Trouwjurken in tact in vernielde wijk van Beiroet

Een Libanese vrouw verwijdert stof van een trouwjurk op de stoep van haar winkel. De bruidswinkel, in een zuidelijke buitenwijk van Beiroet, werd deels vernietigd door de bombardementen. De paspoppen met bruidsjurken bleven in tact.

Zuid-Libanon ligt in puin na het offensief van Israël tegen Hezbollahstrijders die op 12 juli van dit jaar twee Israëlische soldaten ontvoerden. Sindsdien zijn in Libanon zo’n 1.287 doden gevallen, bijna allemaal burgerslachtoffers. Er stierven 160 Israëliërs. Dat waren met name soldaten. Premier Olmert van Israël maakte gisteren bekend dat hij niet van plan is een onafhankelijk nationaal onderzoek naar de oorlog in Libanon te gelasten. Enkele politici hadden dat geëist. Wel heeft Olmert twee commissies ingesteld die de rol van de regering en die van het leger zullen onderzoeken.

Secretaris-generaal Kofi Annan van de Verenigde Naties – op rondreis door het Midden-Oosten – heeft er bij de Libanese regering op aangedrongen dat de twee ontvoerde Israëlische soldaten worden vrijgelaten. Hij wil dat ze worden overgedragen aan het Rode Kruis. In Beiroet sprak Annan met voorzitter Berri van het parlement. Die onderhandelt met hem namens Hezbollah-leider Hassan Nasrallah. Berri zou een sleutelrol moeten spelen in overleg over een gevangenenruil. Dat overleg zit nog vast. Israel handhaaft vooralsnog een zee- en luchtblokkade.