Voor Fransen wachten cadeautjes

De Franse economie groeit veel harder dan verwacht, bleek uit cijfers deze week. Met de verkiezingen in aantocht maken politici zich op voor mooie beloften.

De verrassing is des te groter in een land dat zich in het afgelopen jaar vooral heeft beziggehouden met alles wat niet goed loopt. Het nieuws aan het einde van de zomer gaat in Frankrijk niet over mislukte arbeidshervormingen, massawerkloosheid over de staatsschuld of gaten in de sociale zekerheid.

Het nieuws is dat het beter gaat met de Franse economie. Met een groei in het tweede kwartaal van 1,1 procent zit Frankrijk boven de gemiddelde groei in de eurozone van 0,9 procent en in de top van de OESO-landen.

De economische groei van Frankrijk is in een versnelling gekomen die jarenlang niet vertoond is. En dat is niet het enige. De werkloosheid blijft in stapjes dalen, en zal naar verwachting in de komende maanden voor het eerst sinds president Chirac in 2002 werd herkozen onder de 9 procent komen. In het tweede kwartaal zijn er bijna 52.000 nieuwe banen geschapen, het beste resultaat sinds vijf jaar. In het hele jaar komen er naar verwachting zeker 200.000 banen bij, waarvan 80 procent in de private sector.

Ondertussen vallen de belastinginkomsten mee (plus 3 miljard euro) en wordt alom voorspeld dat de Franse regering zich dit jaar kan houden aan het geraamde begrotingstekort van 2,8 procent, onder de Europese 3-procentsnorm.

Zoveel goed nieuws brengt politici in de verleiding. Over acht maanden zijn er presidentsverkiezingen, en dure cadeautjes aan de kiezer zijn zo beloofd. Versterking van de koopkracht belooft een populair thema te worden bij de rentree na de vakanties dit jaar – het kabinet komt vandaag weer bijeen. Premier Dominique de Villepin kondigt naar verwachting volgende week de eerste maatregelen aan.

In de oppositie wordt geschermd met verhoging van het minimumloon als eerste maatregel als de – nog onbekende – linkse kandidaat verkozen wordt. Binnen de regering kan het teruglopen van de werkloosheid ook nog worden opgevat als aanmoediging om meer gesubsidieerde arbeid te scheppen.

Maar banenplannen zijn niet de motor voor verbetering van de werkgelegenheid, zegt minister van Financiën Thierry Breton, ze kunnen alleen maar helpen. De basis is economische groei. Deze week bevestigde het Insee, het Franse bureau voor statistiek en economische analyse, dat het bruto binnenlands product in het tweede kwartaal met 1,1 procent is gegroeid. De Banque de France en economen waren uitgegaan van een 0,6 tot 0,7 procent groei.

De versnelling is de grootste opvering van de Franse economie sinds eind 2000. In het eerste kwartaal was de groei 0,5 procent. Breton kan er rustig van uit gaan dat zijn raming van een groei voor het gehele jaar tussen de 2 en 2,5 procent gehaald gaat worden: 1,9 procent is al binnen. Alleen een bruuske stilval van de groei kan nog tot een tegenvallend eindresultaat leiden.

Hoe stabiel is de groei? Toen het Insee twee weken geleden de – toen nog – „1,1 à 1,2 procent” als schatting naar buiten bracht, reageerden analisten verrast. Sommigen veronderstelden dat de groei vooral het gevolg moest zijn van hogere consumptieve bestedingen. Maar de Franse consumenten moesten zich daarbij dan wel in de schulden hebben gestoken. Want de koopkracht was in het tweede kwartaal juist gemiddeld met 0,4 procent gedaald. Minister Breton sprak dat overigens tegen: hij zei dat de koopkracht in zes jaar niet zo hard was gegroeid. Maar hij baseerde zich op jaarcijfers.

Uit de meer uitgebreide gegevens van het Insee van deze week blijkt dat de consumptie niet de enige motor in de groei is. Zij steeg met 0,7 procent, tegen 0,9 in het eerste kwartaal. Als eerste verrassing werd begroet dat bedrijven meer zijn gaan investeren: een vooruitgang van nul procent in het eerste kwartaal naar 1,5 in het tweede. Alleen de auto-industrie, die te lijden heeft onder de hoge olieprijzen, onttrekt zich aan de positieve tendensen.

Verder voorzien bedrijven, gezien hun gestegen voorraden, dat de kooplust aanhoudt. Het Insee brengt deze ontwikkeling ook in verband met het enige minpunt: het tekort op de handelsbalans in het afgelopen kwartaal. De export is weliswaar met 1,8 procent gestegen, maar de import met 3,3 procent. Dat zorgt voor een negatieve invloed op de Franse groei van 0,5 procent.

Breton heeft in interviews laten weten de verwachtingen niet naar boven bij te stellen. Hij heeft rekening te houden met heel lijstje onzekerheden: van de ontwikkeling van de Amerikaanse economie tot het aanhouden van de Duitse consumptieve groei na de btw-verhoging in 2007 en, niet in de laatste plaats, een mogelijke renteverhoging van de Europese Centrale Bank. En met de verkiezingscampagnes.