Evolutie in de polder

Nederland telt relatief het hoogste aantal anti-evolutionisten van heel Europa. Godsdienstfilosoof Taede Smedes zoekt het eerder in onwetendheid dan in anti-evolutionisme. Sander Voormolen

Met de acceptatie van de evolutietheorie in Nederland is het juist slecht gesteld, zegt godsdienstfilosoof Taede Smedes. Aan tafel in de woonkamer van zijn huis te Hillegom reageert Smedes op de recente publicatie in Science (11 augustus) waarin drie onderzoekers opiniepeilingen uit diverse landen naast elkaar legden.

Een van de belangrijkste conclusies: eenderde van het Amerikaanse publiek wijst evolutie af en een aanzienlijk deel van de bevolking is onzeker over de geldigheid van de evolutietheorie. De Verenigde Staten zijn daarmee een conservatieve uitzondering op de rest van de westerse wereld.

Maar volgens Smedes is de lage populariteit van de evolutietheorie in Nederland even zorgwekkend. Wat betreft de acceptatie van de evolutietheorie scoort Nederland in Europa het slechtst van allemaal.

enquête

Smedes trekt die conclusie na bestudering van de ‘supplementary information’ die bij het Science-artikel hoort. “De enquête kent vijf categorieën. Als ik de middelste drie, te weten ‘waarschijnlijk niet waar’, ‘weet niet’ en ‘waarschijnlijk waar’, bij elkaar optel, kom ik tot de conclusie dat zeventig procent van de Nederlanders niet zeker weet of evolutie bestaat. Ik vind dat verbazingwekkend veel. En vijftien procent van de Nederlanders verwerpt de evolutietheorie in zijn geheel. Wij hebben het hoogste aantal anti-evolutionisten in heel Europa!”

Smedes onderzocht twee jaar lang als postdoc aan de faculteit Theologie van de Universtiteit Leiden het spanningsveld tussen religie en wetenschap. Van oudsher spitst de discussie op dit terrein zich toe op de kwestie: zijn de soorten op aarde door god geschapen (zoals de bijbel voorstelt) of ontstonden zij door evolutie? Deze zomer verscheen Smedes’ boek God en de menselijke maat, over de verhouding tussen de natuurwetenschappelijke denkwijze en het christelijk geloof.

Smedes denkt dat de Nederlandse cijfers over de acceptatie van de evolutietheorie, in tegenstelling tot de uitkomsten voor de VS, niet hun oorzaak vinden in sterke anti-evolutionistische bewegingen in ons land. “Een heel grote groep gelovigen in Nederland is niet per definitie anti-evolutionair. Het is meer onwetendheid ten aanzien van evolutie wat mensen hier doet twijfelen. De meeste kerkgangers zijn 45-plussers. In hun schooltijd was de evolutietheorie in het onderwijs nog geen gemeengoed.”

Volgens Smedes hoeft Nederland daarom nog niet meteen te vrezen het ‘Kansas van Europa’ te worden, een plek waar religieus geïnspireerde alternatieven voor de evolutietheorie als het creationisme en Intelligent Design veel aanhang vinden.

“De VS en Europa hebben een heel verschillende ontwikkeling doorgemaakt qua theologie, waardoor in Europa de voedingsbodem voor dit soort stromingen ontbreekt”, zegt Smedes. Volgens de godsdienstfilosoof ontstonden de verschillen bij de stichting van de Verenigde Staten in de zeventiende eeuw. “De Puriteinen [strenge Engelse protestanten, red.] die zich vestigden in de Nieuwe Wereld wilden zich afzetten tegen het oude Europa. Ze namen flink afstand van de Europese tradities, ook de theologische. Rond 1830 kreeg de zogeheten Baconiaanse synthese in Amerika veel aanhang. Francis Bacon bedacht de metafoor van goddelijke openbaring als twee boeken: de natuur en de bijbel. Zo kon je de schepping op twee manieren bestuderen.

“Theologen hadden het laatste woord. Ontdekte de natuurwetenschap iets dat niet klopte met de bijbel, dan was het niet waar. Wetenschap moest zich alleen bezighouden met het verzamelen van feiten, en zich niet bezighouden met verbindende theorieën. Theologen hebben dat overgenomen en zijn de bijbel gaan opvatten als een verzameling feiten. De historische bijbelkritiek, die in Europa in de negentiende eeuw op gang kwam, is tot de Amerikaanse christenen nooit goed doorgedrongen.”

Amerikanen zijn door deze ontwikkelingen meer geneigd tot een letterlijke interpretatie van de bijbel, terwijl Europeanen hem doorgaans overdrachtelijk beschouwen. Smedes: “Vooral in Duitsland ontstond een theologische stroming waarbij het veel meer ging om de inhoud van het geloof. Het ging om de ethiek, om hoe mensen via het geloof in het dagelijks leven een betere burger konden worden. Daardoor ontstond er een scherpe boedelscheiding tussen theologie en wetenschap.”

Het Nederlandse christendom heeft gedeeltelijk ook een voorgeschiedenis van een letterlijke interpretatie van de bijbel. In de jaren twintig van de vorige eeuw speelde bijvoorbeeld de kwestie Geelkerken, over de vraag of de slang uit het bijbelboek Genesis, die Eva verleidde tot het eten van de verboden vrucht, nu wel of niet gesproken had. Dominee Geelkerken had in een preek in 1924 gezegd dat het spreken van de slang niet al te letterlijk genomen moest worden. Het leidde tot een hevige theologische twist in de gereformeerde kerk.

Smedes: “In Nederland heeft met name de gereformeerde theologie sterk de nadruk gelegd op de onfeilbaarheid van de schrift. Dat is ontstaan door contacten met Amerika. In de beginjaren van de Vrije Universiteit in Amsterdam waren er bijvoorbeeld contacten met het Princeton Theological Seminary, een bolwerk van het Amerikaanse christelijk fundamentalisme. Daarnaast staat Nederland van oorsprong juist bekend om zijn ruimdenkendheid. Dat zie je bijvoorbeeld terug bij Spinoza, die een heel organische, biologische schriftopvatting had.”

uitgevochten

Het is die historische achtergrond die verklaart waarom Intelligent Design (ID) vooralsnog niet in Europa aanslaat. Vorig jaar bereikte de discussie over ID ook Nederland. “Ik ben blij dat het meteen is uitgevochten”, zegt Smedes, “Het landt hier nog niet. Ik ken in Nederland geen theologen die de ID-theorie omarmen. Ik twijfel zelfs of er in Nederland überhaupt wel sprake is van echte ID-aanhangers. Voortrekkers als Cees Dekker en Ronald Meester ontkennen geen van allen het bestaan van evolutie.”

Toch vindt Smedes de grote mate van twijfel van Nederlanders rond evolutie potentieel gevaarlijk: “Als dat 15 tot 20 jaar aanhoudt komen we in een zorgwekkende situatie. De kerken in Nederland maken de laatste tijd steeds vaker een ruk naar de evangelische bewegingen. Die zijn heel erg Amerikaans van opzet, gericht op de ervaring van het geloof. Dat past bij het profiel van mensen die ID aanhangen. Die hebben vaak een geloof in een persoonlijke god. En dat geloof willen ze graag verantwoord zien door middel van de ID-theorie.”