‘Crazy’ is al een popklassieker

Een half jaar na de wereldpremière van het aanstekelijke en gevoelige nummer ‘Crazy’ van Gnarls Barkley zijn door andere zangers al tientallen covers opgenomen.

Wat maakt Yesterday en You’ll never walk alone tot onaantastbare popklassiekers? Vraag het de componisten/tekstdichters en ze weten het niet. Was het de melodie, de tekst, het pakkende refrein, de meezingbaarheid? Of was het een combinatie van factoren, een gunstige samenloop van omstandigheden?

Stel dat Paul McCartney zijn Yesterday in de oorspronkelijke versie had uitgebracht met de openingswoorden ‘Scrambled eggs… Oh my baby how I love your legs’, zou het dan net zo’n kraker zijn geworden? Of als Paul Anka zijn tekst van My way op een andere melodie dan die van het Franse Comme d’habitude had toegepast, zouden Frank Sinatra en Lee Towers zich dan net zo enthousiast over de melodie hebben ontfermd?

Een graadmeter voor de overlevingskracht van een popsong is het aantal coverversies. Yesterday en My way kennen er ontelbare, van Cheo Feliciano’s pittige sambabewerking van het Beatlesorigineel tot Sid Vicious die zich met veel misbaar en pistoolschoten aan de Sinatra-klassieker vergrijpt. Een recente toevoeging aan het standaardrepertoire van elke hotelbarzanger is Hallelujah van Leonard Cohen, gecoverd door velen van John Cale en Jeff Buckley tot Sheryl Crowe en Regina Spektor.

Hèt succesverhaal op covergebied is momenteel Crazy, de soulhit met hiphopbeat van het Amerikaanse duo Gnarls Barkley. Ingeleid door vier herkenbare drum- en bastonen werd het eerder dit jaar een wereldwijde hit die snaren raakten bij het oude soulpubliek – zanger Cee-lo heeft een stem die het midden houdt tussen de rasp van James Carr en het zalvende van Al Green – maar ook bij jongeren die er een koel swingend hiphopritme in ontdekten. Binnen een half jaar heeft het aanstekelijke en toch gevoelige Crazy – op een cruciaal moment zit er een tactische mineur-majeurovergang in - al vele tientallen coverversies uitgelokt, mede dankzij internetsites als YouTube waar amateurzangers hun kunsten vertonen.

De eerste Crazy-cover kwam van de Portugees/Canadese zangeres Nelly Furtado, die een uitgeklede vertolking met breekbare stem liet horen in het BBC-radioprogramma Live Lounge. Niet alleen maakte de coverversie een storm van reacties bij luisteraars los, ook collega-artiesten werden op een idee gebracht.

Crazy leent zich om zijn eenvoudige en toch dramatische structuur uitstekend voor nieuwe interpretaties, simpelweg met een gitaartje of bombastisch door een voltallige rockband. Tot die laatste categorie behoren de live-versies van The Raconteurs en The Twilight Singers, die allebei met filmbeelden op internet te vinden zijn. Ook de groepen Texas, Mates of State en The Kooks waagden zich aan Crazy, laatstgenoemden met een filmpje (www.youtube.com) waarin de twee zanger/gitaristen het lied achteloos op straat spelen.

Bijzonder veel internetrespons kwam er voor de blanke-soulversie van Ray Lamontagne die het nummer tot de emotionele ruggegraat uitkleedde. Minstens zoveel soul voegde de 19-jarige Paolo Nutini er aan toe, toen hij het zong op het jongstleden Lowlandsfestival. Misschien wel de mooiste uitvoering is die van het slaapkamerduo MissingLink101 met een naamloze, molllige zangeres onder een bos getoupeerd haar die de sterren van de hemel zingt. Waarschijnlijk de slechtste cover gaat komen van de kortademige non-zangeres en hotelketenerfgename Paris Hilton, die de verschijningsdatum van haar debuutalbum heeft uitgesteld om er háár bijdrage tot de Crazy-gekte aan toe te voegen. Misschien is daarmee een mysterie onthuld, namelijk dat een popsong pas werkelijk tijdloos is als je ook van een heel erg slechte versie een miljoen exemplaren kunt verkopen.

Het concert dat Gnarls Barkley vanavond in Paradiso zou geven is afgelast en uitgesteld tot november. Het origineel van Crazy staat op hun album St. Elsewhere (Warner).