Meer Nederlandse films graag

Het filmseizoen zou niet beter kunnen beginnen. In september gaan zowel Zwartboek als Ober in première, de nieuwe speelfilms van Nederlands bekendste filmauteurs, Paul Verhoeven en Alex van Warmerdam, auteurs die bovendien een mooi contrast vormen. Verhoeven is de maker van zeker voor Nederlandse begrippen grote producties voor een groot publiek; Van Warmerdam de maker van kleinoden die liefhebbers een groot publiek zouden gunnen. Tussen die twee uitersten beweegt de Nederlandse film zich. En blijft daarbij helaas al te vaak hangen in het midden.

Zwartboek is de eerste Nederlandse film van Paul Verhoeven na zijn Amerikaanse jaren. Afgaande op de trailer zou je de film een soort Soldaat van Oranje maar dan met meisjes in de hoofdrol kunnen noemen. Verhoeven noemt de film zelf „een correctie op het heroïsche Soldaat van Oranje”. Persvoorstellingen zijn uitgesteld, want Verhoeven sleutelt tot op het laatste moment aan de film, die op 1 september in première gaat op het filmfestival van Venetië. Carice van Houten speelt een joodse zangeres die zich in de oorlog bij het verzet aansluit en aanpapt met een officier van de Sicherheitsdienst, maar verraden wordt.

Het wekte enige verbazing en in sommige kringen teleurstelling dat Zwartboek wel en Ober niet op het filmfestival van Venetië om de Gouden leeuw mag strijden. Van Warmerdams De jurk was daar ooit te zien in een bijprogramma en won de prijs voor de internationale filmkritiek. Een film van Verhoeven is er nog nooit vertoond. Beide films zijn wel op het festival van Toronto te zien. Maar Zwartboek is de Nederlandse inzending voor de Oscars.

Ober opent nu op 28 september het Nederlands Film Festival in Utrecht. Daar gaan nog twee van de grote speelfilms van dit najaar in première, Nachtrit van Dana Nechushtan en Sl8n8 van Frank van Geloven en Edwin Visser. Nachtrit is geïnspireerd op de Amsterdamse taxi-oorlog. Niemand kan meer zeggen dat de Nederlandse film vooral uit bedaagde boekverfilmingen bestaat. Ook Wild Romance van Jean van de Velde, over popmuzikant Herman Brood in de jaren zeventig, legt de recente geschiedenis vast. De film, waarin Brood wordt gespeeld door Daniel Boissevain, gaat begin november uit, tegelijkertijd met de opening van een tentoonstelling over het fenomeen Brood in het Groninger museum.

Genrefilms zijn in Nederland altijd dun gezaaid. Sl8n8 is een van de films die de Nederhorror leven in wil blazen. Het Nederlands filmfestival wijdt er een special programma aan. Horrorfilms gedijen volgens hun regisseurs vaak niet in het Nederlandse subsidiestelsel. Vandaar dat juist hier vaak naar alternatieve financiering wordt gezocht. Horizonica, die ook in première gaat op het festival, werd geheeld door vrijwilligers gemaakt. „Het enthousiasme van de vrijwilligers zal het succes van Horizonica worden”, hoopt regisseur Ramon Etman. Je zou willen dat er ook andere films louter met behulp van vrijwilligers konden worden gemaakt, want het blijft in Nederland moeilijk een film van de grond te krijgen. Ik wacht al jaren op Mark de Cloe’s Het leven uit een dag, een verfilming van het gelijknamige boek van Afth, en De vliegenierster van Kazbek van Ineke Smits, een film gesitueerd tijdens de Georgische opstand op het eiland Texel aan het einde van de tweede Wereldoorlog. Daar staat tegenover dat Martin Koolhoven, die in 2005 zowel de films Knetter als Het schnitzelparadijs maakte, ook dit jaar weer een film in de bioscoop weet te brengen, de ‘interraciale’ romantische komedie ’N beetje verliefd, die met Kerst verwacht wordt.

De kinderfilm is misschien het meest volwassen Nederlandse filmgenre. Twee regisseurs die er hun sporen verdienden, brengen dit najaar allebei een nieuwe film. Maria Peters verfilmde Carry Slee’s populaire jeugdroman Afblijven!. Ben Sombogaart waagde zich aan Thea Beckmans verrukkelijke Middeleeuws avontuur Kruistocht in Spijkerbroek. Om de film te kunnen financieren, moest hij wel Engelstalig worden. Ben benieuwd of hij ook in de Nederlandse bioscopen Crusade in Jeans zal heten.