Baby komt erin, auto gaat eruit

Ellen van der Zanden (26) werkt als lerares Nederlands in ArnhemSalaris: 2.482 euro bruto per maandSparen: 250 euro plus 50 euro in een lijfrentepolisSportschool: 37,50 euroHuishouden: zij en haar vriend storten iedere maand 850 euro euro op een gezamenlijke rekening, daarvan betalen ze de hypotheek van 698 euro, hun auto’s, verzekeringen en de boodschappen

Je bent acht maanden zwanger. Gaat dat je financiële situatie veranderen?

„We hebben natuurlijk veel gekocht voor de baby. Dat maak je zo duur als je zelf wilt. Ik wilde heel graag een nieuwe kinderwagen en maxi-cosi, niet eentje waar andere kinderen in hebben gelegen. Dat kost dan meteen 800 euro. De spullen voor de babykamer hebben we tweedehands gekocht. Na de geboorte ga ik minder werken: ik neem een dag ontslag en een dag ouderschapsverlof. Mijn vriend krijgt onbetaald een dag vrij. Ik weet nu nog niet goed hoeveel een baby kost. We zullen straks zeker minder kunnen uitgeven. Luiers zijn duur.”

Je spaart nu best veel. Ga je ook sparen voor de baby?

„Ja. Die 250 euro per maand zal ik straks niet meer kunnen sparen. Wel willen we een spaarrekening openen waar we iedere maand wat op storten, bijvoorbeeld voor als ons kind straks wil studeren. Ik ga er niet vanuit dat er tegen die tijd nog zulke fijne beurzen als nu bestaan. Meestal zoek ik geldzaken goed uit en weeg alles tegen elkaar af. Voor mijn lijfrentepolis heb ik heel bewust gekozen. Maar je moet me na een paar maanden niet vragen wat ook weer de voordelen waren. Dan heb ik het laten gaan.”

Waarom beleg je niet?

„Ik moet er niet aan denken. We hebben niet eens een beleggingshypotheek genomen. Volgens mij zijn wij van de zekere generatie. We zijn opgegroeid in de jaren negentig toen alles kon. Daarna knapte de zeepbel uit elkaar. Daardoor neem ik liever geen risico’s. Mijn ouders hebben me ook altijd opgevoed met: geef geen geld uit dat je niet hebt. Zelfs toen ik studeerde heb ik maximaal een tientje rood gestaan.”

Jullie hebben meerdere auto’s?

„Nu zijn het er nog drie. Eén familycar, daarvoor heb ik laatst mijn stadsautootje ingeruild. En mijn vriend heeft een oude Amerikaan, een Chevrolet Camaro uit ’68. Daar houdt hij van, die mag nooit weg. Dan hebben we nog een oude Opel, maar die moet je zien als een soort oude fiets die we nog in de schuur hebben staan. We rijden er nooit mee. Hopelijk levert hij nog wat op. Voor de baby er in is, moet die auto eruit.”

Janna Laeven