Met de camera zoeken naar de waarheid

De bloeiende filmcultuur van de Balkan is in verval, blijkt op het filmfestival van Sarajevo, maar de passie voor cinema bestaat er nog steeds. „Met film drukken we hier onze identiteit uit.”

Consternatie op de rode loper van het Sarajevo Filmfestival. Bono, de zanger van U2, is gesignaleerd. Fotografen en cameramannen rennen naar de ingang van het Nationaal Theater en verdringen zich rond de popster die onverwachts het festival bezoekt. Tijdens de Zooropa-tour in 1993 legde U2 per satelliet contact met het belegerde Sarajevo en liet inwoners aan het woord. Sindsdien onderhoudt Bono een bijzondere relatie met Sarajevo.

Een handjevol internationale sterren, onder wie Nick Nolte en Mike Leigh, en de aankleding van het Nationaal Theater met rode loper en spotlights moeten het festival allure geven. Maar de rode loper is net niet rood en behalve Prada-schoenen zijn er ook teenslippers te zien.

Wat ooit ontstond als kleine undergroundscene is uitgegroeid tot het belangrijkste festival van de regio. De nadruk ligt op het stimuleren van de regionale film. In het regionale competitieprogramma draaien films uit het voormalige Joegoslavië, Albanië, Roemenië, Bulgarije en Hongarije. Dit jaar nemen ook films uit Griekenland en Turkije deel.

Het festival staat dit jaar in het teken van debutanten. Van de negen speelfilms in de competitie, zijn er zeven van jonge regisseurs die hun eerste volwaardige speelfilm maken. Damir Janeèek (24) uit Bosnië maakte Halid Buniæ – The Eternal, een documentaire over Halid, de beheerder van het Bosnische filmmuseum Kinoteka. Zijn moeder baarde hem in de cabine van een bioscoop. De zoon wijdde zijn leven aan het vertonen van films. Zelfs in het leger vertoonde hij films voor zijn medesoldaten.

Halid Buniæ – The Eternal gaat over het belang van filmcultuur. De Balkan kent een rijke filmtraditie die vandaag de dag niet langer bloeit. In het vredesakkoord van Dayton (1995) is geen zin over cultuur opgenomen. Sarajevo’s vele culturele centra staan leeg. Volgens Janeèek zijn mensen te druk bezig met overleven. In de Kinoteka komt nauwelijks meer iemand.

„De passie voor film bestaat nog steeds. Op de Balkan is film een manier om uitdrukking te geven aan je nationale identiteit”, zegt Rada Sesic, samenstelster van het regionale documentaireprogramma. „Het is ons enige exportproduct. Als een film uit deze regio een internationale prijs wint, zoals Grbavica van Jasmila Zbanic die dit jaar de Gouden Beer won, raakt dat iedereen. Van taxichauffeur tot minister.”

Dit jaar had Sesic de keuze uit ruim 130 inzendingen voor het regionale documentaireprogramma, bijna het dubbele van voorgaande jaren. Sesic: „De meeste documentaires gaan dit jaar over zoeken naar de waarheid omtrent gebeurtenissen tijdens de oorlog, identiteit en de zoektocht naar een vaderland. In veel films is de hand van de maker steeds beter te herkennen.”

Janko Baljaks Vukovar – Final Cut wil de slag om Vukovar zo waarheidsgetrouw mogelijk reconstrueren. Baljak maakt hierbij gebruik van archiefbeelden van zowel Servische als Kroatische televisiezenders. De archiefbeelden tonen de waanzin van de oorlog op persoonlijk niveau. De film blinkt uit in details, maar door de overvloed aan informatie krijgt de kijker nauwelijks greep op deze gruwelijke geschiedenis.

Beter geslaagd is Statement 710399 van Refik Hodziæ. Hij heeft gekozen voor het verhaal van vier mannen die de massa-executies rond Srebrenica wisten te overleven. Op hun vlucht werden ze opnieuw opgepakt door de Bosnische Serven. Sindsdien is niets meer van hen vernomen. Tien jaar na de oorlog gaan hun familieleden naar de agenten die een laatste verklaring van de vier hebben opgenomen. Door dit persoonlijke perspectief wordt duidelijk hoe diep de oorlog ingrijpt in het dagelijks leven in Bosnië.

Veel speelfilms gaan eveneens over de naweeën van de oorlog. In het sfeervolle Das Fraulein van Andrea Štaka ontmoet de Bosnische Ana de Joegoslavische Ruza. De eenzame Ruza is vijfentwintig jaar geleden uit Belgrado naar Zwitserland gekomen, de twintiger Ana ontvluchtte haar land na de oorlog. Beide vrouwen worstelen met de vraag waar ze thuishoren: Ruza verlangt naar een thuisland dat niet meer bestaat, Ana’s land is verwoest. De keuze voor het perspectief van de diaspora maakt duidelijk uit hoeveel verschillende thuislanden het voormalig Joegoslavië bestaat.

Nafaka vertelt het verhaal van tijdens en na de oorlog aan de hand van uiteenlopende karakters in Sarajevo. Regisseur Jasmin Durakovic maakt daarbij gebruik van het opvallende perspectief van de Amerikaanse Janet die tijdens de belegering in Sarajevo woont. Durakovic: „Tijdens de oorlog kwamen veel buitenlanders naar Sarajevo. Deze nomaden hadden allemaal zo hun eigen motief. Ik gebruik zo’n nomade, Janet, om dingen uit te leggen die anders voor buitenlanders onbegrijpelijk zouden zijn.”

Films als Gouden Beer-winnaar Grbavica, Oscarwinnaar No Man’s Land en de winnaar van de Camera d’Or 12:08 East of Bucharest, bewijzen dat films van de Balkan steeds meer succes oogsten in het buitenland. De jonge Janeèek is hier blij mee. „Maar”, zegt hij, „ik zou graag zien dat meer van deze succesvolle filmmakers ook de verantwoordelijkheid zouden nemen voor het in stand houden van onze filmcultuur.”