‘Het gaat u allemaal niets aan'

Het Amsterdamse Alpinvest gaat door als het best bewaarde geheim op het gebied van ‘private equity’ in Nederland. Gesteund door de pensioenfondsen ABP en PGGM stroopt de firma de wereld af.

Miljarden hebben zij achter de hand, maar Alpinvest blijft op de kleintjes letten.

Goedemorgen, ik ben op zoek naar een jaarverslag van Alpinvest. Kunt u mij een exemplaar sturen?

„Wij publiceren geen jaarverslag.”

U publiceert geen verslag?

„Nee. We deponeren alleen jaarstukken bij de Kamer van Koophandel.”

Wilt u mij die dan sturen?

„Nee, ik verwijs u naar de Kamer van Koophandel.”

Alpinvest beheert miljarden euro, maar publiceert geen jaarverslag, bent u gezien uw positie niet maatschappelijk verplicht om dat te doen? Waarom zo geheimzinnig?

„Wij zijn niet geheimzinnig, we houden ons aan alle relevante regels. Ik verwijs u naar de Kamer van Koophandel.”

Alpinvest is een miljardenbedrijf. Vanuit een kantoortje aan de rand van Amsterdam met uitzicht op een snelweg en een jachthaven steekt Alpinvest kapitaal in honderden, zo niet duizenden bedrijven, overal ter wereld.

In 1999 beheerde het fonds 600 miljoen euro, nu meer dan 30 miljard euro. Dit jaar verwacht Alpinvest investeringen te doen ter waarde van 3,5 miljard euro.

Alpinvest investeert in Nederlandse bedrijven die niet op een effectenbeurs zijn genoteerd en in andere, gespecialiseerde beleggingsfondsen die op hun beurt geld steken in bedrijven buiten de beurs. Private equity heet deze vermogensbron in het Angelsaksische jargon.

Het geld van Alpinvest stroomt naar startende medische technologiebedrijven in Texas, naar verzelfstandigde bedrijven in Zuid-Amerika en het Verre Oosten, naar middelgrote bedrijven in Engeland en naar groeibeluste ondernemingen in Oost-Europa.

De hele wereld popelt om zaken te doen.

Twee jaar geleden tipte de Britse zakenkrant Financial Times Alpinvest als het best bewaarde geheim van Nederland dat toch onthuld is. De aanleiding was de populariteit van bestuursvoorzitter Volkert Doeksen van Alpinvest bij zijn debuut op het World Economic Forum in het Zwitserse Davos.

[Vervolg ALPINVEST: pagina 12]

ALPINVEST

Hele wereld lonkt naar Alpinvest

[Vervolg van pagina 11] Volkert Doeksen, bestuursvoorzitter van Alpinvest, bleek tijdens de jaarlijkse jamboree van ondernemers, financiers, politici en mediamensen, een gewild gesprekspartner.

In Nederland is het fonds buiten wat financiële specialisten zo goed als onbekend. Doeksen, een voormalige zakenbankier bij Dresdner Bank in Londen en later bij zakenbank NIB Capital in Den Haag, haalde de recente lijst van de Volkskrant met de 200 invloedrijkste Nederlanders bijvoorbeeld niet. Het Engelse blad Financial News zette hem onlangs wel op nummer 56 van de machtigste 100 mannen en vrouwen in de Londense City, het financiële hart van Europa.

Onbekend in Nederland, maar o zo invloedrijk. Alpinvest is een aandeelhouder van betekenis in talloze Nederlandse bedrijven. In Maxeda, de nieuwe naam voor detailhandelsgigant Vendex KBB. In salarisverwerker Raet. In producent van medische apparatuur Delft Instruments. In informatieleverancier VNU. In de halfgeleiderdivisie van Philips. Met ingang van dit jaar heeft het de meeste directe investeringen in Nederlandse ondernemingen overigens afgesplitst in een zelfstandige beheerder, genaamd Taros Capital.

Alpinvest krijgt het benodigde geld van de twee grootste Nederlandse pensioenfondsen. De ene is ABP uit Heerlen, beheerder van 194 miljard euro beleggingen, dat de pensioenen verzekert van meer dan een miljoen ambtenaren en leraren.

