‘Existentieel zijn wij een natie geworden’

Ghassan Tueni is een prominent lid van de christelijke gemeenschap in Libanon. Hij ziet grotere eenheid in Libanon. Maar Israël en Syrië blijven een grote bedreiging.

Een gigantisch portret van de eind vorig jaar vermoorde journalist Gibran Tueni hangt tegen de spiegelglazen voorgevel van zijn krant An-Nahar op het Plein van de Martelaren in de Libanese hoofdstad Beiroet. Op een ander kantoorgebouw op datzelfde plein hangt de eveneens vorig jaar vermoorde oud-premier Rafiq al-Hariri. Beide moorden zijn aan Syrië toegeschreven.

„We kunnen nog meer politieke moorden verwachten”, zegt Ghassan Tueni, vader van Gibran. „De Syriërs hebben sinds de moord op Hariri in februari 2005 veel van hun aanhang onder de Libanezen verloren”, legt hij uit. „En de overblijfselen van de pro-Syrische Libanese partijen kunnen niet genoeg krijgen van de grote ideeën van Bashar al-Assad; ze willen politiek terrein terugwinnen na de overwinning van Hezbollah en dreigen af te rekenen met wat zij zien als pro-Amerikaanse verraders, de anti-Syrische 14 Maart-beweging en de regering van Fouad Siniora. Ze spreken openlijk over politieke moorden; iedere dag komen ze met een nieuwe zwarte lijst met nog meer namen.”

Ghassan Tueni is 80. Hij studeerde samen met Henry Kissinger in Harvard, is oud-parlementslid en ex-minister en was van 1981 tot 1991 ambassadeur bij de Verenigde Naties. Na de moord op zijn oudste zoon vorig jaar nam hij diens taak als uitgever van An-Nahar, de invloedrijkste Libanese krant en spreekbuis van de christelijke anti-Syrische beweging, opnieuw over.

Bij Gibrans begrafenis vroeg hij de Libanezen de haat te begraven, maar niet de gerechtigheid. „Ik wil het gerechtelijk onderzoek afwachten. De Syriërs? Zij komen zeker in aanmerking, maar ik besef dat er hier ook andere krachten aan het werk kunnen zijn. Maar de Syriërs beschuldigen zichzelf in hun eigen media: er staat te lezen dat ze vinden dat mensen zoals hij als collaborateurs met Israël vermoord moesten worden.”

Bent u bang voor een nieuwe burgeroorlog?

„Niet direct, al blijft het gevaar reëel omdat de Syriërs Libanon politiek willen destabiliseren. Stel dat ze morgen Walid Jumblatt vermoorden. Er bestaat geen twijfel over wat zijn druzen – vechtjassen en erg trouw aan hun leiders – dan zouden doen. Aan de andere kant geeft het feit dat de christenen de afgelopen weken de shi’itische vluchtelingen uit het zuiden met open armen hebben ontvangen aan dat er nu een gezond besef van nationale eenheid is.”

„We hopen dat het geweld bezworen blijft. Maar de onderliggende problemen blijven bestaan; Israëls agressieve politiek aan de ene kant, en zijn weigering om de het gebied van de Shebaa-boerderijen terug te geven. Maar ook Syrië wil Libanon destabiliseren. Het koppelt de Shebaa-kwestie aan de strijd voor de door Israël bezette Golan. Het lijkt alsof dezelfde dynamiek voor Israël en voor Syrië de choreografie voor het volgende gruwelballet in Libanon schrijft.”

„De Israëliërs zullen blijven zoeken naar alibi’s. Ze haten ons – ze haten de Palestijnen ook, maar dat is een ander verhaal – maar Libanon vormt een uitdaging voor hun zionistische staat gebaseerd op één enkele godsdienstige identiteit. Wij zijn de negatie van dat model, een pluralistische samenleving. Die boodschap van harmonie tussen verschillende gemeenschappen willen de Israëliërs vernietigen. Ze willen ook onze economie vernietigen, omdat we hen als we de kans krijgen, de loef afsteken als financiële groeipool en toeristisch centrum in de regio.”

