Wel vliegen, maar niet vechten voor de Britten

De Nederlandse F-16’s in Kabul komen in actie voor alle buitenlandse troepen in het zuiden van Afghanistan. Maar de soldaten in Uruzgan gaan voorlopig de provinciegrens niet over.

Niet één bom hadden de Nederlandse F-16-straaljagers in het kader van de ISAF-operatie afgeworpen, sinds zij op 1 april 2003 bij Afghanistan betrokken raakten. Wel maakten de Nederlandse F-16’s in die periode in totaal 1.546 vluchten boven Afghanistan, waarvan 34 keer in ‘Quick Reaction Scramble’, ter urgente ondersteuning van buitenlandse grondtroepen bijvoorbeeld. Maar niet één bom.

Tot in juli van dit jaar, rond het begin van de ISAF-3-operatie in het zuiden van Afghanistan. Op 24 juli wierp voor het eerst een Nederlandse F-16 een lasergeleide bom van 500 pond af. Dat was in de provincie Helmand, waar de Britten sinds het begin van ISAF het commando voeren. Sindsdien zijn er nog zeven gevolgd.

De Nederlandse F-16’s, nu acht in getal, vliegen vanuit Kabul en staan der beschikking van de commandant van ISAF, thans de Britse generaal Richards. Zij zijn dus niet alleen bedoeld ter ondersteuning van de Nederlandse grondtroepen die in de provincie Uruzgan hun deel van ISAF-3 uitvoeren.

Al heeft Nederland bij het ter beschikking stellen van de toestellen wél, wijs geworden door het drama Srebrenica in 1995 toen hogerhand luchtsteun aan benarde Nederlandse troepen verbood, bedongen dat de Nederlandse legerleiding naar believen de F-16’s kan inzetten ter verdediging van de Nederlandse eenheden in Uruzgan.

Die situatie heeft zich echter nog niet voorgedaan: Uruzgan is rustiger dan de provincies Kandahar en Helmand. „Maar dat kan natuurlijk elk moment veranderen”, aldus een Nederlandse militaire bron. Van Nederlandse zijde lijkt de bereidheid voorshands gering om op korte termijn grondtroepen aan Uruzgan te onttrekken ter ondersteuning van de Britten in Helmand, of de Canadezen die het in hún provincie Kandahar eveneens zwaar te verduren hebben.

De opzet van ISAF-3, waarbij troepen uit de verschillende provincies en deelnemende landen elkaar in geval van nood kunnen bijstaan, zou zulk optreden zeker mogelijk maken.

Maar met name politiek Den Haag vindt het daarvoor nog vroeg: onze eigen mensen gaan vóór, en we zijn in Uruzgan nog geen maand bezig, heet het daar.

De Nederlandse F-16’s zijn er echter wél voor heel ISAF-3. In de briefingroom van het detachement F-16’s krijgen twee piloten de instructie voor hun volgende missie, rond vier uur ’s middags.

Zij zullen gedurende enkele uren boven de provincie Helmand rondcirkelen, op aanvraag van de Britse troepen aldaar. Waarvoor hun inzet is gevraagd, wordt niet verteld. Het zou de begeleiding van een konvooi kunnen zijn, zegt overste Van Geel, commandant van het F-16-detachement. Of de verwachting van moeilijkheden – tenslotte worden de Britse troepen in Helmand zeer regelmatig, bijna dagelijks en op meerdere locaties, aangevallen door de Talibaan of andere tegenstanders.

Eenmaal boven Helmand zullen de vliegers worden aangestuurd door Forward Air Controllers (FAC’s) van de Britten op de grond. De Nederlanders, ook de vliegers zelf, blijven echter verantwoordelijk voor de acties die zij uitvoeren, in die zin dat die in overeenstemming moeten zijn met de zogenoemde rules of engagement van ISAF en de uitleg die daar in militair en politiek Den Haag aan gegeven wordt.

Die rules of engagement zijn in beginsel geheim. Maar geen geheim is dat in het bijzonder het risico van collateral damage – schade aan de omgeving van het eigenlijke doel, en daarmee wellicht ook aan onschuldige burgers – allerlei complexe afwegingsprocedures op gang brengt. Overste Van Geel laat filmpjes zien waarin te horen is hoe de Nederlandse piloten inderdaad zulke afwegingen maken, voordat zij op aanwijzing van de FAC’ers hun bom laten vallen.

„Al die regeltjes maken het erg ingewikkeld”, zegt een der F-16-piloten, wanneer hij vier uur later in Kabul weer aan de grond staat. Het was weer flink mis in Helmand, vertelt hij – de Britten werden ook vanavond weer beschoten en zelf heeft hij zijn bijdrage geleverd in de vorm van verkenning en laag, intimiderend overvliegen. Later, na de debriefing, wordt bekend dat zijn collega vanavond van zijn 20-millimetergeschut gebruik heeft gemaakt.

Dit verhaal is voorafgaand aan publicatie door Defensie gescreend op operationele informatie die de veiligheid van troepen in gevaar zou kunnen brengen. De tekst is niet aangepast.