‘Som geen net-niet-atleet meer’

Het werd tijd dat zijn nationaal record op de 800 meter werd gebroken, zegt Rob Druppers. Dat Bram Som 21 jaar na dato sneller liep, doet de nummer twee van de WK van 1983 deugd.

Henk Stouwdam

Rob Druppers kan onmogelijk geloven dat de ontwikkelingen in de loopsport hebben stilgestaan, maar als pas na 21 jaar zijn Nederlands record op de 800 meter door Bram Som wordt verbeterd, is de atletiek in zijn ogen erg langzaam geëvolueerd. „Het werd hoog tijd”, zegt de oud-atleet, die sinds zijn afscheid al veertien jaar werkzaam is als loop- en conditietrainer bij eredivisieclub FC Utrecht.

Druppers wist dat zijn record van 1.43,56 scherp stond, maar ook weer niet zo scherp dat verbetering ruim twee decennia heeft moeten duren. Som, die een week geleden in Zürich 1.43,45 liet klokken, had al eerder onder die tijd moeten duiken, vindt de 44-jarige Druppers. Aan zijn kwaliteiten als 800-meterloper ligt het niet, wel aan zijn mentaliteit. Te wankelmoedig en niet agressief genoeg, oordeelt de Utrechter die in 1983 als eerste Nederlander een (zilveren) medaille op de WK won.

Maar sinds Som binnen één week Europees kampioen werd én het Nederlands record brak, moet Druppers in de verleden tijd spreken als diens weifelende optreden ter sprake komt. „Als ik naar wedstrijden van Som keek, zat ik me te verbijten en dacht ik te vaak: kom op nou. Hij was typisch een net-niet-atleet. Dat is gelukkig voor hem veranderd. Of dat aan de mentale begeleiding ligt, kan ik op afstand moeilijk beoordelen. Soms heb je dat nodig, maar het kan ook zijn dat hij door schade en schande wijs is geworden. Nee, ik herken me qua mentaliteit niet in Som. Ik was van nature aanvalslustig en liep veel agressiever; ik moest eerder worden afgeremd.”

Druppers keek met plezier naar de race waarin Som Europees kampioen werd. „Dat deed hij goed.” Som won op karakter, dat sprak hem aan. Om met een kritische ondertoon te vervolgen: „Maar hij had ook geluk dat aan de binnenkant een gaatje werd gelaten.”

Dat Som een week later in zijn recordrace tweede werd te midden van ’s werelds sterkste lopers op de 800 meter, heeft Druppers’ waardering, maar zegt hem niet zo veel. „Knap, daar niet van, maar het gebeurt wel in een jaar dat de Europese lopers hun kampioenschap hebben en er voor atleten buiten Europa relatief weinig op het spel staat. Best mogelijk dat de concurrentie een tussenjaar heeft ingelast. De WK van volgend jaar is een betere graadmeter. Dan zal blijken of Som zich echt bij de wereldtop heeft gevoegd.”

Maar tot die tijd moet Som zich niet inhouden, vindt Druppers. Hij moet profiteren van de goede vorm waarin hij steekt. Want vorm is ongrijpbaar en kan zo maar verdwenen zijn, weet de oud-atleet. „Toen ik in 1985 het Nederlands record op de 800 meter in Keulen liep, was dat de derde recordverbetering binnen één week. Daarvoor had ik ook al de nationale records op de 1.000 en 1.500 meter scherper gesteld. En na mijn race in Keulen werd er in de daaropvolgende wedstrijd weer sneller gelopen. Maar toen was ik er niet bij, omdat mijn trainer vond dat ik rust moest nemen. Maar met de vorm was het vervolgens helemaal gedaan. Was ik gewoon blijven meedoen, dan had ik destijds onder de 1.43,00 gelopen.”

Hoewel Druppers het erg naar zijn zin heeft bij FC Utrecht, laat de atletiek hem nog steeds niet los, ook al omdat er in Utrecht een wedstrijd naam hem vernoemd is: de Rob Druppers Meeting, die morgen wordt gehouden. „Als op grote toernooien de 800 en 1.500 meter wordt gelopen, zit ik voor de buis. Nadat ik was gestopt, heb ik bij de atletiekunie twee keer laten weten beschikbaar te zijn. Maar daar is nooit op gereageerd. Ik had graag met jonge talenten willen werken, maar als de atletiekunie geen interesse heeft, houdt het op. Toen ik door FC Utrecht werd benaderd, heb ik die kans gegrepen. Maar het blijft vreemd dat de atletiekunie zo weinig met de kennis van oud-atleten doet. Dat is bij de voetbalbond beter geregeld. Ik denk dat ik nog wel iets voor de loopsport had kunnen betekenen.”

Vraag het international Dirk Kuijt. Die heeft in zijn tijd bij FC Utrecht van Druppers goed, verantwoord en effectief leren lopen. Uit testen blijkt dat Kuijt sindsdien sneller is geworden. Druppers: „Dirk is in alles fysiek ingesteld. Bij het lopen bewoog vooral zijn bovenlichaam. Dat heb ik bijgeschaafd. Maar alleen omdat Kuijt bereid was individueel te trainen om zichzelf te verbeteren. En sporters met zo’n instelling help ik graag.”