Volgens sommige Amerikaanse journalisten was de oorlog ook een generale repetitie voor operaties tegen de Iraanse nucleaire installaties, zegt Tueni. „Maar het was niet erg succesvol, dus mocht ik in het Witte Huis zitten zou ik die klus niet langer aan de Israëlische generaals overlaten. De shi’itische organisatie Hezbollah heeft hier de mythe van de Israëlische onoverwinnelijkheid vernietigd; niet dat ze hen militair hebben verslagen, maar ze werden niet weggevaagd en dwongen hen terug.”

Zal Hezbollah een Libanese agenda volgen?

„We kunnen de overwinning van Hezbollah beschouwen als overwinning voor alle Arabieren, voor alle moslims en voor heel Libanon, maar we kunnen niet ontkennen dat deze kan worden uitgebuit door Iran en Syrië. Maar Hezbollah heeft de toespraak van de Syrische president (die de voorstanders van ontwapening van Hezbollah voor verraders versleet) niet verwelkomd. Er waren zelfs uitgesproken negatieve reacties van de zijde van Hezbollahkopstukken die stelden dat Syrië niet van deze overwinning moeten gebruik maken om hier in Libanon de lont in het kruit te werpen.”

Maar er is nog een aspect, voegt Tueni eraan toe: „Dat Hezbollah voor het Westen en voor Israël een door Iran geleide terreurorganisatie is. Dat maakt de toekomstige politieke rol van Hezbollah erg problematisch. Maar wij hier zien Hezbollah helemaal niet als een volksvreemde terreurbeweging.”

Wat is de positie van de Libanese christenen na dit conflict?

„Wij hebben grote verwachtingen, en we zijn bezorgd. We willen samenleven met de moslims en allerminst een soort nieuwe kruistocht in het Midden-Oosten.

Wij zijn niet de kinderen van de kruistochten, en niet een ongelukje in de geschiedenis. Wij waren hier al lang voor de kruistochten en hebben ook de islamitische verovering overleefd. Onze geschiedenis geeft aan dat de neo-conservatieven rond president Bush het helemaal fout zien: zij zijn zelf een historische vergissing, wij niet.

Is de Libanese nationale identiteit door de oorlog versterkt?

„Jazeker, als we het overleven. Op het eerste gezicht lijkt het of er meer spanning is, maar als je dieper kijkt dan zie je het duidelijk: existentieel zijn wij een natie geworden. Het gebruik van de oude terminologie is nu irrelevant: we weten dat Jumblatt zich tegen Hezbollah en Iran moet afzetten om zijn aanhang bijeen te houden en dat Saad Hariri zijn sunnieten dient te sussen. Je wilt toch niet dat hij hun vraagt te bidden voor Nasrallah? We kennen die komedie. Ze spelen allemaal hun rol.”

Het doel is de verschillen op de juiste manier te beheren?

„Ja, en de gemeenschappen de kans te geven tot een hecht weefsel samen te groeien. Dit is de eerste keer dat de shi’ieten zo massaal in de christelijke delen zijn gekomen. De meeste christenen hadden nooit eerder shi’ieten gezien: ze dachten waarschijnlijk dat ze een staart hadden of klauwen.”

Tueni ziet invoering van het burgerlijk huwelijk als een directe manier om de tegenstellingen te doorbreken. Zelf trouwde hij als orthodox christen met de druzische dichteres Nadia Hamadeh die in 1983 overleed. Hij schrijft een paar van Nadia’s versregels in zijn recent heruitgegeven essay ‘Een oorlog voor de anderen’: „Open je armen voor mijn herinnering, het is tijd om het vergeten te omarmen.” Hoe toepasselijk, mijmert hij, het hoofd schuddend.