De coke gaat in eigen zak

Bad Lieutenant gaat over een intens slechte agent.

Serpico volgt de kruistocht tegen corruptie bij de politie.

Zoals een romantische komedie niet zonder misverstanden kan, zo bestaan er ook weinig politiefilms zonder corrupte agenten. Ieder genre heeft zo zijn eigen vaste elementen. In de klassieker Serpico (1973), vorige maand verschenen op dvd, pakt Al Pacino het corrupte korps heel voortvarend aan. Wie wil weten wat er echt in het hoofd van een ontspoorde agent omgaat, kijkt met stijgende verbazing naar de dvd van Bad Lieutenant (1992).

In die duivelse film blijkt Harvey Keitel geknipt voor de rol van een aan lager wal geraakte tough cop, die al in het begin zijn ware gezicht laat zien. Nogal kribbig zet hij zijn kinderen af bij school. Maar wat eerst nog lijkt op een hardnekkig ochtendhumeur, blijkt een heel andere oorzaak te hebben. Hij moet een lijntje coke nemen om de dag goed te beginnen. Zijn stiekeme gesnuif is niets vergeleken bij wat komen gaat. In het drijfzand van New York kan hij zich ternauwernood staande houden. Keitel is niet zomaar corrupt, hij is slecht tot op het bot. Zodra het kan maakt hij misbruik van zijn politiebadge. Zo koopt hij in een schimmig trappenhuis een zakje coke bij zijn dealer en roept snibbig naar een nieuwsgierige buurvrouw: „Get back, police activity!”, alsof hij een schurk in de kraag aan het grijpen is.

Gaandeweg krijg je steeds meer medelijden met deze botterik, hoe slecht hij ook is. Obsessief op zoek naar drugs voor eigen consumptie onderzoekt hij een verdachte auto waarin een kilo coke zou zijn verborgen. Niet uit plichtsgetrouwheid, maar om de buit in eigen zak te steken. Vervolgens houdt hij twee meiden aan, zogenaamd omdat ze met een kapot achterlicht rijden, maar eigenlijk omdat hij ze wil overhalen tot seks. Zijn ondergang wordt ingezet met een dramatisch verlopend gokhandeltje rondom een serie honkbalwedstrijden. De ten hemelschreiende boetedoening van deze zondaar in het gangpad van de kerk is inmiddels een klassiek voorbeeld geworden van over the top acteren dat wel degelijk door merg en been kan gaan.

Terwijl bad cop Keitel tegen zijn eigen demonen strijdt, vecht good cop Al Pacino in Serpico in zijn eentje tegen het Systeem. Als kersverse agent komt hij er eind jaren zestig achter dat het New Yorkse politiekorps doordrenkt is van corruptie, van kleinschalige bijverdiensten tot het incaseren van grote sommen zwijggeld. Frank Serpico ontpopt zich tot koppige klokkenluider, maar hij stuit op een ‘blue wall of silence’. Deze muur van stilte bestaat volgens de licht paranoïde, antiautoritaire weblog frankserpico.blogspot.com van de echte Serpico nog steeds.

Serpico paste in een hele reeks films die begin jaren zeventig Grote Misstanden ontrafelde, zoals All the president’s men en The China Syndrome. Serpico-regisseur Sidney Lumet heeft zijn materiaal zo uit de krantenkoppen geplukt. De politieman die een gouden insigne krijgt omdat hij éérlijk is, haalde uiteindelijk de New York Times. Deze krant bracht het omkoopschandaal als eerste aan het licht, dankzij de tips van Serpico. Het gevolg was dat hij door zijn collega’s werd uitgekotst en spot en wraaknemingen voor lief moest nemen. „Hoe kun je een agent vertrouwen die géén geld aanneemt”, zegt een van zijn collega’s, waarmee hij illustreert hoe groot de groepsdruk is.

Serpico stapt uit die geïsoleerde wereld, terwijl onze Bad Lieutenant steeds verder verdwaalt. Serpico is de eenling die het opneemt tegen de grote bazen. Hij staat lijnrecht tegenover de Bad Lieutenant, de eenzame ziel die zich ver van alle machthebbers en het Systeem vastdraait in zijn eigen raderen. Allebei staan ze er alleen voor, maar de helletocht van de bad cop laat veel beter zien wat een corrupte agent drijft dan de verbeten kruistocht van de moedige Serpico. Slechteriken doen het nu eenmaal vaak beter op het witte doek.

dvd

DVD

Bad Lieutenant (1992) Regie: Abel Ferrara, met: Harvey Keitel, Zoë Lund *****

Serpico (1973) Regie: Sidney Lumet, met: Al Pacino, John Randolph ****