De ander is PGGM, het fonds in Zeist met 74 miljard euro beleggingen dat een miljoen werknemers in zorg en welzijn voorziet van pensioen. Zij zetten zich samen ook in voor bijna een miljoen (vroeg)gepensioneerden.

In weerwil van de klank van zijn naam heeft Alpinvest niets met de Alpen te maken, maar alles met investeren. De ‘Alp’ komt uit de naam van een van de grondleggers van Alpinvest, de Algemene Participatiemaatschappij, ooit een dochter van ABN voor investeringen buiten de beurs.

De firma (102 werknemers in 2005) heeft kantoren in Amsterdam en New York en wil ook in Hongkong een eigen vestiging openen. Het brutosalaris van een gemiddelde werknemer: 185.000 euro, ruim boven dat van een gemiddelde Nederlandse minister (158.000 euro).

De beloning van de vier directeuren samen in 2005 was 5,1 miljoen euro, zo blijkt uit de jaarstukken die bij de Kamer van Koophandel zijn gedeponeerd. Wat zij individueel verdienen, zegt het jaarverslag niet. Daar zou het fonds niet mee weg komen als ABP en PGGM Alpinvest als beursgenoteerde onderneming de maat zouden nemen.

Met welke private equity-fondsen Alpinvest zaken doet is een bedrijfsgeheim. De jaarstukken van Alpinvest geven daarover geen informatie. Ook ABP en PGGM noemen in hun eigen jaarverslagen geen namen.

ABP en PGGM publiceren in hun verslagen wel een overzicht van hun tien grootste belangen op de aandelenbeurs, in het vastgoed en in effecten met een vaste rente. Maar geen top-10 met de grootste private equity-investeringen.

Werknemers en de buitenwereld tasten in het duister. Ook andere vakbonden dan de publieke sectorbonden in het PGGM- en ABP-bestuur hebben geen idee waar het geld wordt geïnvesteerd. Zo kan de ene groep werknemers via zijn pensioenfonds profiteren van hoge rendementen op private equity, terwijl een andere groep zijn baan kan verliezen in een sanering door dezelfde private equity-eigenaar. Het maakt het werk van de private equity-financier wel zo makkelijk.

Waarom geen verantwoording van de private equity-investeringen? Het gaat de buitenwereld niets aan. „Bij private equity is de relatie tussen belegger en bedrijf een heel andere dan bij een beursgenoteerde onderneming bijvoorbeeld”, zegt een PGGM-woordvoerder. Bedrijven op de beurs moeten openheid betrachten tegenover hun beleggers en bij private equity krijgen PGGM en ABP alle relevante informatie.

Het bestuur van het fonds krijgt die gegevens als afgevaardigde van de deelnemer, aldus de PGGM-woordvoerder. „Op die manier is er wel transparantie, maar geen openheid.”

De werknemers die verplicht voor hun pensioen sparen bij PGGM en ABP hebben overigens geen directe invloed op de benoeming van de bestuurders die de beslissingen nemen over beleggingen, zoals private equity. De vakbonden en werkgeversorganisaties die in de sector cao-onderhandelingen voeren, dragen afgevaardigden voor het pensioenfondsbestuur voor, die door het bestuur worden benoemd. Er bestaat niet zoiets als een openbare vergadering waarin werknemers bestuurders kunnen afvaardigen of wegsturen.

Ook jurist Geert Raaijmakers van ABP ziet geen aanleiding tot meer externe informatie over private equity. ABP publiceert elk kwartaal een rendementsoverzicht. „We gaan als ABP al verder dan de normen die voor verantwoording gelden.” Verder zijn de individuele beleggingen volgens hem ook te klein om te melden.

Het is volgens hem vooral van belang dat de ABP-deelnemers weten dat de procedures voor de beleggingen adequaat zijn en zorgvuldig worden nageleefd. Meer inhoudelijke informatie over de beleggingen heeft een lagere prioriteit. „Wij krijgen van deelnemers zelf geen klachten of vragen over dit soort informatie.”

Ook het feit dat het toonaangevende, net iets kleinere Amerikaanse pensioenfonds Calpers, waaraan het ABP zich wel eens spiegelt, wél een lijst publiceert met beleggingen in private equity-fondsen, kan Raaijmakers niet vermurwen.