Na 8 jaar duikt Natascha ineens op

Acht jaar geleden werd de toen 10-jarige Natascha Kampusch in Wenen ontvoerd. Gistermiddag dook zij plotseling op. Haar ontvoerder gooide zich ’s avonds voor de trein.

„Ik hoop het, ik hoop, ik bedoel, ik kan het nauwelijks geloven. Maar het zou het mooiste zijn wat er bestaat.” Stotterend beschreef de vader van Natascha Kampusch, de inmiddels 18-jarige Oostenrijkse die in 1998 spoorloos verdween, aan journalisten hoe hij zich voelde, vlak voor hij gisteravond zijn dochter terugzag.

Inmiddels staat vrijwel vast dat de jonge vrouw, die plotseling opdook bij een huis in het rustige Weense voorstadje Strasshof, Natascha Kampusch is. DNA-onderzoek moet de positieve identificatie door familieleden en een computerreconstructie van het ‘verouderingsproces’ op basis van een foto uit 1998 nog bevestigen, maar dat lijkt een formaliteit. Daarmee is een van de meest geruchtmakende Oostenrijkse politiezaken opgelost.

Op 2 maart 1998, een maandagochtend, verdween de 10-jarige Natascha Kampusch spoorloos terwijl ze op weg was naar school. Het was ongeveer twee jaar na de affaire rond de Belgische kindermoordenaar Marc Dutroux, die ook de Oostenrijkers nog vers in het geheugen lag. Bij de politie kwamen duizenden aanwijzingen binnen van mensen die dachten iets van de zaak te weten. Ze werden allemaal nagetrokken, zonder resultaat.

Een 12-jarig meisje meende gezien te hebben dat Natascha met geweld een wit busje werd ingetrokken. Maar zij was de enige – hoewel het in die buurt druk was op dat tijdstip. Onderzoek van 700 witte bestelwagens in heel Oostenrijk bleef zonder resultaat. Duikers zochten in slootjes in de buurt naar een lijk, met helikopters met camera’s die reageren op lichaamswarmte werd de omgeving afgespeurd. Tot in Hongarije werd gezocht. Maar Natascha Kampusch bleef onvindbaar.

Tot woensdagmiddag, toen ze zich meldde met de mededeling: ‘Ik ben Natascha Kampusch’, bij buren van de man die haar acht jaar lang vasthield. De gewaarschuwde politie ging achter de ontvoerder aan, een ongehuwde 44-jarige elektrotechnicus, die met de auto wist te vluchten en zich later op de avond in Wenen-Leopoldstadt voor de trein gooide.

Natascha Kampusch heeft waarschijnlijk al die jaren vastgezeten onder de garage van haar ontvoerder, in een kelder van drie bij vier meter die alleen bereikbaar was via een klein luik. De politie, die nog maar weinig over de zaak kwijt wil, vermoedt dat het meisje de eerste jaren helemaal niet buiten is geweest, maar later af en toe mee mocht als haar ontvoerder boodschappen deed. De ontvoerder zou haar zo bang hebben gemaakt dat ze niet durfde te vluchten. Hij zou hebben gezegd dat het huis was afgeschermd met explosieven en dat degene die zou vluchten of zou proberen binnen te dringen, zou worden „gegrild”. Waarschijnlijk is Natascha mishandeld en seksueel misbruikt.

De politie zei gisteren dat ze de dader al enige tijd op het spoor zouden zijn geweest. „We waren al geruime tijd dichtbij”, aldus een woordvoerder van het Bundeskriminalamt, de recherche. Dinsdag nog was groot materieel ingezet in de buurt van Wenen. Al was de politie in de eerste plaats op zoek naar een lijk. Dat Natascha levend is opgedoken was ook voor de onderzoeksleider „in de eerste seconde ongelofelijk, een onvoorstelbaar goede verrassing”.

Er valt nog weinig te zeggen over hoe de vrouw eraan toe is. De politie zegt heel voorzichtig te willen zijn met het verhoor, gezien de psychische toestand van de vrouw. Ze zou lijden aan het zogeheten Stockholm-syndroom, waarbij het slachtoffer zich met de dader identificeert. Haar fysieke gesteldheid zou redelijk zijn, al was ze wel erg bleek – een teken dat ze lange tijd geen daglicht heeft gezien.

Onduidelijk is hoe Natascha in haar gevangenis heeft geleefd. Volgens de politie mocht ze naar de radio luisteren en televisie kijken. Ook kreeg ze boeken en af en toe een videofilm. Mogelijk heeft haar ontvoerder haar les gegeven. Volgens sommige Oostenrijkse media was de man een bekende van de familie, over zijn motief tast de politie nog in het duister.