Assertief of meegaand: doe de tweeminutentest

Iedereen vraagt het zich wel eens af: kom ik genoeg voor mezelf op of heb ik een ruggengraat van rubber en laat ik over me heen lopen? Ben ik een kenau of een voetveeg? Er is een troost: ook de bladen zijn het er niet over eens. Volgens Psychologie Magazine passen mensen zich te vaak aan. Opzij is juist bang dat vrouwen te assertief zijn geworden.

‘Weg met de grote mond’ zet Opzij boven het stuk. Een opmerkelijke stelling, gegeven de rol die het ‘feministisch maandblad’ de afgelopen decennia heeft gespeeld in het mondiger maken van vrouwen.

Maar het gaat Opzij om een ander soort mondigheid. Het stuk blijkt te gaan over onverdraagzaamheid en schaamteloos egocentrisme, die bij mannen én vrouwen voorkomen. De houding van ‘wie maakt mij wat’ die ouders, onderwijzers en collega’s tot wanhoop drijft. „Hoe brutaler, hoe populairder onder je schoolgenoten”, constateert een onderwijzer zorgelijk. Terwijl zij zelf vroeger nog leerde dat bescheidenheid een deugd is.

Opzij blijkt nog steeds te vinden dat assertiviteit goed is (voor man én vrouw, moeten we aannemen), maar over-assertiviteit en agressie contraproductief. Daarin bestaat dan wel een verschil tussen mannen en vrouwen: het is vaak stress die vrouwen agressief maakt, en zij zien dat als een schaamtevol verlies van controle. Terwijl mannen agressie juist zien als een middel om controle uit te oefenen.

Wie na het lezen van Opzij bang is over-assertief te zijn, kan terecht bij Psychologie Magazine. Voor een tweeminutentest om uit te maken hoe meegaand je bent. Volgens dit blad zijn de meeste mensen veel conformistischer dan we willen. We dénken maar dat we eigenzinnig en uniek zijn – tweederde van de mensen die na een diner vóór de koffie weg willen, blijft toch zitten tot na de koffie. Of tot iemand ander als eerste opstaat.

Er zijn verschillende redenen waarom mensen zich aanpassen, maar de belangrijkste is toch: aardig gevonden willen worden. „Uit de groep gestoten worden, is het ergste wat ons kan overkomen.” Wat weer een verklaring is voor de epidemie van ‘mondigheid’ waar Opzij over schrijft: als iedereen brutaal is, kan jij niet achterblijven.