CWI wil duizenden extra ouderen aan werk helpen

Er zijn honderden extra mensen nodig om oudere werklozen aan het werk te krijgen. Zij profiteren nauwelijks van het aantrekken van de de werkgelegenheid. Daarom gaat het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI) driehonderd extra consulenten inzetten.

„Je ziet het aan onze bestanden met werklozen. Die zijn sinds januari met 10 procent afgenomen. Maar bij ouderen is dat maar één procent”, zei voorzitter Rens de Groot van CWI vandaag in het Radio 1 Journaal. „Zij komen moeilijk aan het werk. En ouderen, dat is al vanaf 45 jaar.”

Het CWI wil in één jaar 20.000 extra 45-plussers aan het werk helpen. Zij hebben nu minder te doen omdat de toestroom van werklozen is opgedroogd. „Er is geen extra budget nodig”, zegt De Groot.

Bij het CWI staan ruim 200.000 werkzoekenden van 45 jaar en ouder ingeschreven. Het eerste half jaar hebben zij de grootste kans om een baan te vinden: 10 procent. Daarna neemt die kans af.

In de groep werkloze ouderen zitten niet meer lager opgeleiden dan gemiddeld. „Er zitten ook veel mensen bij met een HBO-opleiding of een universitaire opleiding.”

Dat er een probleem zou zijn met oudere werklozen zit volgens de CWI-voorzitter „alleen in het hoofd van de werkgevers”. Ouderen zijn niet minder productief dan jongeren, zegt De Groot. „Dat is nooit aangetoond.”

Ook zouden ze niet duurder hoeven zijn dan jongere werknemers. „Er staat bovendien ervaring tegenover, een groot probleemoplossend vermogen, en stressbestendigheid.”

De adviseurs moeten werkgevers ervan overtuigen dat het voor hun bedrijf goed is om ouderen in dienst te nemen. Proefprojecten in onder meer Amsterdam en Flevoland laten volgens De Groot goede resultaten zien.

Daarbij besteden de adviseurs ook aandacht aan de ouderen zelf. „Door samen met hen vaardigheden en ervaring in kaart te brengen, neemt het zelfvertrouwen toe.” Ook beginnen steeds meer ouderen voor zichzelf, merkt De Groot op. „Met succes.”