Celstraf en boete voor Lazarenko

Voormalig premier Pavlo Lazarenko van Oekraïne is gisteren door de rechtbank in San Francisco veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf en een boete van 10 miljoen dollar (7,84 miljoen euro) wegens het witwassen van fraudegeld en afpersing.

De openbare aanklager had tegen de 53-jarige Lazarenko 18 jaar cel plus 43 miljoen dollar boete geëist. De zaak was zó complex, dat justitie zes jaar nodig had om haar uit te zoeken. Lazarenko had al die tijd huisarrest. Zijn advocaten hebben gevraagd dit huisarrest van de opgelegde celstraf af te trekken. De rechter moet nog beslissen over dit verzoek.

Lazarenko was premier van de Oekraïne tussen juni 1996 tot juni 1997, in de chaotische periode die volgde op de ineenstorting van de Sovjet-Unie waarvan het land deeluitmaakte. Hij verdiende in die periode een fortuim met dubieuze zakelijke transacties, onder andere met gas. Bij de fraudezaak tegen Lazarenko waren bedrijven en banken uit Oekraïne, Polen, Hongarije, Nederland, Zwitserland en de VS betrokken. In Zwitserland is hij bij verstek veroordeeld tot anderhalf jaar voorwaardelijk en 5,9 miljoen dollar boete.

Na zijn val als premier in 1997 werd Lazarenko parlementslid. Justitie wilde hem toen al vervolgen, maar het parlement weigerde zijn onschendbaarheid op te heffen. Eind 1998 ontvluchtte hij Oekraïne en begin 1999 werd hij opgepakt in de VS opgepakt met een vals paspoort. Begin 2002 hief het Oekraïense parlement zijn onschendbaarheid op. De Oekraiense regering had de VS al eerder om zijn uitlevering gevraagd in verband met twee moorden die in zijn opdracht zouden zijn gepleegd. (AP, Reuters)