het altijd veilig deed.

Gevraagd naar de reden om voortaan onveilig te vrijen, zonder een test vooraf, zeggen jongens en meiden dat ze hun partner vertrouwen. Dat ze weten dat de partner niks heeft.

„Ik vertrouw jou wel, maar je ex niet”, zegt een meisje tegen haar nieuwe vriendje, dat het zonder condoom wil doen. Het is de slotzin van het radiospotje van de Vrij Veilig-campagne van Soa Aids Nederland, die deze maand begon.

Maar werken die Vrij Veilig-campagnes wel? „Nederlandse jongeren weten veel van soa’s en hiv. En Nederland is het enige land met campagnes gericht tegen de verspreiding van soa’s, in andere landen gaat het alleen over hiv”, zegt Filippo Zimbile, campagnecoördinator van Soa Aids Nederland.

Nederlandse jongeren schatten de risico’s die ze lopen verkeerd in, zegt Filippo Zimbile van Soa Aids. „Bij one-night-stands doet meer dan 80 procent het wél veilig, omdat ze dan denken meer risico te lopen. Maar als ze het vaker doen met dezelfde partner ontstaat er vertrouwen en denken ze ‘we kunnen wel zonder’. Terwijl je nieuwe liefde de zaken vaak rooskleuriger voorstelt dan ze zijn. Iedereen zegt dat hij of zij het alleen met maagden en fatsoenlijke mensen heeft gedaan.”

Yuri Ohlrichs is consultant voor de Rutgers Nisso Groep en heeft seksuele vorming op scholen gegeven. „Jongeren die nu aan seks beginnen, weten allemaal dat ze het veilig moeten doen. Maar als je ze vraagt hoe ze dat moeten aanpakken, staan ze met de mond vol tanden. Het is ook moeilijk. Een condoom willen gebruiken, staat voor wantrouwen. Een meisje dat een condoom bij zich draagt, wordt nog altijd als slettebak gezien, een jongen ‘is erop uit’.”

Volgens Ohlrichs laten jongeren zich niet testen, omdat ze zich niet bewust zijn dat ze risico hebben gelopen. „Vaak weten ze niet dat je ook via orale seks een soa kunt oplopen.” Veel soa’s die wel schadelijk kunnen zijn, leidden niet (meteen) tot klachten. Jongeren denken dat het dan wel goed zit. Eén op de tien jongeren heeft geen idee waar hij of zij zich kan laten testen.

Dat minder jongeren altijd condooms gebruiken dan een aantal jaar geleden is moeilijk te verklaren. Voor homo’s heeft onderzoek aangetoond dat ze hiv, door de ontwikkeling van betere medicijnen, als minder erg zien en het daarom vaker onveilig doen. Voor hetero’s is dit effect niet onderzocht, maar Zimbile denkt dat het kan meespelen.

Hoe moeten jongeren overgehaald worden om veilig te (blijven) vrijen? Soa Aids Nederland wil jongeren vaardigheden aanleren. Op de site www.vrijsoavrij.nl staat een top 10 van smoezen om geen condoom te gebruiken én de manieren om ze te pareren. Zegt iemand ‘met condoom is er niks aan’, antwoord dan ‘pure onzin. Als je een condoom goed gebruikt, kun je het zeker net zo leuk maken mét als zonder condoom’. Verder worden condooms genoemd die de seks leuker maken doordat ze ultradun zijn, een smaakje hebben, of stimulerende noppen en ribbels.

„Maar ja, hoe pak je dat dan aan, als je daar zit met je grote liefde. Je zit dan niet op de rand van het bed om na te denken”, zegt Lisette Kuyper, onderzoekster bij de Rutgers Nisso Groep. Het is niet haalbaar dat álle jongeren het áltijd veilig zullen doen, erkent ze. Zimbile: „Je emotie overheerst, niet je ratio. Je bent jong en verliefd en als je de mogelijkheid hebt, doe je het gewoon liever zonder condoom.”

Lees meer over soa’s: www.vrijsoavrij.nl