Met humor in de les letten ze beter op en ze onthouden meer

Er zijn van die vakken, of onderdelen van vakken, waar leerlingen bijna ‘bang’ voor zijn of die nu eenmaal vreselijk saai zijn. Zeg als leraar dan nooit dat “ze er maar even doorheen moeten bijten”, vindt statisticus Ron Berk, auteur van het boek Professors are from Mars, students are from Snickers. De leraar moet juist alles uit de kast halen om het toch interessant te maken en het beste middel is volgens Berk: humor. In een artikel in het juninummer van Monitor on Psychology vertelt een studente met welke toeters en bellen Berk dit zelf aanpakt. Bij een statistiekcollege laat hij achter elkaar twee groepen studenten de klas binnendenderen. De eerste groep op de muziek uit de film All That Jazz, de tweede op het thema uit Rocky, beide groepen in toepasselijke outfit gestoken en navenant bewegend. Terwijl de studenten zich aan het spektakel vergapen, legt Berk uit waar een representatieve steekproef aan moet voldoen, door te illustreren hoe de studenten voor de beide groepen waren geselecteerd en op welke punten zij van elkaar verschillen of juist niet.

Het Monitor-artikel geeft een overzicht van recente studies over de positieve effecten van humor in de klas. Lol tijdens de lessen helpt leerlingen hun faalangst overwinnen en zorgt ervoor dat ze beter opletten en actiever meedoen. De leerlingen onthouden bovendien beter wat ze gehoord hebben omdat ze zich de grappige context waarin de stof werd aangeboden, herinneren.

De grappen moeten wel functioneel zijn, zegt psycholoog Randy Garner van Houston State University, die onderzoek deed naar het gebruik van metaforen bij lastig over te brengen stof, bijvoorbeeld over hoe je onderzoeksuitkomsten moet interpreteren. Hij vertelt zijn studenten een verhaal over twee gevangenen in een cel. Een van hen ontsnapt, en ontdekt dat in de wijde omtrek van de gevangenis slechts woestijn is. Terug in zijn cel hoort hij van zijn medegevangene dat die dit al jaren geleden bij een ontsnappingspoging had ontdekt. ‘Waarom heb je me dat dan niet verteld?’ roept de eerste man uit. Waarop de ander zegt: ‘Je verwacht toch zeker niet dat iemand je zo’n beschamende ervaring zal vertellen?’

Niet alleen leerlingen en studenten zijn gebaat bij humor in de klas, blijkt uit onderzoek. Ook de leraar of professor varen er wel bij. Want leerlingen waarderen de leraren die hun vak met (instructieve) humor larderen hoger, vooral omdat ze merken dat ze toch veel geleerd hebben en hogere cijfers halen.

Er zijn wel grenzen aan klaslokaal- humor, volgens communicatie-onderzoeker Jennings Bryant, die veel onderzoek deed naar ‘instructieve humor’, onder andere voor zijn werk als scriptschrijver van Sesamstraat. Het mag niet zo worden dat leerlingen alleen nog maar gaan zitten wachten op de volgende grap, zegt Bryant. Bovendien moet de humor aansluiten bij de voorkennis van de leerlingen; de intellectuele highbrow grappenmaker schiet het doel voorbij. Marlies Hagers