Al-Qaeda is weer in zicht

Wat is er de afgelopen week gebeurd rondom de Nederlandse missie in Afghanistan? Ten oosten van Uruzgan gaat de aandacht uit naar Al-Qaeda.

Terwijl premier Balkenende dit weekeinde in Uruzgan zijn „diepe bewondering” voor de Nederlandse militairen van de NAVO-stabilisatiemacht ISAF-III uitsprak, was in de oostelijke provincies de wegbereiding voor ISAF-IV in volle gang. Hier heeft de door de Verenigde Staten geleide operatie Enduring Freedom de jacht op terroristen geïntensiveerd. Hebben de NAVO-militairen in het zuiden vooral te maken met Talibaan-strijders, lokale krijgsheren en drugsbendes, in het oosten breidt de aandacht zich uit naar de speler waarom de strijd in Afghanistan begon: Al-Qaeda.

Niet voor niets heeft ISAF deze regio voor het laatst bewaard. In het oosten ligt de onherbergzame grensstreek met Pakistan waar het maar niet lukt om Osama bin Laden te vinden. Dit is ook het gebied waar door een gebrek aan overheidsgezag Talibaan-rekruten vanuit Pakistan de grens oversteken. En dit is het gebied waar Hezb-i-Islami haar machtsbasis heeft, de beweging van Gulbuddin Hekmatyar – een van de belangrijkste krijgsheren en tot de komst van de Talibaan in 1994 president van Afghanistan. In mei verklaarde Hekmatyar zich solidair met Al-Qaeda.

Afgelopen vrijdag gelastte president Hamid Karzai een onderzoek naar het incident dat een dag eerder plaatshad in de provincie Kunar, toen Amerikaanse en Afghaanse militairen een basis aanvielen waar zich volgens de Amerikanen een belangrijke Al-Qaeda-figuur ophield. Ze doodden de gezochte man en zeven anderen, onder wie een kind. De lokale politie had een andere lezing: de Amerikanen zouden een gebouw hebben aangevallen waar twee families, die niets met Al-Qaeda van doen hebben, met behulp van stamoudsten een conflict probeerden op te lossen.

Eerder deze maand doodden Amerikaanse militairen negentien strijders van Hezb-i-Islami die hun in juli in gebruik genomen basis in Kamdesh, in de provincie Nuristan, aanvielen. Met het gebruik van bermbommen, confrontaties met veel doden en een president die protesteert tegen het Amerikaanse optreden, lijkt de situatie in het oosten nu veel op die in het zuiden in het voorjaar. Toen wilde Enduring Freedom met een groot offensief de weg bereiden voor ISAF. Verschillen met de strijd in het zuiden zijn onder andere de nog grotere diversiteit in de groepen tegenstanders en de nog grotere onherbergzaamheid van de regio. De Amerikaanse basis in Kamdesh is bijvoorbeeld alleen per helikopter bereikbaar.

Ondanks een grote militaire inzet valt de schade die de Talibaan is toegebracht tegen, afgaande op de confrontaties die vooral de Britten in Helmand sinds het begin van ISAF-III te verduren hebben. Gisteren kwam het Britse dodental in Helmand op elf, toen een soldaat omkwam bij een schotenwisseling met extremisten.

Overigens gaat Enduring Freedom ook in het zuiden door met de jacht op terroristen. In Uruzgan doodde de coalitie vrijdag met een bombardement op een „toevluchtsoord van de Talibaan” een „bekende Talibaan-commandant” – wiens identiteit niet is vrijgegeven – en vijftien van zijn strijders. Het incident had plaats in de centraal gelegen Khod-vallei. Ook werd deze week bekend dat een Nederlandse patrouille vorige week vrijdag bij de kleinere basis bij Deh Rawood is beschoten door een groep mannen op motorfietsen.