Musicalwereld wordt volwassen

Het komende seizoen wordt de musical Cats weer gespeeld. En ook My Fair Lady en Grease gaan opnieuw in première. Cats was in Nederland al drie keer eerder (in 1987, 1988 en 1992) te zien. My Fair Lady werd hier in 1994 voor het laatst opgevoerd, en Grease maakte al in 1997 een tournee in een Nederlandse versie.

Natuurlijk had men iets nieuws kunnen kiezen. Er zijn nog zo veel andere musicals die nog niet eerder in dit land waren te zien. Maar het komende musicalaanbod is ook te bezien als een blijk van volwassenwording. Ook onder musicals zijn er klassiekers die het altijd waard zijn opnieuw te worden vertoond. My Fair Lady en Grease gaan er dan ook met nieuwe interpretaties anders uitzien.

Cats, dat altijd volgens het zelfde model moet worden gespeeld, luidde in 1987 in Nederland een nieuw tijdperk in. Jarenlang waren in dit land geen internationale musicalsuccessen meer vertoond. Na het spectaculaire succes dat Wim Sonneveld in 1960 oogstte met My Fair Lady, waren heel wat andere naar buitenlands voorbeeld geproduceerde musicals geflopt. Uiteindelijk durfde geen enkele producent er meer aan te beginnen. In plaats daarvan werd hier de toon gezet door de cabareteske musicals van Annie M.G. Schmidt en Harry Bannink, en diverse navolgers.

Pas toen theater Carré in Amsterdam zijn honderdjarig bestaan wilde vieren met iets bijzonders, werd voor het eerst weer een voorstelling gemaakt volgens het Broadway- en Londen-model. Vervolgens was het vooral Joop van den Ende die in Nederland langzaam maar zeker een infrastructuur voor musicals heeft opgebouwd. Er zijn nu meer dan genoeg geschikte spelers, regisseurs, ontwerpers en technici om het internationale repertoire aan te kunnen.

Daarbij hoort ook dat er regelmatig nieuwe versies van de klassiekers, liefst met nieuwe visies, worden gemaakt – zoals het toneel steeds weer doet met Hamlet en De kersentuin en de opera met Don Giovanni en Der Ring des Nibelungen.

Cats, dat op 7 oktober in première gaat, blijft ditmaal niet op één plek staan, maar gaat op tournee langs de grootste theaters van Nederland. De oude Grizabella wordt afwisselend vertolkt door Anita Meijer, Pia Douwes, Antje Monteiro, Vera Mann en Lone van Roosendaal, terwijl Marco Bakker op zijn post blijft als Oom Deuteromium.

De sterren in de nieuwe My Fair Lady (4 november) zijn Thom Hoffman, Céline Purcell en Bob Fosko. En de vroegere Idols-finalist Jim Bakkum is het middelpunt in de komende Grease (22 oktober). Eveneens van buitenlandse makelij zijn de hier nog niet eerder vertoonde The Wiz in het Beatrix-theater in Utrecht (9 september), de Disney-productie Tarzan met muziek van Phil Collins (volgend voorjaar) en de reprises van Annie en Beauty and the Beast.

Toch kleeft er aan die breed uitwaaierende blik naar het buitenland óók een nadeel. Het maken van Nederlandse musicals over Nederlandse onderwerpen staat al jarenlang op een zeer laag pitje. Afgezien van de kleuter-, kinder- en familiemusicals was er vorig seizoen maar één: Turks Fruit. Dit seizoen zijn het er, naast Rembrandt twee: het op de bestseller van Albert Mol gebaseerde Wat zien ik? (11 oktober) met Mariska van Kolck en Ellen Pieters als hoerenstel uit de jaren zestig en John Kraaijkamp jr. als amoureuze klant, en de musical Doe Maar (28 januari) met Lenette van Dongen, Kim-Lian van der Meij, Daniël Boissevain, Jan Rot en de hits van de gelijknamige popgroep, volgens het procédé dat Mamma Mia! tot een wereldsucces heeft gemaakt.

Ook wordt bij Van den Ende nog gewerkt aan een Ciske de Rat-musical, die komt over ruim een jaar.