De verkeerssluis verwoest auto’s van verdachten zonder vorm van proces

Een kleine verkeersovertreding kan leiden tot een lijfstraf voor de chauffeur en vernieling van zijn auto. Dat gaat veel te ver, vindt Maarten Huygen.

Het eerste slachtoffer van de autostormram ontwaarde ik dit voorjaar bij het station Berchem in Antwerpen. Er stond een klein, hoog model zwarte Mercedes scheef op de weg. Bij nadere inspectie zag ik dat de veren en wielen scheef stonden en dat er olie uitlekte. De portieren, de neus en het dak waren puntgaaf en toch was de auto total loss. De stalen paal stond er naast. Een agent regelde het verkeer en de inzittenden waren weg, misschien naar de eerste hulp.

De overheid had de overtredende auto op staande voet geëxecuteerd, zonder vorm van proces. Omdat de berijder ergens was gekomen waar hij niet mocht zijn, was een engel der wrake uit de grond gerezen en had de auto in het motorische hart en de bodem gespiest. Tienduizenden euro’s schade, zonder mogelijkheden tot beroep, voor een overtredinkje waar normaal hooguit honderd euro boete op staat. Dat is een wanverhouding.

Toch worden deze stormrammen, zogenoemde pollers, ook in Nederland veel toegepast. De sanctie is subiet. De gemeente Abcoude heeft sinds januari een zogeheten ‘doseersluis’ met stoplicht en piramidevormige autostormram om sluipverkeer van de naburige autobaan tegen te houden. Zo stelt Abcoude, vroeger een pittoresk boerendorp, nu een van de rijkste gemeenten, zich teweer tegen het stedelijke geweld van het aangrenzende Amsterdam. Tijdens het spitsuur mag er maar één auto tegelijk door de doseersluis en dan springt het licht weer op rood. Wie even niet oplet of wie het waagt om achter het groene licht van zijn voorganger aan te rijden, wordt meteen van onderen geramd door een ijzeren piramide met een stopteken.

Sinds 20 januari heeft het apparaat in Abcoude al zo’n veertig auto’s verslonden. Tussentijds heeft de gemeente extra waarschuwingen neergezet en borden waarop duidelijk een auto is te zien waarvan de neus door de stormram wordt opgetild. Het hielp niet. Daarna werden alsnog auto’s kapot gebeukt, vijf in juli en tot nu toe twee in deze autoluwe vakantiemaand.

Toen ik voor het eerst iemand over deze ongelukken hoorde vertellen, lachte ik om de stompzinnigheid van de automobilisten en ik zag de slapsticktaferelen al voor me. Een autootje dat terstond uit elkaar valt, een almachtige jeep die kantelt, wielen die hulpeloos in de lucht draaien, airbags die afgaan, wieldoppen die wegrollen. De stuurwielmacho die geschrokken uitstapt, gedegradeerd tot voetganger. Net goed, moeten ze zich maar aan de regels houden. Maar sommigen kregen een lijfstraf, want ze raakten gewond en moesten per ambulance naar het naburige Academisch Medisch Centrum worden vervoerd – omdat plotseling een obstakel omhoogkwam. Ingediende schadeclaims zijn niet gehonoreerd. De getroffenen moeten zelfs de reparaties aan de autostormram betalen.

De stormram is een hogere tree in de escalatie in de wedloop tussen automobilist en overheid. Zeker, de auto is een superieur wapen waarmee de burger veel schade en letsel kan toebrengen aan mensen zonder ijzeren pantser om zich heen. Met de autonavigatie worden onbekende stille wegen opengelegd om voor de file uit te wijken. Snelheidsradar wordt opgespoord met detectoren, jeeps met koevangers voorop rijden obstakels omver en nemen per ongeluk zo nu en dan een fietser te grazen. Dus komt de overheid met tankversperringen en de op en neer bewegende stormram is daar een technische verfijning van. Pluk ze, lik-op-stuk, niet lullen maar poetsen. De meningen van de Abcouders, te lezen op abcoude.com, zijn verdeeld of nou tegen de autoriteiten of tegen de automobilisten moet worden opgetreden. Het hangt er van af of iemand in een door autogeweld getroffen wijk woont of er dagelijks doorheen rijdt.

De doseersluis helpt beslist tegen sluipverkeer door de smalle, drukke hoofdstraat met winkels. Sinds de installatie is volgens gemeenteambtenaar Martijn Plukkel het aantal passanten door Abcoude gehalveerd van 700 tot 350.

Rond een uur of half zes ’s avonds zag ik woensdag een kilometerlange rij auto’s uit Amsterdam trouw wachten. Zonder zo’n sluis waren ze allang door Abcoude gereden. Daar valt nu geen tijd meer mee te winnen, dus onbegrijpelijk dat ze het nog steeds doen. Maar voor de gemeente Abcoude maakt de lengte van de file niet eens uit. Het is de brave new world van het autorijden. Het aantal auto’s per minuut is zo precies af te stellen dat het winkelende publiek in het centrum rustig de straat kan oversteken. In tegenstelling tot de romantiek in de autoreclames wordt de chauffeur een treinmachinist die bij elk sein moet stoppen, zijn snelheid moet aanpassen of wacht tot in de verkeerssluis de wissel wordt omgezet. Het zal niet lang meer duren voor een centrale de besturing van de auto’s overneemt. Je hoeft alleen een bestemming in te toetsen en eventueel de prijs voor het rekeningrijden. Ooit worden we allemaal passagiers, achter het stuur of in de trein.

Een vrouw in een kleine Renault bleef zenuwachtig staan voor de stormram in het wegdek. Ze had laat geremd en omdat ze iets te ver naar voren stond, durfde ze er niet overheen, hoewel hij was ingeklapt maar wie weet, zou hij onverwachts naar boven gaan. De autoriteiten zeggen dat het ding rechtvaardig is, maar die hebben geen auto te verliezen. Ze reed een stukje achteruit. De stormram ging eindelijk omhoog, het licht sprong op groen en toen de stormram weer daalde, durfde ze er pas over heen.

„Ik vind zo’n paal te ver gaan. Een bejaarde die een fout maakt, is meteen duizenden euro’s kwijt”, zegt slager Jan Konijn heel verstandig. Zijn zaak staat aan een smalle bocht in de winkelstraat. Zijn zonwering is in het verleden door passerende vrachtwagens afgereden. Door het raam zie ik twee moeders met hun kinderwagens de straat op gaan omdat de met palen tegen auto’s bewapende stoep te smal is. Zij moeten worden beschermd, waarbij de overheid zich moet laten zien als de geduldigste partij. En dan gaan stormrammen te ver. Er zijn betere middelen, zoals flitspalen. De sluis kan wel het verkeer doseren, maar niet de straf op kleine overtredingen.