Politieke angst private equity is niet terecht

Minister Wijn is bang dat kennis verdwijnt door private equity (nrc.next, 22 augustus).

Niet terecht. Kennis zit niet in bedrijven maar in mensen.

Er is in de afgelopen weken geen dag voorbijgegaan waarop de begrippen ‘private equity’ en ‘durfkapitalisten’ niet ergens in de media verschenen. Na de reacties uit het bedrijfsleven en beleggingswereld was het onvermijdelijk dat ook de politiek zich er tegenaan ging bemoeien. En dus bracht minister Wijn (Economische Zaken, CDA) het haast onvermijdelijke argument naar voren: private equity investment leidt tot een uittocht van kennis en hoofdkantoren.

Het ‘weglekken van kennis’ en ‘de erosie van de Nederlandse kennisbasis’: het zijn modieuze doemscenario’s en voornamelijk bewindslieden schermen er graag mee. Hoewel dergelijke dreigingen wellicht sterk tot de verbeelding spreken, snijden ze economisch weinig hout.

Op de eerste plaats veronderstelt het idee van vertrekkende bedrijven die kennis meenemen dat een bedrijf als zodanig kennis bezit. Kennis zit echter niet in bedrijven, organisaties of instituties, maar in de mensen die deze kennis binnen dergelijke instellingen verwerven en toepassen. Bedrijven kunnen dan wel onderdelen naar het buitenland verplaatsten, voor zover er mensen achterblijven, blijft de opgedane kennis wel degelijk gewaarborgd voor Nederland.

Ten tweede doet de redenering van minister Wijn het voorkomen alsof de verplaatsing van bedrijven en bedrijfsonderdelen naar het buitenland een nieuw fenomeen is. Niets is minder waar. Elke dag besluiten directies, zonder enige inmenging van durfkapitalisten, om bepaalde activiteiten naar het buitenland over te brengen. Maar keer op keer wijst economisch onderzoek uit dat internationale opsplitsing van de productieketen de productiviteit en werkgelegenheid van het bedrijf als geheel ten goede komt. Met andere woorden: aan de linkerkant verliezen we in Nederland wellicht tien banen, maar aan de rechterkant komen er vijftien bij.

Op de derde plaats wordt vaak voorbijgegaan aan het feit dat bedrijven niet alleen vertrekken uit Nederland, maar dat ze ons land ook binnenkomen. Nederland oefent door zijn sterke positie in onder andere distributie en chemie, zijn gunstige geografische ligging, zijn sterk ontwikkelde infrastructuur en zijn goed opgeleide beroepsbevolking aantrekkingskracht uit op buitenlandse investeerders. Deze investeerders creëren op hun beurt werkgelegenheid en brengen nieuwe kennis mee.

Er is niets mis met pogingen vanuit de politiek om bedrijven voor Nederland te behouden. Maar de gevolgen van het vertrek van bedrijven, zeker wanneer het gaat om kennis en werkgelegenheid, moeten beter worden genuanceerd. Investeren in een kenniseconomie geschiedt in eerste instantie door te investeren in mensen.

Roger Smeets is promovendus bij de vakgroep Economie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.