Kony vreest gelijk lot als Taylor

Druk van het ICC en Groot-Brittannië op het vredesoverleg tussen de Oegandese regering en het LRA verkleint de kans op vrede, zeggen diplomaten in Kampala.

„Vrede is de grootste gerechtheid. We moeten het Internationale Strafhof in Den Haag negeren.” De Noord-Oegandese politicus Norbert Mao uit zware kritiek op de rol van het Internationale Strafhof (ICC) en van enkele westerse landen bij de vredesonderhandelingen met het Verzetsleger van de Heer (LRA).

Een Britse diplomaat in de Oegandese hoofdstad Kampala vertelt dat zijn land een resolutie heeft klaarliggen in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties om het LRA aan te vallen als de besprekingen mislukken. „De resolutie versterkt het mandaat van de VN-troepen in Soedan en in Congo om de LRA-troepen aan te vallen en de leiders te arresteren”, vertelt de diplomaat. „We tolereren deze vredesbesprekingen, maar zouden niet blij zijn met een amnestie voor de LRA-leiders.” De Oegandese president Museveni beloofde, tot ergernis van het ICC, de aangeklaagde LRA leiders Joseph Kony, Vincent Otti, Okot Odhiambo en Dominic Ongwen amnestie als ze zich vóór 12 september overgeven en een vredesakkoord sluiten.

De populaire politicus Norbert Mao was tien jaar parlementslid voor de noordelijke stad Gulu en is nu de voorzitter van het Gulu-district. Hij reageert verontwaardigd op de ontwerpresolutie: „Het Britse initiatief heeft het vredesproces ondermijnd.” Een westerse diplomaat in Kampala kritiseert eveneens de voorgenomen Britse resolutie: „Die is het gevolg van de jubelcampagne in westerse landen voor het ICC, het zijn niet alleen de Britten die zo simplistisch denken. En dat terwijl na twintig jaar oorlog de Oegandezen eindelijk serieus zijn gaan onderhandelen voor vrede.”

Het dilemma is gigantisch. Kun je onderhandelen met wegens oorlogsmisdaden gezochte leiders als dit overleg een einde kan maken aan een van de meest gewelddadige conflicten uit de recente Afrikaanse geschiedenis? Het standpunt van de meeste westerse diplomaten in Kampala is: voer vredesoverleg, maar zorg ervoor dat de aangeklaagde LRA-leiders hoe dan ook bij het ICC in Den Haag terechtkomen. Een diplomaat noemt dit standpunt „belachelijk, omdat de LRA-leiders nooit vrede sluiten als ze daarna naar Den Haag worden afgevoerd.”

Een hoge Oegandees die geregeld per satelliettelefoon met de LRA-leiders praat zegt: „De aanklacht door het ICC zit Otti en Kony heel hoog. Ze komen alleen uit de jungle als Museveni en het ICC op radio en televisie de garanties geven dat ze niet worden vervolgd. Kony weet heel goed wat er gebeurde met de Liberiaanse leider Charles Taylor, die eerst een vrijgeleide kreeg en toen alsnog werd opgepakt. Het ICC creëert een patstelling in de besprekingen.”

Over de grove misdaden die het LRA heeft begaan bestaan geen twijfels, noch over de noodzaak tot een vorm van berechting. „We moeten laten zien dat we geen moordenaars beschermen”, beaamt Norbert Mao. „Wij van de Acholi-stam in Noord-Oeganda hebben tradities die bepalen hoe we moeten omgaan met misdadigers. Wij hebben het westerse recht van het ICC niet nodig.” Tribale en religieuze leiders in het noorden hebben zich herhaaldelijk uitgesproken tegen de bemoeienis van het ICC.

Op de weg naar vrede liggen nog veel landmijnen. Er blijven twijfels bestaan over de intenties van zowel Museveni als het LRA. Een opgewonden Vincent Otti meldde eerder deze maand dat „de boodschapper” (zo heet Kony voor zijn aanhangers) een droom kreeg waarin heel veel bloed stroomde. Die droom volgde op de dood door het regeringsleger van één van de LRA-topcommandanten. Vorig jaar had God Kony in een droom juist opdracht gegeven om vrede te sluiten. Het LRA gebruikte vredebesprekingen in 1994 en 2004 om zich militair te versterken.

President Museveni stelt zich volgens veel waarnemers flexibeler op dan voorheen. „Hij is een grote stap verder gegaan”, zegt een naaste medewerker van hem. „Hij stelt zich vooral bereidwillig op tegenover de Zuid-Soedanese regering, de bemiddelaar bij de besprekingen.” Aan regeringszijde en in het leger zijn ook velen die nog steeds in een militaire oplossing geloven. „Zij verdenken de Zuid-Soedanese vice-president Riëk Machar ervan heimelijk samen te werken met het LRA”.