Oplappen om te doden

Zondag spreekt medisch historicus Leo van Bergen (VU) over de Slag aan de Somme als eerste in een serie van vijf ‘Herfstlezingen’ over historische veldslagen en de aard van oorlog. Paradiso, Amsterdam, 11u. Zie www.klpoll.nl.

De Slag om de Somme, in 1916, was gruwelijk. Volgens schattingen zijn daar zo’n 300.000 mensen omgekomen. Op de eerste dag vonden al 20.000 Britse soldaten de dood. In de hele Eerste Wereldoorlog vielen gemiddeld 5.000 doden per dag, ruim vier jaar lang. Medisch historicus Leo van Bergen probeert te achterhalen wat je als soldaat lichamelijk en geestelijk kon oplopen door aan die oorlog mee te doen en wat de medische hulp daar tegenover stelde.

U plaatst vraagtekens bij die medische hulp?

„Uiteraard was het aantal zieken zo groot dat de beschikbare hulp volstrekt ontoereikend was. Bovendien werd die eerder door militaire dan humanitaire motieven ingegeven. Soldaten moesten zo snel mogelijk worden opgelapt en terug naar het slagveld. Zonder die medische hulp zouden de slagen lang zo lang niet hebben geduurd. Al binnen een jaar of wat zouden er simpelweg niet genoeg soldaten zijn geweest om door te vechten. Met als paradoxaal gevolg dat die medische hulp misschien wel tot meer doden heeft geleid dan dat hij levens heeft gered.”

Moet je mensen dan in de loopgraven laten doodbloeden?

„Dat is het eeuwige probleem. Je moet gewonden helpen, maar daarmee houd je ook de oorlog in stand. Soldaten belandden soms vier of vijf keer in het hospitaal en moesten steeds weer de oorlog in. Een Indiër schreef heel verbaasd naar huis: ‘Een brood dat eenmaal gebakken is stop je toch ook niet voor een tweede keer in de oven?’”

Weigeraars kwamen voor het vuurpeloton. Ze worden nu pas postuum gerehabiliteerd.

„Ik vind het onterecht dat gefusilleerde soldaten nu een generaal pardon krijgen op grond van psychische problematiek. Veel soldaten waren volledig bij zinnen toen ze weigerden door te vechten. Als een bataljon slecht had gepresteerd werden soldaten soms gewoon uit de groep gelicht en geëxecuteerd als afschrikwekkend voorbeeld om hun kameraden voortaan harder te laten lopen. Die kun je toch moeilijk ‘gek’ verklaren?

Zij hadden niet een generaal pardon moeten krijgen omdat ze gestoord waren, maar omdat het rechtssysteem niet deugde. Bij de vonnissen werden alle regels met voeten getreden. Veel bewijsmateriaal werd niet eens bekeken. Van de 3.080 ter dood veroordeelde Britten zijn er 351 geëxecuteerd, van wie 306 wegens lafheid en desertie. Waarom de een wel werd doodgeschoten en de ander niet, was een zaak van pure willekeur. Klassenjustitie vierde hoogtij. Weigeraars uit de betere kringen werden echt niet aan zo’n paaltje gebonden.

De soldaten waren moedig genoeg, maar ze werden op zelfmoordacties gestuurd. Lions led by donkeys. Als je zelf niet in zo’n situatie hebt gezeten, mag je nooit oordelen over de vraag of een ander laf is geweest.”

Wat is uw conclusie?

„War is hell.”